Ergens ben ik gestopt met antivaxxers, kruidenvrouwtjes en paleomannetjes belachelijk maken. Ik heb me daar een aantal jaar uitstekend mee vermaakt, om influencers die aantoonbare kullebul verkondigen een basislesje biochemie te geven. Maar ik was toe aan iets grootsers.
Die aanpak was me steeds meer gaan tegenstaan naarmate wetenschap, ondanks een stevige betrouwbaarheidscrisis, steeds vaker werd ingezet als ultieme autoriteit waarmee burgers met legitieme zorgen aan de kant werden geschoven. De coronapandemie was toen nog niet eens uitgebroken.
Bovendien kwam ik tot de realisatie dat die mensen die ik belaagde, misschien wel onterechte angsten aanjaagden voor voeding of vaccins en daarmee zo nu en dan schade aanrichtten, maar dat ze minimale invloed hadden. Fringe, en daarmee een makkelijk doelwit.
En als je zo geprivilegieerd bent als ik moet je niet naar beneden trappen, maar je concentreren op de mensen en organisaties die aan de knoppen zitten: overheden, grote bedrijven of anderszins bovenliggende partijen.
Een nieuwe generatie neemt het van me over. Mensen als Sjamadriaan, dappere verdedigers van de gevestigde orde, met het Grote Wetenschappelijk Gelijk aan hun kant. Ik dacht daar aan toen verschillende auteurs deze week hun podium gebruikten om de demonstrerende boeren belachelijk te maken.
Deze zomer besloot provincie Noord-Brabant om de natuurvergunning van vijf pluimveehouders zomaar in te trekken. Dat waren boeren die zich keurig aan de regelgeving hadden gehouden, binnen hun natuurvergunning, milieuvergunning en dierrechten opereren. Maar ze hadden de pech om uit duizenden bedrijven eruit gepikt te worden in het procedeergeweld van milieuorganisatie Mobilisation for the Environment (MOB) en vervolgens met een provinciale pennenstreek illegaal te worden verklaard. Een volledig terecht boerenprotest volgde. Dit was een nieuwe mijlpaal in de waanzin van het stikstofdossier.
Maar nee, vond Volkskrant-columnist Marcia Luyten. Dit ging niet om onrecht. Die boeren kwamen alleen maar op voor hun eigen”particuliere economische belang en dat van Big Agro”. Ook Lodewijk van Oord, auteur van het boek Protesteren voor beginners, vond dit geen opstand tegen bestuurlijke willekeur zo legde hij uit in radioprogramma Max Nieuwsweekend, maar puur en alleen boeren eigenbelang. In zijn boek gaat hij nog een stap verder en beoordeelt de legitimiteit van protest op hun wetenschappelijkheid. Het boerenprotest was niet in lijn met ”de feitelijkheid van het dossier”. De boeren durfden het om zowaar de wetenschap te bevragen in tegenstelling tot de klimaatprotesten die de wetenschap wél aan hun kant hadden staan, zo luidt ongeveer zijn boodschap.
Geen woord over het zeven jaar durende wanbeleid. Geen woord over het gebruik van wetenschappelijk instrumentarium ver buiten het toepassingsbereik, waarmee vergunningen werden ontzegd aan boeren wier stikstofdepositie met geen enkele statistische significantie kon worden aangetoond. De intrekking van de vergunningen was een besluit waarvan zelfs de voormalig advocaat van MOB aangaf dat het toch geen stand ging houden. Omdat er geen beleid achter zat, geen gedachtegang. De overheid had gewoon vrij lukraak bedrijven aangewezen die moesten ophoepelen. Besturen met het motto ‘we moeten iets, dit is iets’.
Daar zou iedereen boos over moeten worden. Ieder die graag ziet dat Nederland naar een minder intensieve veehouderij gaat, en stappen zet richting minder stikstofemissies, zou dit beleid kapot moeten schrijven. Maar nee, de auteurs richten zich niet tegen de bestuurders, niet tegen beleid, maar tegen de ontvangende kant ervan, de machtelozen die alleen hun trekker hebben om hun onvrede te uiten.
Ik dacht aan al die momenten waarop ik wel intersectioneel activisme zag. Die keer bij een XR-bezetting in Parijs, waar de klimaatactivisten ook sprekers van de Gele Hesjes aan het woord lieten die elders in Parijs demonstreerden. Die zich mochten beklagen over de inflatie, en hoe onbetaalbaar het vlees en de benzine waren geworden.
Groots.
Of aan directeur en oprichter van Stichting Urgenda Marjan Minnesma, die eerder dit jaar te vroeg overleed. Die met haar organisatie niet achter een handvol MKB’ers aanging maar achter de landelijke overheid. Ze was visionair, begripvol, altijd bereid met een hartelijke lach mee te denken, haar ontzagwekkende kennis en inzicht te delen, ook wanneer je het met haar oneens was.
Groots.
Dat siert een protestbeweging. De diepe realisatie dat we allemaal in de problemen komen, wanneer overheden ons niet beschermen, ons klimaat niet, onze leefomgeving niet, onze rechten niet. En dat welke transitie dan ook gedoemd is te mislukken, wanneer die onrechtvaardig en onuitlegbaar is. Richt je pijlen op de mensen die aan de knoppen zitten, dat getuigt van grootsheid.