Wat voor de spreekkoren en de bekertjes op het veld geldt, zou ook voor vuurwerk moeten gelden: de bal rolt niet zodra het misgaat.
is chef van de politieke redactie.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Als onze voetbalhooligans hun oneindige creativiteit, werkdrift en enthousiasme nou eens zouden gebruiken voor andere doeleinden dan het binnensmokkelen van vuurwerk in de voetbalstadions, zou het land daar voorwaar van kunnen profiteren.
Want creatief zijn ze. Vuurpijlen in vlaggenstokken met dubbele bodems. Cobra’s in de trommels en de spandoeken voor de sfeeracties. Fakkels in alle denkbare lichaamsholtes. Omgekochte stewards en schoonmakers. In scène gezette opstootjes bij de toegangspoorten om de beveiligers af te leiden. Professionele netwerken voor de inkoop, de aanvoer en de distributie, met een strakke organisatiestructuur. Niets wordt aan het toeval overgelaten. No pyro, no party.
Na het jongste incident, dat zondag leidde tot brandwonden, gehoorschade en oogletsel bij argeloze toeschouwers in Leeuwarden, klinkt her en der opnieuw de roep om strengere regels. Gelukkig kapte het Auditteam Voetbal en Veiligheid, het adviesorgaan dat incidenten rond het voetbal onderzoekt, dat debat dinsdag meteen af: die regels zijn er allang, vuurwerk is streng verboden, het is een kwestie van handhaven. Niets tolereren.
Daar wordt in de voetbalwereld vaak sceptisch over gedaan. Toen de KNVB enkele jaren geleden na een reeks zorgelijke incidenten besloot dat er niets meer van de tribune gegooid mocht worden, leidde dat in eerste instantie inderdaad tot enkele potsierlijke taferelen met wedstrijden die werden stilgelegd vanwege een plastic bekertje op het veld. De KNVB kreeg schampere commentaren over zoveel pietluttigheid, maar hield voet bij stuk. En zie, na enkele weken begon de doorgaans rustige meerderheid van de supporters in de stadions zich te roeren en elke onderbreking met afkeer te ontvangen. Het aantal voorvallen nam al snel zienderogen af.
Eerder al werd, na veel aarzelingen, ook gestopt met het gedoogbeleid ten aanzien van kwetsende, discriminerende en soms ronduit racistische spreekkoren op de tribunes. Ook daar is het beleid nu helder: eerst een waarschuwing van de stadionspeaker, daarna wordt de wedstrijd stilgelegd en, als dat niet helpt, uiteindelijk helemaal gestaakt.
Van dat alles gaat kennelijk toch een corrigerende werking uit. Na de aanvankelijke problemen van de postcoronatijd, toen in de weer vol lopende stadions even alle remmen los gingen, rapporteerden de KNVB en de politie in 2025 voor het derde seizoen op rij een dalende trend van het aantal incidenten in en rond de stadions. De pakkans is groter geworden, terwijl de politie-inzet daalt. Daders worden steeds vaker strafrechtelijk vervolgd. Duidelijke afspraken werken.
Alleen met het vuurwerk wil het nog niet lukken, terwijl de aanpak toch voor de hand ligt. Als de KNVB, de clubs, de politie en de betrokken burgemeesters het menen, rolt de bal vanaf nu niet meer zolang er zichtbaar vuurwerk in het stadion is. Het tribunevak waar het te doen is, blijft bij de volgende wedstrijd leeg. En na weer een incident een heel seizoen.
Dat gaat even pijn doen omdat ook mensen die niets hebben gedaan dan de dupe zijn. Zij zullen woedend worden en naar schuldigen gaan zoeken. Precies daar begint de oplossing.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant