Pieter Paul, een student uit Leiden, gaat met zestien vrienden naar Lloret de Mar. ‘Ik twijfel of ik met mijn 20 jaar niet te oud ben voor een plek als Lloret.’
Pieter Paul, een student uit Leiden, gaat met zestien vrienden naar Lloret de Mar. ‘Ik twijfel of ik met mijn 20 jaar niet te oud ben voor een plek als Lloret.’
Ik arriveer in Lloret in een veel te volle bus waarin de beenruimte zeer schaars is, met mijn koffer op schoot. De rotonde, omringd door kunstgras, verwelkomt ons met in koeienletters ‘Benvinguts a Lloret de Mar!’ Ik stap uit en een warme, benauwde wind waait door mijn haren. Het gaat beginnen.
Mijn aankomst in de villa is des te mooier omdat mijn vrienden er al zijn. In een kring staan zestien jongens een bal hoog te houden in een helder zwembad. Wie de hooghoudsessie verstiert, moet een ‘shotgun’ trekken: je houdt een blik bier ondersteboven en prikt met een sleutel een gat in de blikbodem, en drinkt hem dan in één keer leeg. De groep juicht. Uit mijn koffer tover ik mijn felroze customized zwembroek, die de rest van de groep ook aan heeft, en ik spring in het water.
Daar zijn we dan, op de strip van Lloret de Mar. In de typische helgele Spaanse verlichting wemelt het van straatverkopers en dronken jonge Nederlanders. We hebben nog niet gegeten, dus besluiten we onder het genot van een liter bier een vleesmaaltijd naar binnen te werken om vervolgens club Tropics ‘koud te maken’. Door een oranje triomfboog versierd met rood-wit-blauwe vlaggetjes lopen we de nachtclub binnen. De drankjes eisen al snel hun tol, waardoor ik moeilijk kan navertellen wat er is gebeurd.
Met een kloppend hart van de wodka-Red Bull word ik een uur eerder wakker dan de rest. Ik twijfel of ik met mijn 20 jaar niet te oud ben voor een plek als Lloret. Later blijkt, wanneer mijn vrienden mijn avond voor mij reconstrueren, dat deze plek eigenlijk prima bij mij past. Een vriend en ik vonden het gisteren een goed idee om elkaar de hele tijd de drankjes uit de handen te slaan en vervolgens als twee stieren met onze hoofden tegen elkaar aan te beuken. Toen de bewakers dit zagen, besloten ze dat onze avond in club Tropics voorbij was. Aan mijn tevreden gezicht op de video’s te zien, heb ik in ieder geval een goede tijd gehad. Dat stelt mij, ondanks alles, toch een beetje gerust.
Een energiek stel jongens druppelt Villa Serra Brava binnen, we schreeuwen om het hardst wie het gekste drankverhaal heeft. Dan is het tijd voor de proppers om langs te komen. Als de 34-jarige Thomas binnenloopt, een tukker, doorgewinterd in het Spaanse oord, smelten al mijn twijfels over leeftijd als sneeuw voor de zon. Hij slaagt erin om ons, samen met zijn aan een vape lurkende sidekick Vera, voor 3.000 euro aan kaarten te verkopen: 170 euro per persoon voor een poolparty en twee feestjes waar we zes liter drank krijgen, die dan wel voor half twaalf ’s avonds op moet zijn. Als ze weg zijn, volgt de onvermijdelijke vraag: ‘Iemand een biertje?’ Het duurt even voordat de eerste ‘ikke’ klinkt, waarna ook anderen volgen. Een voor een kijken de onzekere jongens elkaar bevestigend aan, om zo bij elkaar de laatste angst voor een alcoholverslaving weg te drukken.
Ergens op de strip is een arcadehal met daarin een botsautobaan. Hier sluiten enkelen van ons met hun botsauto’s een Duitse leeftijdgenoot in, waarna ze glimlachen en hun middelvinger naar hem opsteken. Dit vindt de Duitse jongen minder grappig. Een Duitser duwt een vriend van mij op de grond, waarna hij met zijn hoofd op de stoeprand belandt en het bloed uit zijn hoofd stroomt. De ruzie wordt snel gesust. Verrassend genoeg blijven de jongens netjes wachten om zeker te weten dat het goed gaat met onze maat. Zo zie je maar, bezorgde ouders, zo kan het hier dus ook!
