is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
Tata profileert zich graag als een liefdadigheidsinstelling à la Unicef, waarover niemand kwaad zou mogen spreken. Hoewel sommige inwoners in Wijk aan Zee en IJmuiden Tata-topmanagers als criminelen achter slot en grendel wensen vanwege opzettelijke vergiftiging, zouden juist de idealen van Tata moeten worden omarmd.
Reden is dat 66 procent van de aandelen van de houdstermaatschappij Tata Sons in handen is van vijftien filantropische familietrusts die de winsten besteden aan zorg, onderwijs, armoedebestrijding en kunst – kortom, een betere wereld.
Tata Sons controleert niet alleen Tata Steel (waar het staalbedrijf in IJmuiden deel van uitmaakt), maar ook Tata Consultancy Services (een van de grootste IT-dienstverleners ter wereld), Tata Motors (Jaguar en Land Rover), Tata Consumer Products (Tetley Tea), Air India en Tata Chemicals.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De andere reden is dat Tata Steel zegt hoge ethische en morele normen te hanteren. Belastingontwijking is not done. Aandeelhouders zijn belangrijk, maar niet belangrijker dan de werknemers, de consumenten, de lokale gemeenschap en het land als geheel.
Helaas stuit deze bedrijfsfilosofie op de commerciële realiteit van de zakenwereld. Tata moet winst maken om goed te doen. En dat leidt zelfs binnen de vredige Parsi-gemeenschap, waartoe de familie Tata behoort, tot enorme botsingen.
Vorige week kondigde topman Natarajan Chandrasekaran – beter bekend als Chandra – onverwacht aan op te stappen als CEO van de houdstermaatschappij. Hij is in conflict gekomen met Noel Tata, die de familietrusts leidt. De familie wil dat Chandra pas op de plaats maakt met een omvangrijk investeringsprogramma, onder meer in een chipsfabriek, een accufabriek en vergroening van de staaltak.
Noel Tata, halfbroer van de in 2024 overleden familiepatriarch Ratan Tata, vindt dat Tata Sons keuzes moet maken, omdat anders de schuldenlast te veel oploopt. Dat laatste zou Tata Sons volgens Indiase regels kunnen dwingen tot een beursnotering, wat de familie per se niet wil.
Het is een tweede koningsdrama in tien jaar in de top van Tata Sons. In 2016 werd Cyrus Mistry, die door Ratan Tata zelf was geselecteerd als zijn opvolger, na een coup buiten de deur gezet. Mistry wilde het mes zetten in de slecht renderende onderdelen van het concern. Maar de familie was het oneens. Mistry ging niet gelaten naar de uitgang zoals Chandra nu wel lijkt te doen, maar besloot met modder te gaan gooien.
Idealisme is mooi, maar uiteindelijk draait het om de pecunia. Paul Polman wilde van Unilever het meest duurzame en sociale bedrijf van de wereld maken. Maar na zijn aftreden kwam het belang voor aandeelhouders weer bovenaan te staan en moest zelfs Ben & Jerry’s zich aanpassen.
Shell en BP richten zich weer op fossiel na een flirt met duurzaam. Eind jaren tachtig wilde Anton Dreesmann de warenhuisketen V&D behoeden voor een reorganisatie die zijn opvolger Arie van der Zwan wilde doorvoeren. Dreesmann won, maar enkele jaren later ging de holding Vendex naar de beurs, waarna die in handen kwam van opkopers die er gehakt van maakten.
Het is maar goed dat Unicef geen beursnotering heeft.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant