Home

Bewoners Nepalees rampgebied blijven verdwaasd achter: ‘De rivier heeft al ons geluk afgenomen’

In Nepal verdwenen hele dorpen van de aardbodem door een verwoestende vloedgolf van modder en stenen. Het aantal slachtoffers had stukken minder kunnen zijn als bewoners de tijdige waarschuwing van de regering serieus hadden genomen.

doet verslag vanuit het rampgebied in Nepal. Hij is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant.

De 42-jarige Salikram Adhikari had net zijn dochter naar school gebracht in het Nepalese dorpje Devighat toen een motoragent met een megafoon passeerde. ‘Er komt een vloedgolf aan!’, toeterde de agent. ‘Pak uw waardevolle spullen en vertrek!’

De dorpelingen keken elkaar vol ongeloof aan. Een enkeling ging even kijken bij de snelstromende Trishuli-rivier, maar nee, niks aan de hand. Adhikari: ‘We geloofden het niet. De Trishuli stijgt nooit meer dan drie meter in de zomer.’ Totdat de rivier begon te bonken, boem, boem, boem, klonk het in de verte. ‘Toen rende ik naar huis om mijn familie te redden.’

De verwoestende vloedgolf van gletsjerwater, modder en stenen die woensdag uit de Kerung-vallei, een belangrijke pas in het Himalayagebergte, naar beneden stortte en over tientallen kilometers hele dorpen wegvaagde, is om twee redenen opmerkelijk. In de eerste plaats is de oorzaak uniek: een kilometers groot stuk bergwand stortte met gletsjer en al vanaf 5.200 meter naar beneden. Daar ontstonden tijdelijke stuwmeren en uiteindelijk een dodelijke stortvloed. Niet eerder toonde het dak van de wereld zich zo instabiel en verraderlijk.

Razendsnelle reactie

In de tweede plaats valt de razendsnelle reactie van de nieuwe Nepalese overheid op. Dertig minuten voordat de golf de grotere plaatsen aan de voet van de bergen bereikte, ontvingen bewoners een sms met de waarschuwing het gebied te verlaten, vloog er een helikopter met een rode vlag over en ging de politie in veel dorpen de straat op met een megafoon. Helaas haalden veel bewoners hun schouders op. Sommigen gingen zelfs naar de rivier om daar een filmpje te kunnen maken.

De laatste stand na drie dagen zoeken: 669 doden en 2.400 vermisten in Nepal, waaronder 420 buitenlanders. China meldt 16 doden en 500 vermisten aan hun kant van de grens. De cijfers zijn voorlopig. Nepal zette 19 duizend soldaten en politieagenten in, maar zij kunnen het gebied lastig bereiken doordat alle veertig bruggen zijn verdwenen en tientallen kilometers asfalt zijn weggeslagen. Zestien helikopters, grotendeels commercieel gecharterd, vliegen af en aan om slachtoffers op te halen en zoekteams af te zetten.

Hun werk valt niet mee, zo blijkt nabij het plaatsje Bidur, vijftig kilometer stroomafwaarts van de berg waar de gletsjer afbrak. ‘Hier liep onze doorgaande weg’, zegt een voormalige bewoner. ‘Daar was de brug, hier stond een rij winkels, en daarachter allemaal woningen.’ Verbeeldingskracht is vereist, want beide oevers van de rivier zijn veranderd in een brede egale vlakte van grijze modder en keien. Alles, tot aan de laatste baksteen en boom, is meegesleurd.

‘Al ons geluk afgenomen’

Hoger op een helling, op de binnenplaats van een middelbare school, wachten een paar honderd overlevenden verdwaasd af. ‘De Trishuli is heilig voor ons’, zegt bewoner Sujan Gajurel, die de hulp coördineert in de vorm van waterwagens en voedseldonaties. ‘Lord Shiva creëerde deze rivier met zijn drietand.’ De hindu-bewoners gingen er volgens hem dagelijks heen om zich te wassen en te bidden. ‘Maar nu heeft de rivier al ons geluk afgenomen.’ Over de overheidshulp, blijkt uit een rondgang, niks dan lof. ‘We werden gewaarschuwd. Ons dorp is weg, maar er zijn maar acht mensen vermist.’

De nieuwe premier van Nepal, de 35-jarige ex-rapper Belandra Shah, lijkt alles uit de kast te halen om een herhaling van de trage en hevig bekritiseerde hulpverlening na de grote aardbeving in 2015 te vermijden. Hij werd in maart gekozen na gen Z-protesten. Het helpt dat zijn 39-jarige minister van Binnenlandse Zaken een ex-dj en activist is die tijdens de covidcrisis een grote hulpverleningsorganisatie oprichtte. Via Facebook, onderuit hangend in zijn bureaustoel, houdt de minister de bevolking op de hoogte. Een inzameling onder burgers leverde in een paar dagen 28 miljoen euro op, wat de vorige regering volgens waarnemers nooit gelukt zou zijn.

Dat Nepal in eerste instantie bedankte voor buitenlandse hulpteams, leidde in sommige landen tot verontwaardiging. De regering houdt naar eigen zeggen de hulpverlening liever in eigen hand om de humanitaire chaos van 2015 te voorkomen. Later verduidelijkte de regering dat er wel behoefte is aan mobiele koelvoorzieningen voor geïmproviseerde mortuaria, grote drones die goederen kunnen vervoeren en reddingsteams gespecialiseerd in tunnels. Die laatste zijn nodig om negenhonderd vermiste werknemers van hydro-elektrische installaties in de bovenloop te gaan zoeken.

Kettingen en oorbellen

De koelmachines zijn hoognodig om de honderden lichamen te kunnen bewaren die tot 150 kilometer stroomafwaarts uit het water worden gevist. De doden worden in lege loodsen gelegd, gefotografeerd en hun vingerafdrukken en dna afgenomen. Toonbare foto’s hangen voor de deur in de hoop dat familieleden een slachtoffer herkennen. Ongeïdentificeerde lichamen verdwijnen na twee weken in een massagraf.

De politie is ook druk met Nepalezen die langsdrijvende lichamen uit het water vissen op zoek naar kettingen of oorbellen, en de slachtoffers daarna weer teruggooien. Ook springen mensen zonder aarzeling in het woeste water om passerende butaangasflessen te grijpen, want daar zit statiegeld op. Nepal behoort tot de armste landen in Azië.

Voor de poort van een grote kazerne in het plaatsje Battar hangen tientallen A4’tjes met namen en geboortedata van gevonden lichamen. Terwijl even verderop legerhelikopters met donderend geraas landen en opstijgen, glijden de vingers van tientallen bezorgde Nepalezen over de kolommen. ‘Ik zoek mijn oom’, zegt een 32-jarige vee-arts uit de buurt. ‘Hij was aan het werk in een van de tunnels van een energiecentrale.’ Een dame uit Kathmandu is op zoek naar haar neefje. ‘Hij belde woensdag nog met zijn moeder. Maar sindsdien hebben we niks meer gehoord.’

‘Rennen, rennen, rennen!’

In het plaatsje Deviget holde Salikram Adhikari naar huis terwijl de vloedgolf naderde. ‘Mijn vrouw zette net de dal bhat (linzensoep met rijst) op tafel, maar ik zei: rennen, rennen, rennen!’ De familie van acht wist zich te redden, terwijl zwart water de straat instroomde. Op zaterdag is hij terug om te kijken wat er van zijn kruidenierszaak over is, en of er nog huisraad valt te redden. Adhikari wijst naar een grijze lijn op de vierde verdieping. ‘Tot daar kwam het water.’ De begane grond met de winkel blijkt verdwenen onder de grijze modder.

Zo ploeteren overlevenden, hulpverleners en media over een vier meter dikke laag langs de restanten van woningen, winkels en restaurants. Op de hoek van het dorp, waar twee kolkende bergrivieren samen vloeien, stond ooit een tempel en crematieplaats die hindoes uit het hele land trok. ‘We hebben al zo’n veertig lichamen gevonden’, zegt een jonge politieagent met een pikhouweel op zijn schouder. Op gedempte toon: ‘Vaak zwaar beschadigd.’ Ook de speurhonden zakken tot hun buik in de modder.

Vanaf het dak van zijn woning takelt Adhikari een rijstkoker en wat pannen naar beneden. ‘Dit was een prachtige plek, pal naast de tempel, mijn winkel was altijd vol.’ Hij hoopt dat de overheid snel zijn straat weer uitdiept met graafmachines. ‘Bhagwan bharosа (met Gods wil), beginnen we weer opnieuw.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next