Home

Voor kabinet én oppositie is er weinig reden om nu een alomvattende deal te willen sluiten

Regerings- én oppositiepartijen wekken de indruk dat er in de aanloop naar Prinsjesdag veel meer op het spel staat dan anders. Dat valt nog te bezien.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Rituelen geven de politiek houvast in onzekere tijden. De maand augustus voorziet er ruimschoots in. Zodra Prinsjesdag nadert, biedt Den Haag de vertrouwde aanblik: fractieleiders die vol bravoure melden dat zij heel wat noten op hun zang hebben. Kamerleden met een wiskundeknobbel die zich naar het ministerie van Financiën spoeden om de mogelijkheden door te nemen. De dienstdoende minister die in elke beschikbare microfoon uitlegt dat het er somber uitziet nu hij helaas heeft moeten constateren dat het geld op is.

Dat dat in de praktijk nogal meevalt, blijkt zodra er toch nog enkele honderden miljoenen worden gevonden om ten minste de koopkrachtcijfers voor elke denkbare kiezersgroep weer ‘in de plus’ te krijgen. Bij de Algemene Politieke Beschouwingen volgt stap twee, als er ook nog miljoenen beschikbaar blijken voor aanpassingen die het parlement wat milder moeten stemmen.

Het grote verschil met eerdere jaren is dat het kabinet het dit keer in beide Kamers zonder gegarandeerde meerderheden moet doen. Regerings- én oppositiepartijen wekken sinds het begin van de zomer de indruk dat er daarom nu ook veel meer op het spel staat dan anders. Vanuit de VVD kwam zelfs het signaal dat de kans ‘fifty-fifty’ is dat het kabinet valt.

Dat is nogal voorbarig. Haast is er sowieso niet. Rond Prinsjesdag hoeft in september nergens over gestemd te worden. Tenzij een Kamermeerderheid de Miljoenennota zo fundamenteel verwerpt dat het vertrouwen in het kabinet wordt opgezegd, maar dat is niet de verwachting. Ook veel oppositiepartijen zijn moe van alle opeenvolgende verkiezingen.

Volop redenen

De belangrijkste kabinetsplannen waartegen in de samenleving het oproer kraait, staan bovendien niet in de begroting voor 2027. De verkorting van de werkloosheidsuitkering, de ingrepen in de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de verhoging van de AOW-leeftijd, de verlaging van het maximumdagloon: het is allemaal pas voor later ingepland. De linkse oppositie, die in beide Kamers meerderheden kan leveren, heeft volop redenen om zich tegen die plannen te keren, maar ze zijn geen geloofwaardige aanleiding om de begroting voor 2027 weg te stemmen.

Actueler zijn de bezwaren van die oppositie tegen het Belastingplan. Pro-leider Klaver eist een eerlijker lastenverdeling en verhoging van de vermogens- en winstbelasting. Maar zelfs daarvoor geldt dat er pas laat in het najaar over moet worden gestemd. Voor de regeringspartijen zal de verleiding groot zijn om pas na de Algemene Beschouwingen de balans op te maken. Wat ze nu al weggeven, krijgen ze nooit meer terug.

Voor Klaver zelf dringt zich intussen de vraag op waarom hij nu al een allesoverkoepelende deal met het kabinet zou willen sluiten. Dat gaat nooit zonder water bij de wijn, waardoor hij voor veel kiezers opeens medeverantwoordelijk wordt voor al het kabinetsbeleid. Een voortdurende onderhandelingspositie, met een hele herfst lang kans op winstpunten in elk debat over elke departementale begroting, is veel aantrekkelijker.

Er zijn al met al nogal wat redenen om zonder paniek naar de politieke rituelen van deze weken te kijken. Het belangrijkste verschil met die van andere jaren is dat ze waarschijnlijk een paar maanden langer gaan duren.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next