Over een week begint het nieuwe academische jaar. Daarom een algemene oproep aan studenten: stop met schrijven met AI. Niet omdat AI niet werkt, maar omdat schrijven een vorm van denken is.
Je kent ze intussen wel: de e-mails van collega’s of externen die plots veel langer of juist veel bondiger zijn dan normaal, iemand die een gedicht of speech voorleest (met of zonder de klassieke mededeling: ‘ik vroeg het eens aan ChatGPT’) en nadien knipoogt: ‘goed hè?’
De zaken die mij zorgen baren, zijn de thesisvoorstellen die opvallend uniform klinken, de dossiers die zich opstapelen bij de examencommissie omdat studenten klakkeloos schrijven met (lees: kopiëren uit) hun favoriete taalmodel en de geringe moeite die wordt gedaan om onze studenten bij te brengen hoe dergelijke systemen werken en hoe ze die verantwoord moeten gebruiken.
Over de auteur
Ann-Katrien Oimann is universitair docent AI Governance and Ethics aan de Universiteit van Tilburg.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Steeds vaker betrap ik mezelf erop dat ik bij elk nieuw boek of wetenschappelijk artikel eerst de datum controleer: verscheen het voor of na november 2022, de periode waarin ChatGPT werd uitgerold voor het grote publiek? De meeste discussies over AI blijven hangen bij de bekende bezwaren: foutieve bronverwijzingen of citaten, hallucinaties, ingebouwde vooroordelen of de ideologische weerspiegelingen van de makers of bedrijven achter de modellen.
Die problemen zijn reëel. Ook de wetenschappelijke wereld ontsnapt er niet aan: een recente studie van Nature liet zien dat tienduizenden publicaties ongeldige bronverwijzingen bevatten die door AI zijn gegenereerd.
Daarnaast zijn er ook ethische bezwaren, zoals de teleurstelling van een bruid of bruidegom die genoot van een ontroerende speech en achteraf hoort dat die speech door een taalmodel is geschreven, de academische integriteit die op de helling staat door valsspelers of de persoonlijke ontwikkeling die hapert.
Maar ook dat is niet mijn grootste zorg. Waar het mij om gaat, is de achteruitgang van het schrijven en dus de achteruitgang van het denken.
Waarom? Omdat schrijven ons tot betere denkers maakt. Schrijven dwingt ons logisch, nauwkeurig, begrijpelijk en samenhangend te redeneren. Een gedachte die alleen in ons hoofd bestaat, lijkt vaak helder. Zodra we ze moeten uitschrijven, merken we waar de redenering hapert, waar argumenten ontbreken of begrippen door elkaar lopen.
Dat is ook belangrijk doordat er de kritische blik van anderen is, die fouten eenvoudig uit geschreven tekst kan halen. We zijn vaak strenger voor teksten op papier dan voor dingen die vluchtig zijn gezegd, juist omdat ze daar overdacht en nauwkeurig geformuleerd konden worden. Schrijven is geen verslag van het denken, maar een manier waarop denken tot stand komt.
Wie veel schrijft, leert dus niet alleen betere teksten produceren. Hij of zij leert ook betere argumenten formuleren, verbanden leggen, tegenargumenten herkennen en zijn of haar eigen ideeën kritisch onderzoeken. Dat leidt niet alleen tot betere studenten of onderzoekers, maar ook tot weerbaardere burgers.
Een collega verwoordde het ooit als volgt: ‘Als je sterk wilt worden en je stuurt iemand anders in jouw plaats naar de sportschool, die persoon volgt perfect jouw trainingsschema en doet al jouw herhalingen, word jij daar dan sterker van?’
Natuurlijk zijn er ook voordelen. Zo levert AI op korte termijn misschien (tijd)winst op: jonge werknemers kunnen sneller produceren, studenten leveren vlotter opdrachten in en professionals werken efficiënter. Maar een vaardigheid ontwikkel je alleen door die zelf (herhaaldelijk) te oefenen. Dat is precies waar onderzoekers vandaag voor waarschuwen met begrippen als deskilling: vaardigheden verminderen wanneer we ze niet langer zelf gebruiken.
Voor wie vóór het AI-tijdperk leerde schrijven en denken, betekent dat een risico op achteruitgang. Voor mensen die alleen het post-taalmodellentijdperk kennen, komt daar echter nog iets bij: never learning. Als je je herhalingen altijd hebt uitbesteed en altijd met een assistent hebt getraind, heb je bepaalde skills misschien nooit volledig ontwikkeld.
Welnu, de spier die bij het dagelijkse schrijven wordt getraind, is dezelfde als de spier die wordt getraind bij het schrijven van belangrijke memo’s, speeches et cetera. Iemand die altijd zelf naar de fitness gaat, zal de push-ups eenvoudiger vinden dan iemand die tweemaal per week een assistent stuurt om ze uit te voeren.
Vandaar mijn oproep bij de start van het nieuwe academische jaar aan zowel studenten uit het pre-taalmodellentijdperk als studenten uit het post-taalmodellentijdperk. Niet op 1 januari, maar op 1 september: als je sterker wilt worden, is er maar één oplossing, en dat is zelf zwoegen, dus ga zelf naar de sportschool (en train de spieren die AI niet voor je kan trainen).
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant