Home

Zweedse korhoenders gedijen op Nederlandse bodem: driekwart van de geïmporteerde dieren leeft nog

Bijna vijftien jaar nadat de eerste korhoenders uit Zweden werden overgebracht om de ernstig bedreigde vogel voor Nederland te behouden, lijkt het reddingsprogramma aan te slaan. Van de 47 dieren die in april zijn uitgezet op de Sallandse Heuvelrug is driekwart nog in leven.

is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.

Dit blijkt uit de eerste monitoringsresultaten die projectleider en ecoloog Paul ten Den recent stuurde naar de provincie Overijssel. Gemiddeld overleefde in voorgaande jaren amper de helft van de gezenderde Zweedse vogels de eerste maanden op Nederlandse bodem. Met twee derde overleving was in 2025 al enige verbetering te zien. Ook overleven steeds meer korhoenkuikens op de Sallandse Heuvelrug.

Voor liefhebbers van de Lyrurus tetrix zijn de eerste conclusies van de ecoloog hoopgevend. De Provinciale Staten beslissen uiterlijk begin volgend jaar of ze nog heil zien in het bijplaatsprogramma voor korhoenders. Ermee stoppen zal voor Nederland vrijwel zeker het einde inluiden van deze soort, waarvan er duizenden leefden voor de intensivering van de landbouw.

Populatie geslonken tot onder de tien

De Sallandse Heuvelrug herbergt als enige streek nog korhoenders. Maar in 2012 was ook daar de populatie geslonken tot onder de tien exemplaren. Omdat de provincie vanuit Europese Natura 2000-wetgeving verplicht is korhoenders te behoeden voor uitsterven, werd destijds het Zweedse importprogramma opgetuigd. Tegelijkertijd is de Sallandse Heuvelrug geschikter gemaakt voor het dier.

Na enkele jaren met weinig succesvolle bijplaatsingen, waarbij in 2024 door een virus zelfs alle vogels binnen een half jaar dood waren, kon ecoloog Ten Den dit jaar schrijven: ‘In 2027 zal mogelijk een populatieomvang worden bereikt die dat van piekjaren in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw benadert’. Te weten: ‘dertig hanen of meer’, wat neerkomt op een korhoenderpopulatie van grofweg zestig vogels. Bij de laatste telling in april werden 25 hanen geturfd.

In de Europese afspraken staat dat Nederland op de Sallandse Heuvelrug een gezond leefgebied moet garanderen waarin minimaal veertig koerhoenhanen kunnen overleven. Of dit streefgetal gehaald moet worden door het blijven bijplaatsen van Zweedse exemplaren is de vraag. Verantwoordelijk gedeputeerde Maurits von Martels (BBB) liet zich hierover al meermaals kritisch uit.

Von Martels wil nu nog niet inhoudelijk reageren. Hij wacht de definitieve evaluatie af die Wageningen Universiteit in het najaar opstelt. Op basis daarvan beslist de provincie of het dit jaar aflopende bijplaatsprogramma een vervolg krijgt.

Marters, vossen en haviken

Ten Den kijkt in zijn rapportage al wel vooruit. Het bijplaatsen hoeft volgens hem niet meer elk jaar te gebeuren. Als grote aantallen worden gevangen, is eens in de twee of drie jaar ook een optie. Nodig blijft het volgens hem hoe dan ook, omdat er door jagende marters, vossen en haviken niet te verwachten valt dat er genoeg kuikens op de Sallandse Heuvelrug zullen overleven om het huidige niveau vast te houden, laat staan uit te bouwen.

Ten Den waarschuwt: ‘De populatie is minder (acuut) kwetsbaar geworden, maar nog niet vanzelfsprekend zelfstandig levensvatbaar’.

Source: Volkskrant

Previous

Next