In de Amerikaanse basketbalcompetitie WNBA gaat het de laatste weken nauwelijks meer over basketbal, met dank aan Sophie Cunningham (30) en haar controversiële opmerkingen over trans vrouwen. Voor conservatief Amerika is ze een held.
schrijft voor de Volkskrant over Amerikaanse sporten.
‘Mensen houden van me of haten me’, sprak Sophie Cunningham onlangs in een uitgebreid profiel van sportplatform ESPN. ‘Het kan me niets schelen.’
Dat de basketballer van Indiana Fever inderdaad hevige, uiteenlopende emoties oproept, bleek vooral de afgelopen weken. In hetzelfde interview had Cunningham zich uitgelaten over een heet hangijzer: trans vrouwen in de sport.
Het artikel van ESPN verscheen eind juli, maar de uitspraken die de basketballler daarin deed, houden de gemoederen in en rondom haar competitie WNBA nog altijd bezig. ‘Ik wil meisjes in de kleedkamer beschermen’, zei Cunningham in de gewraakte passage. ‘Die zouden niet tegen biologische mannen moeten hoeven te sporten.’
De 30-jarige Cunningham oogstte met haar uitspraken adoratie én verontwaardiging, zoals ze naar eigen zeggen gewend is. De liefde kwam voornamelijk uit conservatieve hoek, waar de basketbalster door sommigen al liefkozend ‘MAGA Barbie’ werd genoemd, een verwijzing naar de ‘make America great’-beweging van president Trump.
De witte, blonde Cunningham verklaarde dat ze zich politiek ‘in het midden’ begaf, maar zeker na het interview met ESPN wordt ze in de VS door radicaal-rechts op het schild gehesen. Met haar opmerkingen over trans vrouwen bereed Cunningham een stokpaardje van president Trump, die in zijn tweede termijn de aanval op de trans gemeenschap opende.
Kort na zijn terugkeer in het Witte Huis tekende Trump een reeks decreten die de rechten en bewegingsvrijheid van trans personen in de VS danig inperkten. Zo verdween de optie om op paspoorten een x te kiezen bij het invullen van geslacht en werden trans personen onder meer verbannen uit het Amerikaanse leger.
Ook verbood Trump trans meisjes en vrouwen om op scholen en universiteiten te sporten in vrouwenteams, een beslissing die later werd overgenomen door het Hooggerechtshof, al liet dat de keuze aan de individuele staten. In 27 daarvan mogen trans meisjes en vrouwen inmiddels niet meer meedoen.
De afgelopen weken vonden kleinschalige demonstraties plaats bij uitwedstrijden van Indiana Fever, met zowel voor- als tegenstanders van Cunningham. De eerste groep ziet haar als een voorvechter van vrouwenrechten, volgens anderen duwt ze trans vrouwen met haar uitspraken onnodig nog verder het verdomhoekje in.
In sommige stadions stuitte Cunningham de afgelopen weken op verzet. Onder meer in Minnesota klonk boegeroep, telkens als ze de bal aanraakte. Cheryl Reeve, coach van thuisploeg Minnesota Lynx, stond aan de zijlijn in een shirt met de tekst ‘trans kinderen horen erbij’. Seattle Storm-speler Stefanie Dolson droeg bij een wedstrijd tegen Indiana een soortgelijke boodschap uit: ‘Trans rechten zijn mensenrechten.’
Het basketbal uit de WNBA wordt in de Amerikaanse media overschaduwd door incidenten in de nasleep van Cunninghams uitspraken. Een mede-eigenaar van Seattle Storm werd geschorst omdat ze verbaal was uitgevallen tegen twee tieners die op de eerste rij borden met steunbetuigingen voor Cunningham omhoog hielden.
Cunningham zelf werd bij een wedstrijd tegen Chicago Sky hard tegen de grond gewerkt door tegenstander DiJonai Carrington, die daarvoor van het veld werd gestuurd. Door conservatieve media werd de zwarte Carrington ‘gewelddadig’ genoemd. Een openbaar aanklager in Florida meldde dat ze in zijn staat was gearresteerd.
Zo beheerst Cunningham momenteel het gesprek van de dag in de WNBA, een competitie die de afgelopen jaren hard groeide, aantrekkelijk basketbal van hoog niveau biedt en veel sterspelers voortbrengt. Tot die categorie behoort Cunningham niet. De basketballer uit Missouri is een bekwaam schutter, maar begint de meeste wedstrijden op de reservebank.
Lang speelde ze in relatieve anonimiteit bij Phoenix Mercury, totdat ze afgelopen seizoen werd overgenomen door Indiana Fever. Daar werd ze teamgenoot van Caitlin Clark, een razend populaire scherpschutter die de kijkcijfers en bezoekersaantallen van de WNBA de afgelopen seizoenen tot recordhoogten stuwde.
