Bijna 25 jaar na 9/11 wacht Khalid Sheikh Mohammed nog altijd op zijn proces. Zijn bekentenissen zijn nu vanwege de martelingen door de CIA uitgesloten als bewijs. Wie is het vermeende meesterbrein achter de aanslagen?
is verslaggever bij de Volkskrant.
Khalid Sheikh Mohammed, het vermeende meesterbrein achter de aanslagen van 11 september 2001 in New York, had een klacht. Het was zomer 2008 en in Guantánamo Bay was net de eerste publieke zitting tegen hem geweest. Het was gegaan over de duizenden doden die hij op zijn geweten zou hebben en over de martelingen die hij na zijn arrestatie had moeten ondergaan.
Maar dat was niet de reden voor zijn grief.
Omdat fotograferen tijdens de zitting verboden was, had een rechtbanktekenaar hem met potlood zo goed mogelijk proberen vast te leggen. Maar toen Mohammed de schets onder ogen kreeg, een vast onderdeel van de procedure, was hij verbolgen. De reden: zijn neus was volgens hem te groot afgebeeld.
Het is typerend voor Mohammed, die de aanwezigen in de rechtbank al bijna twintig jaar verbaast met zijn theatrale gedrag. Dat hem de doodstraf boven het hoofd hangt, dat hij zijn dagen geïsoleerd doorbrengt in gevangenschap, dat hij in de VS een van de meest gehate mensen is: het lijkt hem allemaal niet te deren. Er was een dag dat hij zelfs zingend in de rechtbank stond.
Nu, bijna 25 jaar nadat twee vliegtuigen zich in de Twin Towers van het World Trade Center boorden en bijna drieduizend mensen stierven, is de veronderstelde architect van die aanslag weer in het nieuws. Een militaire rechtbank oordeelde afgelopen week dat zijn bekentenissen niet toelaatbaar zijn in de strafzaak tegen hem. Volgens de rechter zijn ze onbetrouwbaar, omdat ze zijn verkregen na een lange periode van martelingen.
Wat is er inmiddels bekend over Khalid Sheikh Mohammed, in de VS afgekort tot KSM? En hoe groeide hij uit tot een van de invloedrijkste terroristen ooit? Los Angeles Times-journalist Terry McDermott reisde jarenlang de wereld over, op zoek naar het antwoord op die vraag. Hij sprak met familieleden, vrienden, klasgenoten en opsporingsambtenaren, en ontdekte zo waar de kiem voor zijn radicalisering werd gelegd.
Mohammed werd geboren in 1965 en groeide op in een oliestadje in Koeweit. Zijn vader was er imam van de moskee waar Pakistaanse oliearbeiders kwamen. Toen hij overleed, werd broer Zahed hoofd van het huishouden. Hij bracht Mohammed in aanraking met de Moslimbroederschap, een organisatie die streed tegen secularisering en die religie weer dominanter wilde maken op het wereldtoneel.
Toen Mohammed volwassen was, stuurde zijn broer hem naar Amerika om te studeren. In North Carolina leerde hij Engels en haalde zijn diploma in werktuigbouwkunde. Volgens journalist McDermott ontstond daar ook zijn antipathie tegen Amerika, vanwege de onvriendelijke benadering van de lokale bevolking, die islamitische studenten regelmatig uitschold.
In 1987 sloot Mohammed zich aan bij zijn broers, die in Afghanistan vochten tegen de Sovjet-Unie. Het was een strijd die door de VS werd gesteund. Maar met de terugtrekking van de Russen in 1989 verdween ook de Amerikaanse steun. In de daaropvolgende burgeroorlog sneuvelden twee broers van Mohammed. Vanaf dat moment, stelt journalist McDermott, lijkt hij te zijn begonnen met het beramen van terroristische aanslagen.
Daarbij beschikte hij over eigenschappen die hem uiterst effectief maakten. ‘Anders dan Osama bin Laden, die altijd afstandelijk en ongenaakbaar leek, voelde KSM zich juist thuis midden in de rommelige werkelijkheid van het dagelijks leven’, schreef de Los Angeles Times in een profiel. De meertalige familieman ‘bewoog zich gemakkelijk door een steeds verder globaliserende wereld en wisselde net zo moeiteloos van identiteit als iemand anders van schoenen’.
Zijn charmes zette hij volgens McDermott nietsontziend in. Zo zou hij een jonge Pakistaanse Amerikaan, vlak na hun eerste ontmoeting, ertoe hebben overgehaald tijdens zijn eigen bruiloft een zelfmoordaanslag te plegen.
In 2003 werd Mohammed opgepakt in Pakistan, op verdenking van betrokkenheid bij de grootste aanslag ooit op Amerikaanse grond. In de daaropvolgende jaren werd hij in geheime buitenlandse gevangenissen op brute wijze door de CIA ondervraagd. Zeker 183 keer werd hij gewaterboard, een marteltechniek waarbij verdrinking wordt gesimuleerd. Hij kreeg onder meer gedwongen rectale voeding, werd dagenlang wakker gehouden en kreeg te horen dat zijn kinderen zouden worden gedood.
Nadat alle martelingen in 2014 in een rapport van de Senaat aan het licht kwamen, besloten de aanklagers al dat verklaringen die tijdens de martelingen waren afgelegd niet zouden worden gebruikt. De rechter gaat nu een stap verder en oordeelt dat ook de latere verhoren van Mohammed in 2007 in Guantánamo niet als bewijs worden toegelaten, omdat ‘niet is aangetoond dat ze vrijwillig zijn verkregen’, aldus The New York Times.
Mohammeds advocaten stelden al eerder dat hun cliënt door de martelingen en jarenlange isolatie zo was geconditioneerd dat hij later tegen FBI-agenten zou zeggen wat ze maar wilden horen. De beslissing van de rechter ‘dient als een les maatschappijleer over waarom de overheid zich niet met zulk schandelijk gedrag zou moeten inlaten’, aldus Mohammeds advocaat Gary Sowards in de New York Times.
Zonder verdere vertragingen begint de rechtszaak tegen Mohammed in juni 2028. In dat megaproces moeten de aanklagers nu vertrouwen op onder meer telefoontaps en transcripten van andere gesprekken. Over de rechtsgeldigheid van sommige van die bewijsstukken is al langer discussie.
De kans dat Khalid Sheikh Mohammed ooit nog op vrije voeten komt, is desondanks miniem. Ook zonder veroordeling meent de VS hem voor altijd op Guantánamo te kunnen vasthouden, als onderdeel van de oorlog tegen terrorisme.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant