Home

OM: handelsboycot van producten uit nederzettingen is niet te handhaven zonder hulp van Israël

Handelsverbod Door Nederland aangekondigde handelssancties tegen illegale Israëlische nederzettingen hebben een diplomatiek conflict veroorzaakt. Israël gaat twee Nederlandse vertegenwoordigers uitzetten vanwege de „anti-Israëlische” maatregelen. Volgens het OM valt een importverbod zonder rechtshulp uit Israël vrijwel niet te handhaven.

Beeld ter illustratie: Mahane Yehuda markt in West-Jeruzalem, waar groente en fruit te koop zijn.

Het aangekondigde handelsverbod op producten afkomstig uit illegale Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, dat op 22 september ingaat en een diplomatiek conflict met Israël heeft veroorzaakt, valt in de praktijk nauwelijks te handhaven. Dat stelt het Openbaar Ministerie in reactie op vragen van NRC. 

Producten uit nederzettingen – waaronder dadels, citrusvruchten en wijn – mogen straks niet meer worden geïmporteerd en verkocht in Nederland. Maar die herkomst is volgens het OM heel moeilijk te bepalen. „Bij goederen uit bezette gebieden zal waarschijnlijk niet vermeld staan dat deze daadwerkelijk uit in de verbodsbepaling aangeduide gebieden komen. In dergelijke gevallen zal voor meer informatie over deze goederen mogelijk informatie nodig zijn uit dat gebied,” schrijft het OM.

Nederland is hierdoor afhankelijk van rechtshulp uit Israël. Dat zal zulke rechtshulpverzoeken niet steunen, stelt het OM, dat verantwoordelijk is voor de strafrechtelijke handhaving van sancties. „Als een feit niet strafbaar is gesteld in het land waaraan rechtshulp wordt gevraagd, zal het daaraan niet voldoen.”

De aangekondigde sancties hebben een diplomatieke ruzie veroorzaakt, zo bleek dinsdag. De Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Gideon Sa’ar kondigde aan dat twee Nederlandse vertegenwoordigers het land uit worden gezet vanwege de „anti-Israëlische” maatregelen. Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA) zei dat te betreuren en sprak van een „onnodige actie”.

‘Druk op Netanyahu opvoeren’

Nederland kondigde in mei een handelsverbod aan op producten uit nederzettingen op de bezette Westelijke Jordaanoever, nadat gesprekken over een gezamenlijk Europees verbod op niets waren uitgelopen. Volgens premier Rob Jetten (D66) beogen de sancties „de druk op de regering van Netanyahu op te voeren” en moet het verbod „voorkomen dat Nederlandse economische activiteiten bijdragen aan het bestendigen van een situatie die strijdig is met het internationaal recht”. 

De douane gaf, evenals het OM, al voor de aankondiging door Jetten bij het ministerie van Buitenlandse Zaken aan „grote risico’s” te zien „ten aanzien van de handhaving en fraudebestendigheid” van het handelsverbod, omdat de exacte herkomst van producten lastig is te controleren. Bovendien kunnen geïmporteerde goederen niet alleen via de Rotterdamse haven, maar ook over de weg via andere EU-landen Nederland binnenkomen.

De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) deelde vergelijkbare zorgen. De Raad van State adviseerde het kabinet daarom eind juni duidelijker te maken „hoe met deze kanttekeningen bij de handhaafbaarheid zal worden omgegaan”.

Minister Berendsen voegde daarop onder meer een passage aan het wetsvoorstel toe over de instructies die de douane heeft gekregen om het handelsverbod vanaf september te controleren, zo schreef hij in juli aan de Kamer. Ook is met de douane afgestemd welke producten onder het handelsverbod vallen, schreef hij. Die ingrepen namen de zorgen van het OM over de handhaafbaarheid blijkbaarheid niet weg.

Olijfolie en citrusvruchten

Het OM laat aan NRC weten wel te „streven” naar handhaving en sluit niet uit dat soms overtreders gepakt kunnen worden. „Indien er aanwijzingen in bijvoorbeeld documentatie of andere informatiebronnen zijn dat de maatregelen worden overtreden”.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken wilde na overleg met het ministerie van Financiën, waaronder de douane en FIOD vallen, niet ingaan op vragen van NRC over het onderwerp.

De goederenstroom die onder het aankomende handelsverbod valt, is relatief klein. Uit onderzoek van Global Echo, een organisatie die juridische processen aanspant tegen de schending van de mensenrechten van Palestijnen, bleek in juni dat in de afgelopen acht jaar voor 14,8 miljoen euro aan producten uit illegale nederzettingen naar Nederland werd verscheept. Een deel wordt weer doorgevoerd naar andere landen en valt daardoor niet onder de sancties.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken kan die cijfers niet bevestigen. „Het is niet mogelijk de handelsstroom tussen Nederland en de onrechtmatige nederzettingen volledig in kaart te brengen,” schrijft een woordvoerder. „De nederzettingen vormen een douanegebied samen met Israël. Er worden – ook internationaal – geen aparte handelsstatistieken bijgehouden.” Volgens het ministerie lijkt „op basis van anekdotisch bewijs” de meeste import te bestaan uit landbouwproducten als olijfolie, citrusvruchten, dadels en wijn.

Nederland is niet het enige EU-land dat nationale sancties instelt tegen producten uit Israëlische nederzettingen. Ook Spanje, België en Ierland hebben een dergelijk verbod ingesteld, of werken daaraan. Binnen de EU bestaat geen overeenstemming over de door Nederland gewenste gezamenlijke aanpak, onder meer doordat Duitsland een tegenstander is van handelsmaatregelen jegens Israël.

Politiek Den Haag

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next