Home

Onze ángst voor geweld is het echte probleem

Ik heb zo’n grote televisie waar je niet omheen kan in de woonkamer. Het apparaat zorgt ervoor dat we als gezin zo nu en dan nog eens iets gemeenschappelijks ervaren. Ik ben op de hoogte van de slapstick van de influencers waar mijn kinderen naar kijken, ik krijg zo nu en dan wat mee van de spellen die ze spelen.

En aan het einde van de avond kijk ik zelf. Liefst niet iets wat ik moet uitkiezen, maar gewoon lineair. Zappen. Ik behoor daarmee tot een uitstervende soort. En aan de reclames voor gehoorapparaten en incontinentiemateriaal te zien, hoor ik ook bij het jongere deel van de doelgroep die nog ouderwets eet wat de pot schaft. En meestal betekent dat dat ik op de achterbank van een Britse politiewagen beland die achter een verdachte aan racet op een smal weggetje in Gloucestershire.

Of dat ik meekijk bij Meldkamer Utrecht Centraal, waarin handhavers met agressieve of dronken treinreizigers worstelen. Of een stukje Scam Alert, waarin onschuldige mensen slachtoffer worden van meedogenloze oplichters. Of anders diezelfde avond nog het dagelijkse rampenjournaal van 112 Vandaag, dat ons op de hoogte houdt van de brand in het buurthuis, de steekpartij in Amersfoort en de diefstal van dj-materiaal in Alkmaar. Elke loeiende sirene of rollende brancard wordt gevolgd door een filmploeg en gesavoureerd door ons ramptoeristen in de Nederlandse woonkamers.

We zoomen in op de van pijn vertrokken gezichten van gevallen ouderen, het verwrongen staal van de verkeersongevallen. Op alle handboeien en verbanddozen van dit land. EHBO is mijn lust en mijn leven, zong Herman Finkers. Maar vooral om langs de zijlijn te bekijken, niet om daadwerkelijk zelf te doen. Er is een schreeuwend tekort aan boa’s, politieagenten, brandweerlieden en verpleegkundigen, maar Nederland wil vooral graag vanaf de bank toekijken hoe ze midden in de nacht achter 112-meldingen aanrijden.

We kijken naar Op de Spoed en Rachel valt binnen. We kijken naar de doodernstige gezichten van John van den Heuvel en Alberto Stegeman. Ellie Lust en Saskia Belleman die alle rampspoed belichten die ons zomaar op een dag ook zou kunnen overkomen.

En even wilde ik tot de conclusie komen dat de ouderwetse lineaire televisie gewoon schreeuwt om aandacht in tijden van achteruithollende kijkcijfers. Dat ik naar een medium kijk dat uit pure wanhoop en lijfsbehoud steeds meer sensatie op het toneel tovert.

Maar dat klopt niet. Want ook nieuwe media zitten vol moord en doodslag. Populairste serie op Netflix? Juist, Death of the Pastor’s Wife, over een moord op een vrouw, waar gebeurd. En tijdens het koken of hardlopen kun je luisteren naar een keur van misdaadpodcasts. De zaak X, De zaak ontleed, Boeiend, Heterdaad, Zij is van mij, Vrouwenmoord. Je kan dag en nacht misdrijven bingen. Hooguit onderbroken door een reclame, van Slachtofferhulp Nederland.

Het zou mij niets verbazen als er meer podcastafleveringen over moorden zijn, dan dat er daadwerkelijk moorden worden gepleegd. Want het moordcijfer ligt historisch laag, net als dat van alle andere geweldsdelicten. Tien criminaliteitspodcasts kunnen onderhand niet meer elk een eigen aflevering maken over een andere moord in Nederland, daar is gewoonweg niet genoeg moordlust voor overgebleven.

Zelfs onze criminelen zijn bange mensen geworden. Die durven alleen nog vanaf de bank politici en journalisten online te bedreigen of lafhartig ouderen op te lichten via whatsappjes of telefoontjes.

Deze week was het een jaar geleden dat de zeventienjarige Lisa midden in de nacht fietsend op weg naar huis werd vermoord. Ook ik was geschokt. En toch is femicide een steeds zeldzamer fenomeen. Moord op vrouwen daalt minder hard dan die op mannen. Eén moord is er nog steeds één teveel, dat geldt voor elk misdrijf. Maar ons grootste probleem is niet het geweld, maar hoe bang we zijn voor geweld.

De collectieve angststoornis waarin we zijn beland. Dat we de hele dag alle sensationele ellende volgen die mensen kan overkomen. Vrouwen leren elkaar nog steeds om je huissleutels als wapen tussen je vingers te houden, terwijl onze straten rustiger zijn dan ooit. Die loeiende sirenes klinken vooral op onze schermen.

Er liggen geen mannen in de bosjes. We hoeven de nacht helemaal niet op te eisen. Die is al van ons. Wat ons bedreigt, is dat onze meisjes straks helemaal niet meer op de fiets stappen, maar thuis blijven. Gezonder dan ooit. Veiliger dan ooit. Eenzamer dan ooit.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next