Paulien Cornelisse is schrijver, cabaretier en columnist voor de Volkskrant.
Ooit stond ik voor de gigantische pompoen die Yayoi Kusama maakte op het eilandje Naoshima. De lucht was grijs, de pompoen was het geelste soort geel. Hij stond daar plompverloren op een steiger en je kon er niet naar kijken zonder overvallen te worden door acute blijdschap.
Kusama, die deze maand overleed, had veel last van duistere gedachten. Ze kon het leven alleen (min of meer) aan als ze voortdurend schilderde.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het mooie van haar pompoenen is dat ze geen commentaar zijn op de huidige samenleving, geen spiegel voorhouden aan de moderne mens, en ze ook geen ‘vragen stellen’.
Ik vrees dat veel moderne kunstenaars door subsidieverstrekkers of museumbordjesfetisjisten worden gedwongen om extreem saaie woorden te geven aan hun unieke en mooie kunstwerken. Misschien heeft Kusama dat ook weleens moeten doen, maar die saaiheid heeft mij gelukkig nooit bereikt.
Kusama hallucineerde soms over pratende pompoenen. Het hielp haar om ze te schilderen. Het helpt mij ze te zien.
Geen column meer missen? Volg uw favoriete columnisten via onze app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Source: Volkskrant