Home

Gezellig wilde het in coronatijd niet worden in de Kamer: griffier Roos voelde zich niet serieus genomen

De moeizame relatie tussen voormalig Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib en oud-griffier Simone Roos, die in 2022 bijdroeg aan hun aftreden, speelde al volop gedurende de coronacrisis. Roos voelde zich al in 2020 voortdurend genegeerd. Ze slaagde er niet in Aribs vertrouwen te winnen. ‘Dat is niet makkelijk werken.’

is chef van de politieke redactie.

Dat vertelde Roos maandag in haar verhoor voor de parlementaire enquêtecommissie naar het coronabeleid. Roos was als griffier het hoofd van de ambtelijke organisatie van de Kamer en, op papier, een belangrijke adviseur van de Kamervoorzitter. In de praktijk had zij zelden het gevoel dat Arib op haar advies zat te wachten.

Dat bleek toen moest worden besloten hoe de Kamer zou vergaderen tijdens de lockdown. De meeste debatten werden al snel afgelast, behalve die over het coronabeleid. Arib stond erop dat Kamerleden daar fysiek bij aanwezig zouden zijn. Voor digitale debatten voelde zij niets, terwijl met name de VVD-fractie daar op aandrong.

Ook Roos vond dat de digitale mogelijkheden moesten worden onderzocht. ‘Dat heb ik de voorzitter geadviseerd. Ik vond het belangrijk om te willen weten: wat kan er in verschillende situaties? Maar er was gewoon geen interesse voor.’

Ook ging het mis toen bleek dat de Kamer geen crisisplan had voor een pandemie. Daardoor moest er in het begin veel geïmproviseerd worden. Roos is zo’n crisisplan vervolgens samen met andere ambtenaren alsnog gaan schrijven. Toen het eind mei 2020 klaar was en op het bureau van Arib belandde, deed die er niets mee.

‘Mosterd na de maaltijd’

‘Ik heb meermalen gevraagd of het crisisplan door kon naar het Presidium (het dagelijks bestuur van de Kamer, red.), aldus Roos. ‘Dan vroeg ik: heb je nog opmerkingen? Maar ik kreeg geen reactie. Of ze zei dat ze er nog naar zou kijken. Of het was kwijt. Dan leverden we het opnieuw aan. Het klinkt misschien heel gek, maar zo was het.’

Roos verklaarde maandag geen idee te hebben waarom dat zo ging. In haar eigen verhoor zei Arib eerder deze zomer dat ze Roos’ plan ‘mosterd na de maaltijd’ vond. ‘Je moest op dat moment handelen en dan lagen er van die dikke rapporten die in besloten ambtelijke kring waren bedacht’, aldus Arib.

Tussen haar en Roos kwam het niet meer goed. In 2022 stapte Arib op nadat nieuws over een onderzoek naar klachten over haar gedrag op de werkvloer in de pers was beland, nog voordat zij zelf op de hoogte was gesteld. Roos was destijds aanwezig bij een ambtelijk topberaad waarin werd besproken hoe informatie over het onderzoek kon worden gelekt naar de media. Niet lang na Arib stapte de hele ambtelijke top op, inclusief Roos.

Wat de enquêtecommissie moet met de beroerde verhoudingen in het Kamergebouw werd maandag niet duidelijk. ‘Ik vind het moeilijk om te zeggen of het anders of beter was gelopen als onze relatie beter was geweest’, aldus Roos over het functioneren van de Kamer.

‘Nu meer respect’

Eerder op de dag keek toenmalig VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff, die liever digitaal wilde debatteren, zonder veel berouw of wroeging terug. Hij heeft inmiddels meer begrip voor Aribs wens om fysiek bijeen te komen. ‘Zij vond dat de Kamer in zo’n situatie als instituut moet laten zien dat het blijft functioneren, dat zo’n virus ons er niet onder krijgt. Ik heb daar nu meer respect voor dan toen. Er is wel iets voor te zeggen dat dat voor de moraal in het land positief kan zijn.’

Wél vindt Dijkhoff ook nu nog dat de volksvertegenwoordiging zich beter moet voorbereiden op crises, omdat er situaties kunnen ontstaan waarin fysieke bijeenkomsten simpelweg niet mogelijk zijn. ‘Ik denk dat het raadzaam is dat er in elk geval een plan ligt waarmee je als parlement kunt blijven functioneren, zelfs als iedereen in een schuilkelder zit, dramatisch gezegd. Dan heb je in elk geval een keuze.’

Op het coronabeleid zelf kijkt hij terug met meer begrip voor critici die vonden dat er te weinig aandacht was voor de maatschappelijke gevolgen. Hij had daar soms begripvoller op kunnen reageren. ‘Ik zat zelf aan de behoedzame kant. Van nature. Maar ik heb me in die debatten misschien ook te veel laten afleiden door de radicale stemmen aan de andere kant. De mensen die ouderen beschreven als dor hout. Dat werkte als een rode lap op een stier. Daardoor heb ik misschien te weinig aandacht gehad voor de terechte geluiden die er óók waren. Mensen voelden zich gestigmatiseerd en buitengesloten.’

Luister ook naar onze politieke podcast ‘De kamer van Klok’:

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next