Home

Gevangen in eindeloos verlangen naar de ander die je steeds net ontglipt

Zomerliefde Onstuimige, hongerige verliefdheid. Deze zomer zoekt NRC de beste boeken over zomerse liefde. In deze aflevering: Noem me bij jouw naam van André Aciman.

Wat is er opwindender, geiler dan aantrekken en afstoten? Dan iets nét niet kunnen krijgen? Call Me By Your Name (2007) van André Aciman, in Nederlandse vertaling verschenen als Noem me bij jouw naam, is zo’n oneindig, sadistisch spel. De titel van het eerste deel alleen al: ‘If Not Later, When?’ Dit liefdesverhaal tussen twee jonge mannen schippert continu tussen nu en later, tussen altijd en nooit. En werd daarom misschien, zeker na de verfilming (2017), zo snel een klassieker.

André Aciman: Noem me bij jouw naam. (Call Me By Your Name) Vert. Nan Lenders. Anthos, 258 blz. €19,95

‘Skin everywhere’, merkt Elio op aan Oliver, de eerste keer dat hij hem ziet. Van wie anders zie je ‘overal huid’ dan van de mensen die je onweerstaanbaar vindt? Toch zal Elio hem algauw gaan ‘haten’. Hij haat de vanzelfsprekendheid waarmee Oliver zich door het leven beweegt, hij haat zijn ogenschijnlijke onverschilligheid, wat hem natuurlijk alleen maar aantrekkelijker, want onbereikbaarder maakt. Elio haat vooral dat hijzelf constant bezig is met waar Oliver is. Gékmakend.

We zijn in Italië, de hete, lome variant, met de geur van rozemarijn en het geluid van cicaden, in de jaren tachtig. Elio en Oliver hangen in en rond het zomerhuis, zo’n exemplaar dat ook een zwembad, tennisbaan, gastenverblijf en huishoudster heeft, van de ouders van Elio. Zijn vader is academicus, en elke zomer nodigt hij een ambitieuze student uit om zes weken in de villa te werken. Deze keer is dat de 24-jarige Oliver. De zeven jaar jongere Elio ziet het eerst met lede ogen aan: moet hij weer zijn kamer afstaan aan een gast, en dan ook nog aan zo’n brok arrogantie?

Maar al snel ontstaat dat magnetische spel. Tijdens hun eerste wandeling plaagt Oliver Elio, maar als Elio voorstelt hem het nabijgelegen dorpje te laten zien, antwoordt Oliver: ‘Later, misschien.’ Als ze na een paar dagen radiostilte samen gaan hardlopen, en Elio een persoonlijke vraag stelt: ‘Later.’ Als Elio de priemende blik van Oliver voelt, en opkijkt, verandert diezelfde blik in een afstandelijke grimas. Bij hem moet ik uit de buurt blijven, denkt Elio. Om vervolgens brandend van verlangen met alleen een zwembroek aan op bed te blijven liggen, hopend dat Oliver z’n kamer binnenkomt en hem bespringt. „Misschien heb ik dit altijd gewild”, denkt Elio. „Om voor altijd te wachten.”

En dat allemaal voor pagina dertig. Aciman heeft geen jaren voorgeschiedenis of gedetailleerde karakterschetsen nodig om de spanning op te bouwen. Dat de jongens in de hitte nooit veel kleding aan hebben, helpt natuurlijk ook. De hormonen die bij Elio alle kanten op schieten ook.

Elio dénkt zo veel. Hij interpreteert elk woord, elk gebaar van Olivier kapot. Waarom zet hij dat drinkglas zo dicht bij hem neer? Lacht hij omdat hij zich betrapt voelt? Of lacht hij om mij? Het geflirt volgt zo het trage tempo van de hete dagen. Elio’s ouders zijn ondertussen slechts schimmen op de achtergrond. Precies zoals het hoort als je totaal gefixeerd bent op die ene persoon.

En dan ineens gaat Oliver met Chiara, het buurmeisje. Ze hardlopen of zwemmen niet meer samen, stoppen zelfs met praten. Elio denkt dat Oliver niet eens meer aan hem dénkt, en probeert daarom ook maar extra onverschillig te doen.

Al snel draaien de magneten weer met de goede kant naar elkaar toe. Maar zelfs bij de eerste kus is Oliver terughoudend, en na het voetjevrijen onder de tafel is hij ineens een dag verdwenen. „Zwischen Immer und Nie” citeert Elio de Duitstalige dichter Paul Celan. Moet Elio naakt zijn kamer binnenrennen (altijd) of zou dat het allemaal verpesten (nooit)? De pendule blijft vaak in het midden hangen.

Tot die ineens hélemaal uitslaat naar ‘altijd’. ‘Noem mij bij jouw naam’, fluistert Oliver tegen Elio in het heetst van het spel. ‘Dan noem ik jou bij de mijne.’ Twee lichamen en geesten die één worden. Is dat totale intimiteit?

Maar boven deze honeymoonfase hangt de terugkeer van Oliver naar de VS en algauw zijn we weer bij ‘misschien wel nooit’. Bij iets net niet kunnen grijpen, bij smachten. Elio, en de lezer, blijft hunkerend achter, gevangen in eindeloos verlangen.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next