Sliman Mansour was een invloedrijke Palestijnse kunstenaar. Hij schilderde onder meer nostalgische doeken met landschappen vol olijfbomen. Die beschouwde hij als de stille getuigen ‘van de geschiedenis en de veerkracht van ons volk’.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant.
Voor Palestijnse kunstenaars was Sliman Mansour een enorme inspiratiebron. ‘Hij heeft echt de funderingen gelegd voor wat Palestijnse kunst vandaag is. Dat zie je terug in de thema’s en in hoe ze het land en het Palestijnse volk afbeelden’, zegt Karim Salhab, die met zijn ouders The Levantine Gallery runt, een galerie voor Palestijnse kunstenaars in Jeruzalem.
Ook buiten de kunstwereld was zijn impact groot. Mansour maakte alle fasen van de Israëlische bezetting mee. ‘Hij zag het als zijn taak om de Palestijnse identiteit levend te houden en door te geven aan nieuwe generaties’, zegt Ellen van Werkhoven, docent Culturele Antropologie aan de Radboud Universiteit. Ze ontmoette Mansour in 2023 voor haar onderzoek naar kunst als verzetsvorm.
De schilderijen van Mansour zijn wereldberoemd en zijn uitgegroeid tot symbolen voor het Palestijnse leven onder Israëlische bezetting. Hij won internationale prijzen en exposeerde onder meer in Parijs, New York en Dubai. Zijn familie kondigde vorige week zijn overlijden aan. Mansour overleed op 79-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Oost-Jeruzalem, waar hij een groot deel van zijn leven woonde.
Mansour groeide op in een christelijk gezin in Birzeit nabij Ramallah, op de toen nog niet bezette Westelijke Jordaanoever. Birzeit (Arabisch voor ‘oliebron’) is een historische Palestijnse plaats, bekend om de vele olijfbomen en weelderige groene omgeving. Hij werd geboren in 1947, een jaar voor de stichting van de staat Israël en de Nakba, toen zo’n zevenhonderdduizend Palestijnen uit hun huizen werden verdreven.
Als jonge jongen tekende Mansour al graag. Op school werd hij aangemoedigd door een Duitse docent, die zijn werk in 1962 instuurde voor een wedstrijd voor de Kinderen van de Wereld van de Verenigde Naties. Mansour won. Het deed de tiener besluiten te proberen om kunstenaar te worden.
De jaren zestig waren een belangrijke periode in de vorming van de Israëlische identiteit. Daarin was geen ruimte voor de Palestijnse geschiedenis. Voor de komst van de Israëliërs zou er slechts een dorre woestijn zijn geweest. ‘Dat was de strategie van de zionistische beweging: je bestaan ontkennen, want als je er niet bent, is het veel gemakkelijker om je land af te pakken, je te vermoorden of je gevangen te zetten,’ zei Mansour in 2023 tegen de nieuwssite Middle East Eye.
Het maakte dat kunstenaars op zoek gingen ‘naar beelden die onze identiteit weerspiegelen’, aldus Mansour. Hij baseerde zich op de cultuur en het landschap van zijn jeugd. Zo schilderde hij nostalgische beelden van het Palestijnse dorpsleven en landschappen vol olijfbomen. In veel schilderijen staan mooie, sterke vrouwen centraal met traditionele geborduurde kleding en relatief grote handen. De vrouwen symboliseren het moederland, hun grote handen hun zorgzaamheid.
De olijfboom, misschien het vaakst te zien in Mansours werk, zou uitgroeien tot het ultieme symbool van ‘sumud’, de Palestijnse term die standvastigheid betekent. ‘De olijfboom is voor ons niet zomaar een boom, maar een getuige van de geschiedenis en de veerkracht van ons volk’, zei Mansour vorig jaar in een interview met het Italiaanse tijdschrift Grazia. Het verzorgen en oogsten van historische olijfbomen werd een daad van verzet op zich.
Op verschillende manieren verbeeldde Mansour het Palestijnse leven onder bezetting. Een van zijn bekendste schilderijen is De Kameel der Ontberingen uit 1973, waarop een man te zien is die gebukt gaat onder een enorme last: de stad Jeruzalem die hij op zijn rug draagt. Het is een reactie op de Israëlische bezetting van Oost-Jeruzalem in 1967. Het schilderij symboliseert de last van onderdrukking en tegelijkertijd de diepe wens naar een Palestijnse staat met Jeruzalem als hoofdstad.
Mansour werd steeds meer tegengewerkt door de Israëlische autoriteiten. Toen hij met andere kunstenaars in 1979 werken tentoonstelde in Ramallah, werden allerlei ‘opruiende’ schilderijen geconfisqueerd. Het zorgde ervoor dat kunstenaars subtielere symbolen voor de Palestijnse identiteit moesten gebruiken.
Het was in die tijd verboden de Palestijnse vlag af te beelden. Het idee om de watermeloen als alternatief te gebruiken, ontstond volgens Mansour door een gesprek met een Israëlische soldaat die Palestijnse kunstenaars probeerde te overtuigen geen politiek getinte kunst te maken. ‘Als ik een bloem schilder in rood, groen, zwart en wit, wat doet u dan?’ vroeg schilder Issam Badr. ‘Zelfs als u een watermeloen schildert, wordt die in beslag genomen’, antwoordde de soldaat.
Gedurende de Eerste Intifada, de Palestijnse volksopstand die in 1987 begon, liep Mansour voorop in de boycot van Israëlische kunstbenodigdheden. Hij week uit naar natuurlijke materialen als henna, stro en modder. De modder werd een vaste waarde in zijn werk, als representatie van de connectie van de Palestijnse bevolking met het land. De vredesduif was een ander terugkerend thema, zeker in de jaren voor de Oslo-akkoorden van 1993.
Mansour bleef tot het einde van zijn leven actief. Hij woonde in Oost-Jeruzalem en reisde meerdere keren per week naar zijn studio in Ramallah, op de bezette Westelijke Jordaanoever. Die route, langs steeds meer Israëlische checkpoints, duurde van drie kwartier tot wel zes uur, vertelde hij de Middle East Eye.
Een recent beroemd schilderij is ‘From the River to the Sea’ uit 2021, waarop een vrouw een boom (half olijfboom en half sinaasappelboom) omarmt. De sinaasappelboom staat voor de kustregio en de olijfboom voor het binnenland. ‘Het is een oproep voor eenheid onder de Palestijnen als verzet tegen de Israëlische pogingen om het land en de bevolking te verdelen’, zegt Karim Salhab van The Levantine Gallery.
Met zijn kleurrijke schilderijen heeft Mansour volgens hem veel mensen kennis laten maken met een Palestina dat niet meer bestaat. ‘Zelfs mensen die er nooit zijn geweest, hebben door hem de schoonheid van Palestina leren kennen’, zegt Salhab.
3x Sliman Mansour
Mansour was een van de eerste die de watermeloen als symbool voor de Palestijnse strijd gebruikte. ‘Alles wat Israël boos maakte, werd later een symbool’, zei hij.
Hij speelde een belangrijke rol in de oprichting van organisaties en instituties voor de Palestijnse kunst.
Het internationale veilinghuis Christie’s verkocht vorig jaar een naamloos schilderij van de sinaasappeloogst van Mansour voor omgerekend 380 duizend euro.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant