Rouw staat op geen enkel rooster, terwijl ieder kind er ooit mee te maken krijgt. Tijd voor een plek voor verlies op school.
Ik was 9 jaar oud toen mijn klasgenootje niet meer op school kwam. Hij had een bloedziekte. Eerst was hij er af en toe niet, dan steeds vaker, en op een dag kwam hij niet meer terug. Er werd niets uitgelegd. Geen woord in de klas, geen gesprek, niets. Vijftig jaar later zie ik zijn lege plek nog voor me. Dat is wat stilte doet met een kind.
Ook dit jaar werden meerdere scholen in Nederland hard getroffen: een schoolkamp dat eindigde in een ongeluk en leerlingen die omkwamen bij een verkeersongeval. Van de ene op de andere dag rouwt een hele school.
Over de auteur
Joke Roelfsema is rouwcoach en auteur van Wat is er gebeurd?.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Bij zoveel verdriet ineens is er direct opvang, een stilteplek, een herdenking. Terecht. Maar wat gebeurt er daarna, als de camera's weg zijn? Dan merk je pas hoe weinig er eigenlijk staat. Niet alleen bij een ongeluk dat het landelijke nieuws haalt, maar ook bij het verlies dat een jongere alleen meemaakt: een ouder die overlijdt, een vriend die er niet meer is. We stomen jongeren klaar voor een diploma en een carrière. Voor het verlies dat gewoon komt, wanneer het wil, leren we niemand iets.
De wereld van jongeren is hard en snel. Sociale media laten alleen het mooie zien. Prestaties moeten omhoog, net als de verwachtingen van anderen en van jezelf. Stilstaan past niet in dat ritme. Wie net iemand heeft verloren, voelt die druk dubbel zo hard. Verdriet stop je dan maar weg. Dat kost energie: onrustige nachten, concentratieverlies, dalende cijfers. Niet omdat een jongere niet kan, maar omdat rouw ruimte vraagt die er niet is.
Ik spreek jongeren die een vriend, broer of ouder hebben verloren. Steeds weer hoor ik hetzelfde: ‘Ik wist niet dat dit normaal was.’ Ze voelden zich vreemd in hun eigen verdriet, niet omdat hun verdriet vreemd is, maar omdat niemand hun de woorden ervoor heeft gegeven. Terwijl juist die kennis voor opluchting zorgt: weten dat verdriet in golven komt en weer wegtrekt. Dat leer je niet in een uurtje. Het is iets wat je meekrijgt, als het goed is, van jongs af aan en het liefst in de klas.
Bij een heftige gebeurtenis wordt er terecht direct hulp ingeschakeld: slachtofferhulp, professionals, rouwtherapeuten. Dat is goed. Maar zodra de acute fase voorbij is, trekt die aandacht zich net zo snel terug als ze kwam. Wat er nodig was, verdwijnt weer met de hulpverlener de deur uit.
Ook na de middelbare school verandert er weinig. