Home

De zoon leefde op bratwurst. Niet koosjer, vermoedelijk ook niet gezond, maar ik ben coulant van nature

De botsautootjes in het Weense Prater lagen er die middag keurig bij, enkele volwassenen, het bier nog in de hand, hadden al plaatsgenomen in de autootjes. Ook wat kinderen zouden meedoen, zonder bier. Mijn zoon had al een tijd zijn zinnen op de botsauto gezet, in New York vonden ze hem te klein, in Wenen knepen ze een oogje toe. De Oostenrijker is coulant van nature.

Hij bleek inderdaad niet bij het gaspedaal te kunnen, dat moest ik doen, maar sturen deed hij alleraardigst, al botsten de volwassenen met het bier in hun hand regelmatig hard tegen ons op. Om de angst te bezweren riep ik bij elke botsing luid: ‘Hoppakee.’

Ik was in Wenen om mijn vriend George te ontmoeten die over Sigmund Freud, Stefan Zweig, Gershom Scholem, Heinrich Heine en de stilte heeft geschreven. ’s Avonds kwam er een babysitter, zodat George en ik elkaar niet uitsluitend in de nabijheid van botsautootjes hoefden te ontmoeten.

De zoon leefde op bratwurst. Niet koosjer, vermoedelijk ook niet gezond, maar net als de Oostenrijker ben ik coulant van nature en geneigd tot een zekere joviale aanpassing.

Omdat de botsautootjes veel van me hadden gevraagd, weken we uit naar een meertje nabij Wenen om rustig en gezond te zwemmen, Badeteich Gerasdorf. Entree: 12 euro. Enkele bejaarde Oostenrijkers met gemoedelijke buiken waar ze zich niet voor schaamden lagen in het gras. Wat Oekraïense vrouwen met jonge kinderen speelden in de zon. Het terras werd uitgebaat door een Serviër die uitsluitend Servisch sprak op het woord bratwurst na. Ook verklaarde hij dat alleen contante betaling mogelijk was. Dat deed hij in een taal die ik noch Duits noch Servisch zou willen noemen.

De taal van de liefde en die van het geld zijn internationaal. De laatste levende takjes van het universalisme.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next