Waar Tadej Pogačar dit jaar zijn enige nog ontbrekende grote rondewinst wil boeken, zal Wout van Aert in de Vuelta van 2026 vooral op zoek gaan naar ritzeges. De Belg van Visma-Lease a Bike, die de Tour de France dit jaar moest missen, treft in Spanje een parcours op maat.
De Ronde van Spanje van 2026 begint zaterdag met een technische proloog in Monaco en eindigt zondag 13 september met een spectaculair slot in Granada. De topsprinters laten de ronde dit jaar links liggen, maar voor Wout van Aert liggen er juist genoeg kansen in het verschiet. Met Tadej Pogačar aan de start lijkt het bij voorbaat een uitgemaakte zaak wie deze drieweekse wedstrijd gaat winnen.
Met de proloog van de Vuelta heeft Monaco een primeur te pakken: het is de eerste stad die de start van alle drie de grote rondes heeft georganiseerd. In 1966 startte de Giro d’Italia er ter ere van het honderdjarig bestaan van Monte Carlo, en de Tour de France van 2009 begon met een tijdrit in het prinsdom. Wellicht niet geheel toevallig is Monaco de woonplaats van Tadej Pogačar, die over drie weken mogelijk eindelijk alle drie de grote rondes heeft gewonnen.
De proloog heeft een totale lengte van 9,4 kilometer en is erg technisch. De renners rijden deels over het Formule 1-circuit van Monaco. De start is bij het Monte Carlo Casino, terwijl de finish op dezelfde plaats ligt als voor de racewagens.
Een week na het tragische overlijden van de 19-jarige Finlay Tarling doet zijn broer Joshua Tarling mee aan de Vuelta. De Welshman zal ongetwijfeld zijn jongere broer, die tijdens de Volta a Portugal werd aangereden door een auto, willen eren met een zege. Als erkend tijdrijder is hij op het slingerende parcours de grootste kanshebber voor de eerste rode trui, en wie zou hem die niet gunnen?
Vanwege de terugkeer van de Formule 1 naar Madrid eindigt de Ronde van Spanje niet met een traditionele slotrit in de Spaanse hoofdstad. Na de chaos van vorig jaar, toen de laatste etappe als gevolg van massale pro-Palestijnse protesten niet kon worden uitgereden, heeft het toetje van de Vuelta nu veel weg van het slot van de Tour in Parijs.
Op 13 september sluit de Vuelta na vier explosieve lokale rondes af in Granada, telkens met een venijnige klim richting het Alhambra – nog net iets zwaarder dan het klimmetje naar Montmartre. Na de laatste passage is het nog zo’n 18 kilometer tot de finish. Met Pogačar, Van Aert en Pedersen in de gelederen is spektakel haast gegarandeerd.
Olav Kooij, Jasper Philipsen, Tim Merlier, Jonathan Milan, Dylan Groenewegen: allemaal verkozen ze de Renewi Tour boven een deelname aan de Vuelta. De vijfdaagse ronde in België biedt voor de spurtbommen nu eenmaal meer kansen op dagsucces. In de Vuelta zouden zij mogelijk maar drie kansen hebben, waarvan de twee voornaamste pas in de derde week.
Volgens de organisatie is dit de Ronde van Spanje met de meeste hoogtemeters ooit. Aangezien het peloton niet door Asturië trekt, krijgen de renners geen mythische cols als de Angliru of Lagos de Covadonga voor de kiezen. Via de Pyreneeën en Andorra trekt de Vuelta, die dit jaar een speeltuin voor goed klimmende aanvallers lijkt, langs de oostkust naar Zuid-Spanje.
Er staan voor de renners twee onbekende beklimmingen op het menu. In etappe 6 doemt met de Puerto de El Bartolo een steile gravelklim op. De loodzware Collado del Alguacil is een passend sluitstuk van de koninginnenrit, pas op de voorlaatste dag. Het venijn zit in de staart.
Achter de ongenaakbaar lijkende Tadej Pogačar ligt de strijd om de overige podiumplaatsen open. De grootste kanshebber om een-na-beste te worden is Felix Gall, die dat in de Giro ook was, achter Jonas Vingegaard. Met de eindzege in de Ronde van Burgos bewees de Oostenrijker in vorm te zijn. Gall is kwetsbaar wanneer de weg niet omhoog loopt: tijdrijden is niet zijn ding, en hij moet uitkijken voor waaiers.
Verder zijn Enric Mas, Oscar Onley, Richard Carapaz en Pogačars ploeggenoot João Almeida gegadigden om in Granada op het podium te belanden. De kansen van Primoz Roglič, samen met Roberto Heras recordwinnaar met vier eindoverwinningen, zijn minder groot; de Sloveen kwam in aanloop naar de Vuelta ten val en zit op 36-jarige leeftijd in de herfst van zijn carrière.
Grote afwezige in de heroïsche slotrit van de Tour de France van dit jaar was Wout van Aert. Vanwege een elleboogblessure moest de 31-jarige Belg voor het eerst in acht jaar de grootste wielerronde van het jaar missen. Bij zijn terugkeer, eind juli in Denemarken, won Van Aert zijn eerste drie etappes en en passant ook het eindklassement. Net als Tadej Pogačar, die hij in april nog versloeg in Parijs-Roubaix, neemt hij voor de tweede maal deel aan de Vuelta.
In 2024 maakte Van Aert zijn debuut in de Ronde van Spanje. In het openingsweekend veroverde hij in Portugal de rode leiderstrui, iets waarop hij nu weer zijn zinnen heeft gezet. Na twee weken ging de Belg aan de leiding in zowel het punten- als het bergklassement en had hij al drie ritzeges geboekt. In de zestiende etappe moest hij na een valpartij noodgedwongen opgeven.
Reken er maar op dat Van Aert naast meerdere ritzeges ook graag een nevenklassement binnensleept. Met Mads Pedersen, die de Tour kleur gaf in zijn jacht op de groene trui, staat er alvast een geduchte concurrent aan de start. Van Aerts ploeg Visma-Lease a Bike kan in de vlakkere ritten ook de jonge Brit Matthew Brennan uitspelen, die dan bij gebrek aan topsprinters kan toeslaan.
In totaal doen er negen Nederlanders mee aan de Vuelta, maar zij lijken niet erg kansrijk. Mathieu van der Poel had deze Vuelta nog meer kleur kunnen geven, maar de eeuwige rivaal van Van Aert maakt zich op voor het WK mountainbike van volgend weekend.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant