Home

Veel experts gruwen van de schikking met Meta en van een verbod op sociale media voor kinderen – maar bijna niemand wil ze horen

Sociale media Een verbod op sociale media voor tieners beperkt hun rechten te veel en kan zelfs averechts werken, vinden veel experts. Mede om die reden zijn ze ook tegen de schikking met Meta. Maar ze worden amper gehoord.

Zeker tien EU-landen hebben plannen om de toegang voor kinderen tot sociale media te beperken. Veel experts zijn daar tegen en vrezen dat zoiets zelfs averechts kan werken.

Jessica Galissaire is een beetje voorzichtig als ze praat over het verbieden van sociale media voor jongeren. Het is een onderwerp waarop je nogal snel verkeerd begrepen wordt, is de ervaring van de Franse onderzoeker.

Als je bijvoorbeeld zegt dat het geen goed idee is een nieuwe wet in te voeren waarmee je kinderen de toegang verbiedt tot online platformen als Instagram, TikTok en SnapChat, dan zijn er al snel boze ouders die roepen dat je kinderen blijkbaar niet wilt beschermen. „En natuurlijk wil ik dat wel”, zegt ze.

Zelfs presentaties voor vakgenoten leidt Galissaire tegenwoordig in met de nodige omtrekkende bewegingen. Dan zegt ze bijvoorbeeld eerst heel nadrukkelijk dat het evident is dat sociale media voor sommige kinderen negatieve gevolgen hebben. „Het is heel goed dat dit tegenwoordig hoog op de agenda staat”, voegt ze dan nog toe.

Daarna pas volgt haar analyse dat het verbieden van toegang tot sociale media niet de oplossing is. Het zou zelfs averechts kunnen werken als jongeren tot vijftien of zestien jaar van socialemediaplatformen worden geweerd, vreest Galissaire.

Regels waarmee kinderen weggehouden worden van „onveilige” platformen zorgen namelijk niet dat die platformen zelf veranderen en bijvoorbeeld stoppen met verslavende algoritmes. Tegelijkertijd kunnen ze ouders een vals gevoel van veiligheid geven. „Een leeftijdsgrens op socials kan ertoe leiden dat ouders denken dat het veilig is hun kind een telefoon te geven.”

Om vergelijkbare redenen staat ze ook niet te juichen over de schikking die techbedrijf Meta trof met aanklagers van 48 Amerikaanse staten. Het bedrijf probeert vervolging af te kopen en belooft onder meer om een virtueel hek op de platformen in te bouwen. Zodat 18-minners niet meer dan twee uur per dag op Instagram en Facebook kunnen doorbrengen. Dat onderscheid naar leeftijd wil Meta ook gebruiken om te bereiken dat kinderen bijvoorbeeld ’s nachts en onder schooltijd geen pushberichten krijgen.

Galissaire ziet de schikking, waarvoor Meta zo’n 18 miljard dollar (15,5 miljard euro) uittrekt, niet als een doorbraak, maar juist als een bevestiging van een patroon. Er wordt gekozen voor toegangscontrole, wat fundamenteel iets anders is dan een verandering eisen van de platformen zelf. „Terwijl dat is waar het om gaat. Verslavende kernmerken, zoals pushberichten sturen, zijn problematisch. Punt. Ongeacht hoe laat ze komen en ongeacht hoe oud je bent.”

Online burgerrechtenorganisaties als de Electronic Frontier Foundation (EFF) zijn vernietigend in hun oordeel over de schikking, waarvan de beschrijving 130 pagina’s telt en die inmiddels door een rechter is geaccepteerd. Daarmee wordt ‘de surveillance door Meta wettelijk vastgelegd’, waarschuwde de EFF tevergeefs. „Leeftijdsverificatie wordt hierdoor in ieder product ingebed. Dat geeft een mandaat voor het verzamelen van nog meer persoonlijke informatie van gebruikers van alle leeftijden.”

Hardnekkige opmars

Galissaire maakt deel uit van een groot contingent wetenschappers, juristen, gedragsdeskundigen, burgerrechtenorganisaties en tech-experts, die waarschuwen tegen harde leeftijdsgrenzen online. Toch zijn die beperkingen aan een hardnekkige opmars bezig. Ze heeft het er met collega’s geregeld over hoe moeilijk het is dat standpunt over te brengen, vertelt ze telefonisch. „Het voelt als schreeuwen in een leegte.”

Want wereldwijd werken politici juist hard aan de invoering van leeftijdsgrenzen. Dat begon in Australië, waar het gebruik van sociale media voor iedereen onder de zestien sinds eind 2025 verboden is. Vervolgens hebben tal van andere landen dit omarmd. Zeker tien EU-landen hebben plannen om de toegang voor kinderen tot sociale media te beperken.

In Frankrijk, waar Galissaire vandaan komt, kondigde president Emmanuel Macron in april een nieuwe wet aan die sociale media voor kinderen onder de vijftien verbiedt. Hij zet er politieke druk achter, want de bescherming van kinderen online en de onwenselijke macht van (Amerikaanse) Big Tech zijn onderwerpen waarmee hij zich profileert.

Op 21 juli keurde het parlement de wet goed, ondanks de kritiek van experts zoals Galissaire. Drie weken later oordeelde het Franse Constitutioneel Hof dat de wet een disproportionele inbreuk zou maken op de vrijheid van meningsuiting van kinderen en op hun recht om toegang tot informatie te hebben. Macron gaf zijn premier direct daarop opdracht „zo snel mogelijk” met een aangepaste versie te komen, aldus een verklaring van het Élysée. Hij wil dat de leeftijdsgrens geregeld is voordat zijn termijn als president er in het voorjaar van 2027 op zit.

„Het onderwerp wordt meer en meer door politici gebruikt om electorale redenen”, zegt Galissaire. Daadkrachtig optreden op dit onderwerp doet het goed bij ouders, die zich massaal zorgen maken over schermtijdverslaving en online-kinderlokkers.

Verheugde berichten

In buurland België vierde de Vlaamse minister voor Brussel en Media, Cieltje Van Achter, de uitspraak van het Franse Constitutioneel Hof met verheugde berichten op sociale media. Het Vlaamse beleid is gericht op voorlichting en op strenge handhaving van bestaande Europese wetten voor online platformen.

In grote lijnen komt dat overeen met de Nederlandse aanpak, hoewel in het coalitieakkoord ook staat dat het kabinet-Jetten (D66, VVD, CDA) streeft naar een „handhaafbare Europese minimumleeftijd van 15 jaar voor sociale media met privacyvriendelijke leeftijdsverificatie voor jongeren, zolang sociale media onvoldoende veilig zijn”.

„Harde leeftijdsgrenzen lijken daadkrachtig”, zegt Van Achter telefonisch. Ze ziet talloze politici ermee schermen. „Die denken ‘een verbod tot zestien jaar en dan zijn we ervan af’. Maar dat is te veel vanuit de buik.” Ze wijst op recente studies in Australië, die laten zien dat zo’n 80 procent van de jongeren ondanks het verbod nog steeds op de socials zit. Het debat over het beschermen van jongeren online noemt Van Achter „heel fundamenteel”, onder meer omdat kinderen ook recht hebben op informatie en op vrijheid van meningsuiting.

De Franse president Macron heeft een machtige bondgenoot in Brussel. Ook de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, profileert zich met het thema. Ze heeft zich meermalen uitgesproken voor online leeftijdsverificatie.

De Europese Commissie is zich er tegelijk van bewust dat het niet ideaal is de techbedrijven zelf verantwoordelijk te maken voor het verifiëren van leeftijden. Methodes daarvoor stuiten op grote privacybezwaren. Bij de eerste monitort het bedrijf het gedrag van alle gebruikers op het online platform en maakt dan met behulp van algoritmen behoorlijk betrouwbare inschattingen van de werkelijke leeftijd. Methode twee is vragen om betrouwbaar bewijs, zoals een paspoortkopie. In de schikking van Meta van deze week zijn varianten op de eerste methode beschreven. Daarvoor kan Meta een bedrijf inhuren of zelf oprichten om de datastroom te scheiden van de data die het gebruikt voor de handel met adverteerders, waarop het bedrijf draait. Online verificatie is een groeiende bedrijfstak.

De Europese Commissie laat daarom een app ontwikkelen voor een derde variant. Gebruikers bewaren in die app betrouwbare informatie over zichzelf, zoals hun paspoort, en de app genereert op basis daarvan een seintje dat een online platform nodig heeft. Zoals een ja-nee antwoord op de vraag of de bezoeker ouder is dan achttien. In Nederland bestaat zo’n app al een tijdje, genaamd Yivi. In België wordt een door de banken ontwikkelde variant gebruikt, Itsme.

Technisch werkt dat heel goed, zegt Van Achter, die zich er hardop over verbaast dat andere Europese landen zoiets nog niet omarmd hebben. Maar een vorm van geverifieerde leeftijdscontrole bij elke inlog is in haar ogen te grof geschut om de toegang tot sociale media te reguleren. Behalve privacyvriendelijk moet een maatregel immers ook proportioneel zijn. „Je wilt niet een opa die al twintig jaar op Facebook zit ineens vragen zijn identiteitsbewijs te uploaden omdat je jongeren wilt beschermen.”

Panel van experts

Hoewel Von der Leyen zichzelf geregeld uitspreekt voor harde leeftijdsgrenzen, zette ze dit voorjaar ook een panel van experts op die de mogelijkheden moesten onderzoeken om kinderen online te beschermen. Voorzitters van het panel waren de Duitse psychiater Jörg Fegert, gespecialiseerd in kinderen en adolescenten, en de Franse epidemioloog Maria Melchior.

De experts pleiten in hun rapport voor een genuanceerde aanpak met onderscheid naar verschillende leeftijdsgroepen. Algemeen gesteld willen ze dat kinderen op latere leeftijd beginnen met sociale media – en met AI Chatbots en gamingplatformen – dan nu het geval is. Die achten zij ongeschikt voor mensen onder de dertien. Ook zou de bewijslast omgedraaid moeten worden om handhaving van regels te verbeteren. Nu is het aan toezichthouders om te bewijzen dat platformen zich niet aan de regels houden. Laat in plaats daarvan de platformen aantonen dat ze wel veilig zijn, suggereren de auteurs.

Ook in een recente juridische verkenning naar een minimumleeftijd op sociale media, waartoe het Nederlandse kabinet opdracht gaf neigen de auteurs naar betere handhaving van de nog tamelijk verse Europese Digitaledienstenwet (DSA) – en niet op het schrijven van nieuwe wetten.

Er hoeven geen nieuwe wetten te komen, maar wel wettelijke garanties, betoogt Paul Dieter. De Duitser houdt zich in het Europees Parlement bezig met digitale wetgeving namens de alliantie van Europese Piratenpartijen, die samen één zetel hebben. Hij is een burgerinitiatief gestart, een petitie om af te dwingen dat een onderwerp op de agenda van het Europees parlement komt, waar de Europese Commissie vervolgens op moet reageren. Dit burgerinitiatief moet ervoor zorgen dat online identificatie en leeftijdsverificatie vrijwillig blijven, en dat privacy voorop staat.

In de toelichting staat onder meer: „Europa kan minderjarigen beschermen zonder een permanente online identificatielaag te bouwen.” We zijn niet tegen veiligheid voor kinderen, licht Dieter telefonisch toe. „We zijn er alleen tegen dat je iedere volwassene dwingt zichzelf op internet te identificeren. Tegen massasurveillance.”

De petitie staat sinds 25 augustus online. De initiatiefnemers hebben nu een jaar de tijd om een miljoen handtekeningen te verzamelen, die uit ten minste zeven EU-lidstaten moeten komen. „Hopelijk lukt het veel sneller”, zegt Dieter, met oog op de snelheid waarmee leeftijdsgrenzen en verificatie-eisen online worden ingevoerd. „We voelen de urgentie.”

De campagne rondom de petitie is ook een manier om te bouwen aan een mondiale tegenbeweging, zegt Dieter. Uitgebreid vertelt hij over contacten met andere politieke partijen en experts op het gebied van privacy en cyberbeveiliging, variërend van juridische experts in India tot organisaties als Index on Censorship en Big Brother Watch. „Dit is een wereldwijd vraagstuk.”

De oplossing moeten volgens hem worden gezocht in minder dataverzameling en minder surveillance, niet in technische tools om online hekken te zetten of leeftijden- en id’s te controleren. Zelfs niet als die met de beste bedoelingen en respect voor privacy worden ontwikkeld, zoals bij de Europese leeftijdsverificatieapp. Het eerste prototype daarvan werd half april binnen twee minuten gehackt. Dieter: „Het was zo eenvoudig dat het bijna een belediging is om dat een hack te noemen.”

Bij nader inzien moet hij misschien toch voorstander zijn van die app van Von der Leyen, zegt hij, ironisch hardop denkend. „Als alle kinderen erom heen gaan werken, train je wel allemaal piraatjes.”

Sociale media

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next