Cunningham maakte vorig jaar naam toen ze met een harde fout wraak nam op een speler die Clark in een oog had geraakt. In het opstootje dat daarop ontstond, wees ze secondenlang met uitgestrekte arm naar haar woeste opponent, een houding die een internetmeme werd die zelfs Trump op een van zijn rally’s gebruikte.
Met haar actie kreeg de uitgesproken Cunningham de reputatie van ‘bodyguard’ van Clark. Op sociale media kreeg ze er miljoenen volgers bij en de ene na de andere sponsor wilde zich aan haar binden. Het duurde niet lang voor ze een eigen podcast kreeg.
Ook mocht ze onlangs in Las Vegas optreden als ‘ring girl’ bij een UFC-gevecht. Dana White, baas van de vechtsportcompetitie en een fervent Trump-aanhanger, is fan van Cunningham en zat bij een van haar wedstrijden op de eerste rij. Bij andere wedstrijden poseerde ze aan de zijlijn voor foto’s met bekende activisten tegen rechten voor trans personen.
Conservatieve media en kopstukken schaarden zich de afgelopen weken gretig achter Cunningham, terwijl op platformen als X felle, vaak ongenuanceerde discussies over haar uitspraken losbarstten. Zo werd de WNBA niet voor het eerst het middelpunt van de Amerikaanse cultuuroorlog, een clash tussen rechtse en linkse ideologie.
De van oudsher progressiefste competitie van de VS, waar speelsters zich vaak als eerste uitspraken over kwesties als racisme en lhbti-rechten, kreeg er de afgelopen jaren veel nieuwe belangstellenden bij. De groeiende aandacht leidde tot betere salarissen voor de spelers, maar ook tot veel narigheid.
Veel traditionele sportfans trokken in het spoor van de witte Clark naar de WNBA – het aandeel mannelijke kijkers nam sterk toe – en volgens de rotste appels in haar gevolg zouden haar overwegend zwarte tegenstanders haar uit jaloezie harder aanpakken dan anderen.
De WNBA werd tegen wil en dank een forum waar het vaak giftige debat over ras werd gevoerd. Zwarte spelers die Clark volgens haar aanhangers in de weg stonden, kregen op sociale media te maken met racistische verwensingen.
Door de uitspraken van Cunningham is de competitie dit keer het middelpunt van de discussies over trans vrouwen in de vrouwensport, tot ergernis van veel spelers en coaches. In een verklaring sprak de spelersvakbond van de WNBA zich uit tegen ‘haat en demonisering van alle groeperingen, inclusief trans personen’. En ook: ‘We laten ons niet gebruiken als politieke pion.’
Met haar uitspraken over trans vrouwen bood Cunningham haar uiterst conservatieve landgenoten, bewust of onbewust, een stok om een al gemarginaliseerde groep mee te slaan. Wie Trump, Vance en andere rechtse kopstukken aanhoort, kan soms de indruk krijgen dat de vrouwensport momenteel wordt overspoeld door trans vrouwen.
In werkelijkheid heeft er in het dertigjarige bestaan van de WNBA nog nooit een trans vrouw op het veld gestaan. In de Amerikaanse universiteitssport, de levensader van de grote competities, is het aantal trans vrouwen op de vingers van een hand te tellen. Volgens het overkoepelende orgaan NCAA zijn het er ongeveer 10 op in totaal 500 duizend sportende studenten.
Toch is de NCAA een van de vele sportorganisaties wereldwijd die trans vrouwen hebben verbannen. Onder meer het IOC, de tennisbond WTA en de Engelse voetbalbond FA stelden regels op waarmee trans vrouwen worden geweerd. In Nederland werd trans darter Noa-Lynn van Leuven uit vrouwencompetities verbannen.
De Amerikaanse bevolking bestaat voor nog geen procent uit trans personen, maar toch zou die kleine groep volgens radicaal-rechts een bedreiging voor de sport vormen. Zelfs door de co-presentator van haar eigen podcast, realityster West Wilson, werd Cunningham op de onwaarschijnlijkheid daarvan gewezen. ‘Het is een issue dat nauwelijks bestaat’, zei hij. ‘Het leidt af van zaken die er echt toe doen, zoals gezondheidszorg en huisvesting.’
Na de ontstane ophef zette Cunningham aanvankelijk haar hakken in het zand. ‘Ik sta achter mijn woorden’, zei ze. ‘Het is gezond verstand.’ Maar na een paar weken vond ook zij dat de aandacht wel weer naar het basketbal zelf mocht. Nu de geest uit de fles is, lijkt dat makkelijker gezegd dan gedaan.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant