Tanja Koen (1925-2026) In 1951 was Tanja Koen de eerste televisie-omroepster van de NCRV. Vorige week maandag overleed ze op 100-jarige leeftijd. Volgens de omroep was Koen „een van de laatste vertegenwoordigers van de generatie die de Nederlandse televisie heeft helpen opbouwen”.
Tanja Koen in 2010.
Tanja Koen, de eerste tv-omroepster van de NCRV, is vorige week maandag op 100-jarige leeftijd overleden. Dat maakte haar familie dinsdag bekend via KRO-NCRV. De omroepdirecteur meldt in het bericht: „Met het overlijden van Tanja Koen nemen we afscheid van een van de laatste vertegenwoordigers van de generatie die de Nederlandse televisie heeft helpen opbouwen”.
Naast haar werk als omroepster presenteerde Tanja Koen tot in de jaren zeventig programma’s als Spaanse Dansen, Een tegen allen en diverse natuurrubrieken: Van alles over dieren, Dier en vriend, Ja Natuurlijk. In het programma Wie wil er mijn marmotje zien? kwamen kinderen met huisdieren langs, waarna Artis-directeur Han Rensenbrink iets over de dieren vertelde.
Tanja Koen groeide op in Haarlem, wilde ballerina worden en trouwde in 1946 met radiomaker Peter Koen. Wegens de woningnood trokken ze in de Orangerie bij het NCRV-gebouw van Hilversum. „Heel veel glas en wel vier meter hoog”, vertelde ze in december in De Gooi en Eemlander. In 1946 begon ze als invaller op de radio omdat een omroepster zich verslapen had. In de Volkskrant zei ze in januari: „Ik vloog mijn bed uit, kleedde mij snel aan en rende naar de studio, die grensde aan de tuin.”
Toen de televisie in 1951 begon, werden alle radio-omroepsters gevraagd een screentest te doen: „De floormanager zei: drie tellen na nu. Het ging goed, ik versprak me niet. Dat deed ik later ook nooit.” Presenteren deed ze live vanuit Studio Irene, een wit kerkje in Bussum. Koen: „’s Morgens ging ik naar de kapper en dan twintig minuten lopen naar de bus richting Bussum. Met een sjaaltje op mijn hoofd in de hoop dat mijn haar niet verwaaide. Er was in de studio wel iemand voor de make-up. Anders sloeg je wit uit op het scherm.”
Buiten het kerkje stonden borden, met in grote letters: ‘Uitzending, stilte.’ Er ging in de begintijd geregeld wat mis. Koen in de Volkskrant: „Als er van de ene camera naar de andere werd overgeschakeld, dan flopperden de beelden door elkaar.”
Tanja Koen was in één klap beroemd: „Als er steeds dezelfde juffrouw in beeld kwam die de programma’s aankondigde, trok dat de aandacht.” In de weekenden stonden er, volgens Koen, rijen mensen voor haar huis in Blaricum, die van heinde en verre waren gekomen. Voor dit doel had Koen strooikaarten laten drukken, met foto en handtekening.
In de jaren zeventig presenteerde ze nog diverse programma’s en zat ze in het panel van Zo Vader Zo Zoon. In 1990 keerde ze eenmalig terug als kandidaat-moeder. Haar laatste tv-klus was begin jaren tachtig Het Stedenspel met Dick Passchier.
Tanja Koen woonde in Ede met haar twee honden Mila en Tinkel, ze kookte nog zelf en speelde piano, bij voorkeur sonates van Schubert en Beethoven. Vorig jaar op 9 december vierde ze haar honderdste verjaardag. Zij laat vier kinderen, zeven kleinkinderen en vier achterkleinkinderen achter.