Het Engelse supertalent Matthew Brennan imponeert in de Vuelta niet alleen met zijn snelheid, maar ook met zijn klimvermogen. Een vergelijking met Michael Matthews of Peter Sagan is dan snel gemaakt.
Wie Matthew Brennan als type renner zou moeten omschrijven, zou wellicht uitkomen bij alleskunner. Hoewel de sprint zijn sterkste punt is, kan hij ook goed klimmen, in prologen strijden om ritzeges en klassiekers winnen. Na zijn tweede ritzege in de Ronde van Spanje zei hij tijdens het flashinterview: ‘Ik ben een sprinter, maar ik kan ook wel een beetje klimmen.’
Brennan werd op 6 augustus 2005 geboren in Darlington, een stad in het noordoosten van Engeland. Hij groeide op in een fietsfamilie en nam met hen deel aan fietstochten op zaterdag, al lukte het hem pas na een tijdje om de volledige route af te leggen.
De kleine Brennan sloot zich aan bij wielerclub Stockton Wheelers en viel al snel op bij de scouts van het Britse baanwielrennen. Als junior behaalde hij meerdere wereldtitels op de baan, maar legde zich ondanks zijn succes toe op het wegwielrennen. Hij vertrok naar het jeugdteam van de ouders van Tom Pidcock – de wegwielrenner die afgelopen weekend het WK mountainbike won – die hem ook naar koersen buiten het Verenigd Koninkrijk reden.
In 2024 maakte hij de stap naar het opleidingsteam van Visma-Lease a Bike. De toen 18-jarige Engelsman was in zijn eerste twee koersen bij de profs, in Kroatië, meteen de snelste. Ook in zijn eerste koersen voor de hoofdmacht van Visma maakte Brennan indruk.
Een jaar later was hij in de Tour Down Under in zijn eerste rit in de World Tour dicht bij de zege, maar werd hij nog nipt geklopt. In de Ronde van Catalonië, de Ronde van Romandië en de Ronde van Polen was het wel raak op het allerhoogste niveau. Met in totaal twaalf zeges, waarvan vier in de World Tour, was Brennan een van de renners die het vaakst met de handen in de lucht over de streep kwam.
Misschien wel de meeste indruk maakte hij in Parijs-Roubaix, waar hij samen met de allerbesten uit het Bos van Wallers reed. In de finale van zijn eerste monument bleek de afstand van meer dan 250 kilometer hem nog wel iets te lang. Het was dan ook die prestatie die hem het meest verbaasde.
Nadat Brennan in de Ronde van Duitsland Jonathan Milan, die vorig jaar tweemaal de snelste was in de Tour, had geklopt, sprak Wout van Aert lovend over zijn teamgenoot. ‘Hij is amper 20, maar hij koerst en praat alsof hij 30 is. Ik heb nu al het gevoel dat hij nog weinig te leren heeft. Zijn grote sterkte is dat hij in alle situaties kalm en koel blijft’, zei hij tegen Het Nieuwsblad.
Net als toen offert de Belg geregeld met plezier zijn eigen kansen op voor Brennan. Die is op zijn beurt ontzettend blij met Van Aert als ploeggenoot. ‘Het is fantastisch om hem te volgen in het peloton, want je kunt echt vertrouwen op zijn power. Hij is ook goed in het navigeren in de finales. Dat heeft geholpen in de Deutschland Tour en hopelijk ook in de toekomst. Als ik midden in de chaos in zijn wiel kan zitten? Dat is fantastisch.’
Door zijn prestaties werd er dit seizoen veel van hem verwacht. Na wederom een sterke start in Australië ging Brennan hard onderuit in de Omloop Het Nieuwsblad, de traditionele openingskoers van het klassieke voorjaar. Desondanks won hij de volgende dag met Kuurne-Brussel-Kuurne zijn eerste klassieker, terwijl sprinters als Jonathan Milan, Biniam Girmay, Arnaud De Lie en Paul Magnier na een zware koers moesten lossen.
De afgelopen drie jaar zijn de winnaars van Kuurne-Brussel-Kuurne erg succesvol in de Vuelta. In 2024 won Van Aert naast de Vlaamse klassieker drie etappes in de Spaanse ronde, een jaar later presteerde Jasper Philipsen hetzelfde. De pluche ezel (die de winnaar van die koers traditioneel krijgt) geeft blijkbaar later in het seizoen vleugels.
Na het Vlaamse openingsweekend werd Brennan in aanloop naar Milaan-San Remo ziek. Daardoor miste hij de inhoud om een rol van betekenis te spelen in de belangrijkste afspraken van het voorjaar. In zijn droomkoers, de Ronde van Vlaanderen, haalde hij bij zijn debuut de finish zelfs niet.
In gesprek met Wielerflits magazine vertelde Brennan, die nog tot eind 2029 vastligt bij Visma, over zijn toekomstdoelen: ‘Het team heeft een groot plan met mij en wil niet dat ik mij enkel en alleen focus op de klassiekers. We willen meer focussen op mijn groei als allround renner, iemand die op verschillende parcoursen uit de voeten kan. Maar de ploeg wil dat eerst testen en mij dat laten ontdekken. Met andere ploeggenoten, maar ook in een ondersteunende rol waarbij ik zelf niet voor de winst ga.’
In de Ronde van Burgos, voor veel renners de laatste voorbereidingskoers voor de Vuelta, won Brennan de eerste en de vierde etappe. Vooral die eerste zege was indrukwekkend, aangezien de laatste 900 meter een gemiddeld stijgingspercentage kende van meer dan 5 procent. Niet iets voor een pure sprinter, maar Brennan bewees meer dan dat te zijn.
Vanwege de op papier geringe sprintkansen verkozen de meeste rappe mannen de Baloise Belgium Tour boven de Vuelta. Bij afwezigheid van Jasper Philipsen, Tim Merlier, Olav Kooij en Jonathan Milan is Brennan de favoriet in de sprint. Op basis van pure snelheid lijkt Jordi Meeus zijn grootste uitdager, maar de Belg verteert de hoogtemeters een stuk minder goed.
In de chaotisch verlopen achtste etappe, waarin Tadej Pogacar zwaar ten val kwam, kwam Brennan in de sprint niet verder dan de tiende plaats. Waar hij in zijn gewonnen ritten dankzij Christophe Laporte en Wout van Aert in de beste positie aan zijn eindsprint kon beginnen, was hij afgelopen zaterdag in de finale hun wiel kwijt. Bryan Coquard ging er verrassend met de zege vandoor.
In het puntenklassement trekt Visma-Lease a Bike de kaart van Van Aert. De Belg gaat na het uitvallen van Pogacar ruimschoots aan de leiding. Hij is de enige renner die echt een doel maakt van de tussensprints. Brennan moet bij de tussensprints nog net niet in de remmen knijpen om een concurrent van zijn ploeggenoot te worden.
Voor Brennan ligt de focus deze Vuelta uitsluitend op ritzeges, al lijkt hij in de toekomst geknipt voor de strijd om de groene trui. Met nog enkele sprintkansen in het verschiet zou hij zijn toch al geslaagde Vuelta nog memorabeler kunnen maken. De etappe van woensdag lijkt Brennan op het lijf geschreven.
De ambitieuze renner vertelde aan Wielerflits al een volgend doel te hebben: de Tour de France. ‘Die start volgend jaar in het Verenigd Koninkrijk en daar wil ik de eerste etappe en de eerste gele trui winnen. Het zou jammer zijn als ik die Tour zou missen, maar als ik er dan nog niet klaar voor ben als wielrenner, dan begrijp ik het wel.’
Source: Volkskrant