’s Maandags is de sfeer in de villa al een stuk minder energiek dan de dagen ervoor. Geen bommetjes, geen gestoei, we lagen voor pampus aan het zwembad. De lauwe blikken bier hebben nu plaatsgemaakt voor snelle shotjes wodka om toch nog een beetje in de sfeer te komen.
Drie vrienden en ik besluiten de strip te verlaten en ons zuurverdiende geld uit te geven in het casino. Gek genoeg hangt er in dit Spaanse casino een veel grimmiger sfeer dan in ons eigen Holland Casino. De bewakers lijken wel kooivechters en roulette kunnen we niet spelen op een tafel, maar alleen via een computer. Dat leidt ertoe dat we op ridicule wijze worden gescamd. We zetten alles in op zwart, want ja, dat is wel het spannendste.
Het rad wordt gedraaid en... het balletje belandt op zwart! Wij schreeuwen de hele zaak bij elkaar, onbeschofte Nederlanders die we zijn. Toch komt er geen krediet bovenin het scherm. We halen de bewaking erbij. Wat blijkt, het touchscreen heeft toevallig onze inzet zo opgepikt dat we hadden ingezet op de zwarte 25 en de rode 19, de twee nummers boven het vlak dat je moet indrukken om voor zwart te gaan.
Verslagen komen we aan bij onze villa, waar nog twee vrienden een kaartspelletje spelen met hun Noorse vriendinnen die ze op de strip waren tegengekomen. We proberen onszelf nog op te vrolijken met een muziekje, maar dat feest gaat helaas niet door vanwege de buurvrouw die uit het raam hangt en dreigt de politie te bellen.
Na zo’n fiasco kun je wel vaststellen dat de jus van de aardappelen is. Door vrijbuitersgedrag heeft afval zich in elke hoek van het huis opgehoopt, vuilniszakken vol oud fruit, bierblikjes, zakken chips en lege flessen cola worden omringd door vliegen en wespen. Daarbij begint het zwembad te lijken op aangelengde melk. We zijn over de piek heen en dat heeft iedereen begrepen.
De volgende activiteit staat op het programma: quadrijden met een gids door de ‘bergen’. Iedereen raapt zijn moed bijeen om toch de waarde van zijn vooraf betaalde 100 euro terug te zien. Door een gebrek aan quads moeten acht jongens achteraan meerijden in een buggy, waarbij ze toekijken hoe leuk hun vrienden het hebben. Een van de jongens achter in de buggy wordt het te veel: hij moet overgeven, door de klep van zijn helm heen. Dit uitje voelt toch een beetje als een dure zandbak met motoren.
Mede door de staat van de villa en de avonturen van de afgelopen dagen wordt onze fysieke weerstand op de proef gesteld, het zware leven eist zijn tol. Met als gevolg dat iedereen deze avond thuis blijft.
Een handjevol jongens gaat naar het strand, want blijkbaar is dat er ook in Lloret de Mar. Hierna gaan we lunchen met zicht op zee. Door de ‘Tropical salad’, bestaande uit een aantal garnalen geserveerd in een ananas, en de taai doorbakken steak kan ik concluderen dat het eten hier niet al te best is.
Een paar gasten besluiten toch nog een laatste keer uit te gaan en onze zuipvakantie op mooie wijze af te sluiten. Onderweg heeft de taxichauffeur expres de temperatuur heel laag gezet: ‘para los cojones frigos, para follar’ (zoek de vertaling zelf maar op). We gaan als soldaten naar het front. Met een paar liter cocktails achter de kiezen bereiken we wederom de oranje poorten van de Tropics. Later die avond legt een bewaker een vriend die in een opstootje terecht is gekomen in een nekklem. Onder luid denkbeeldig applaus nemen we afscheid van de club.
Buiten raken we aan de praat met een straatverkoper genaamd Falo, die voor 25 euro luid tikkende Rolexen verkoopt. Mijn vriend is zo gecharmeerd door hem dat hij voor 125 euro aan Rolexen koopt en de beste man vervolgens helpt er nog meer te verkopen. We sluiten de avond af bij de dönerzaak Istambul. Dan gaan we snel naar huis. Over een paar uur moeten we alweer op, anders missen we onze vlucht.
Pieter Paul is een gefingeerde naam. De voor- en achternaam van de auteur zijn bij de redactie bekend.
Meer magazine
Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant