De wetenschapsredactie beantwoordt kleine en grote vragen die lezers bezighouden. Deze week: al die aardbevingen de laatste tijd, komt dat soms doordat de aarde uitzet?
is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.
Een rampzalige aardbeving in Venezuela. Eentje in Colombia. Daarna weer een in Indonesië. En tussendoor: de Italiaanse vulkaan de Etna, die weer tot uitbarsting is gekomen.
Lezer Gert van Schaik denkt er het zijne van. Zou het soms komen door de opwarming van de aarde? ‘Als de aarde opwarmt, zal ze uitzetten. De inhoud neemt dan meer toe dan de oppervlakte’, redeneert hij. ‘De toename van de inhoud zal dan ergens heen moeten.’ Is dát soms de reden waarom de aardplaten los lijken te zitten en er magmakamers openknappen?
De gedachte is zo gek nog niet. Want reken maar dat opwarmend gesteente uitzet, meldt geofysicus Rob Govers (Universiteit Utrecht) desgevraagd. Alleen is dat nog wat anders dan dat onze planeet als geheel opzwelt door de opwarming van het klimaat, benadrukt hij.
Warmte uit de dampkring dringt maar ‘zeer ondiep’ door in de bodem, legt Govers uit: ‘In de orde van centimeters tot decimeters.’ Dat is veel te weinig om te leiden tot uitzettende aardplaten of aardbevingen. ‘Die vinden plaats op dieptes tussen 3 kilometer (Groningen) en 150 kilometer (Colombia)’, verduidelijkt Govers.
Niet dat er helemáál geen verband is tussen aardgeweld en klimaatverandering. Alleen is dat verband doorgaans indirect en zijn de gevolgen vooral plaatselijk. Zo gaan aardwetenschappers ervan uit dat op IJsland sommige vulkanen in bedwang worden gehouden door het gewicht van de reusachtige gletsjers erbovenop. Als die smelten, vermindert ook de tegendruk en kunnen vulkaansystemen zoals de Grímsvötn of de Bárðarbunga makkelijker tot uitbarsting komen, denken experts.
En aardbevingen? In de Alpen ontdekten Zwitserse onderzoekers vorig jaar dat er na een hittegolf in 2015 opeens meer mini-aardbevinkjes plaatsvonden onder de Grandes Jorasses, een piek waar veel gletsjersmelt was geweest. Mogelijk was het smeltwater de bodem in gesijpeld, waar het doordringt in de poriën van gesteenten en extra druk uitoefent. Dat zou meteen verklaren waarom kleine aardbevingen rond de Mont Blanc een seizoenspatroon vertonen, met een toename van schokjes aan het eind van de zomer.
Maar, zo benadrukt Govers: grote aardbevingen zoals in Venezuela, Colombia en Indonesië verklaar je er niet mee. Dat die zo kort na elkaar vallen, is vooral toeval, denkt hij. ‘Er zijn ieder jaar gemiddeld twintig bevingen met deze sterkte.’
Daarbij vallen de bevingen van de laatste tijd extra op, omdat ze zich toevallig alle drie voordeden in dichtbevolkt gebied, met veel schade en slachtoffers. Govers: ‘Bevingen in Verweggistan met enkele tientallen slachtoffers krijgen vaak geen aandacht. Zeker niet in de rest van het jaar, als er toch al meer nieuws is in de media dan tijdens het zomerreces.’
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant