Home

Roeier Karolien Floris blij met brons op de soms moeizame weg terug omhoog: ‘Ik heb echt mijn beste wedstrijd gevaren’

Karolien Florijn vaart haar eigen koers. Bij haar terugkeer op de WK roeien, na een jaar afwezigheid, brengt dat haar naar brons in de skiff. ‘Ik voel dat er nog marge is.’

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

Karolien Florijn lijkt te zoeken waar ze na de finish van de WK-finale haar ranke skiff moet aanleggen. Er ligt een motorbootje in de weg, maar toch moet ze daar zijn, daar waar op een met blauw tapijt beklede steiger een groot cijfer drie is neergezet. Wanneer ze eenmaal is uitgestapt, springen broers Finn en Beer haar om de nek. En dan komen ook de tranen om het brons, tranen van opluchting en van vreugde.

‘Het is pure ontlading’, vertelt Florijn even later. ‘Ik ben heel erg blij. Supertrots dat het me gelukt is hier op de WK in eigen land: een bronzen plak. Ik heb echt mijn beste wedstrijd gevaren, alles eruit gehaald.’

33 races, 33 keer winst

Ongekend was de overheersing van Florijn in de skiff, met de olympische gouden medaille van twee zomers geleden in Parijs als hoogtepunt: ze was de eerste Nederlandse vrouw met die titel. Van de 33 internationale races die ze roeide in de jaren 2022-2024, won ze er 33. Maar na het olympisch seizoen nam ze gas terug, ze wilde meer aandacht aan haar studie geven, even weg van het monomane van het roeien op topniveau.

Stil zat ze nooit: ze bleef trainen, maar pas dit seizoen keerde ze terug in competitie. Een succes was dat niet. Bij de wereldbeker in Sevilla stuitte Florijn in de heats met haar wiebelige scheepje tegen een hekgolf van een meevarende boot en sloeg om. Haar eerste race eindigde na 400 meter met een nat pak. ‘Vandaag ben ik tenminste in de boot blijven zitten’, grapt ze zondagmiddag. ‘Dat is ook al een hele vooruitgang natuurlijk.’

Nieuwe concurrenten

In de tijd dat Florijn zich in wedstrijden niet liet zien, meldde zich een nieuwe vrouw die het nummer naar haar hand zette: Lauren Henry. De Britse roeide met Florijn-achtige dominantie rond: 24 races in de skiff met 23 overwinningen. De enige dissonant was de zilveren medaille bij de WK van vorig jaar in Shanghai, waar ze verslagen werd door Fiona Murtagh uit Ierland.

Het waren precies deze vrouwen die Florijn tegenover zich trof in de finale. De Nederlandse nam het voortouw, leidde de wedstrijd zelfs tot halverwege, maar zag toen hoe Henry langzaam maar zeker voorbijkwam en afstand nam. En in de eindsprint moest ze het afleggen tegen Murtagh. Maar dat deerde Florijn niet, die wist hoe moeizaam de terugkeer bij tijd en wijlen was.

Verwacht van Florijn geen klaagzang. De rugblessure waar ze mee te maken kreeg was heus vervelend, maar iedere roeier heeft met zulke tegenslagen te maken. ‘Het is dan de vraag hoe je daar het best mee omgaat.’ Hetzelfde adagium hanteert ze bij de frictie die ze ervaart bij het varen van haar eigen koers binnen de Nederlandse bondsstructuur.

Eigen mening

Florijn is er diplomatiek over. Hoe ze met een eigen coach, Willem-Jan de Widt, is gaan werken en hoe dat niet zonder slag of stoot ging bij de roeibond. ‘Er is overleg’, zegt ze. ‘En daarin heb ik zelf ook wel mijn eigen mening. Ik draai natuurlijk al zoveel jaar mee dat je op een gegeven moment wel een beetje weet wat wel en niet werkt, dus het is gewoon leuk om te tweaken en daarin eigenlijk dat te doen wat voor jou als atleet het beste is.’

Het is voor haar ook logischer, vindt ze. Anders dan de meeste roeiers aan de Bosbaan zit zij immers in haar eentje in een boot en dan is het niet zo gek om om maatwerk te vragen. Maar ze onttrekt zich niet aan de nationale ploeg, benadrukt ze. ‘Ik denk dat ik 98 procent van het collectieve plan gewoon volg. Er zijn alleen een paar kleine afwijkingen die voor mij, denk ik, iets beter zijn.’

Nog niet de beste Karolien

Dat onderschrijft Matthias Verstraelen. De Belg is haar fysioloog, degene die haar trainingsprogramma’s schrijft en in dienst is van de roeibond. Hij heeft naast Florijn in haar skiff ook de vrouwen-acht en de vrouwenvier-zonder onder zijn hoede. ‘Ja, haar coaching is anders, maar verder is veel van wat zij doet gelijk aan wat ze met het team doet.’

Verstraelen is net als Florijn tevreden met haar optreden bij de WK. Dat ze niet om de zege mee kon strijden, is nu eenmaal de realiteit, zegt hij. Na het jaar waarin studie voorrang kreeg en dit jaar, waarin de teleurstelling in Sevilla en fysieke malheur de WK-voorbereiding doorkruisten, was een betere vorm niet realistisch. ‘Hebben we hier de allerbeste Karolien al gezien? Nee, natuurlijk niet. Ze is nog niet de Karolien van twee jaar geleden, maar ik lig daar niet zo wakker van.’

Stip op de horizon

Er is tijd, weet hij. En Florijn voelt hetzelfde. Zij voelt zich met het resultaat in Amsterdam gesterkt in de ambitie om over twee jaar in Los Angeles haar olympische titel te prolongeren. ‘Dat is de stip op de horizon voor mij. Daar wil ik mijn allerbeste zelf zijn, met het beste team om me heen’, zegt ze. ‘En ik voel dat er nog marge is, dat ik nog kan klimmen. Stap voor stap.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next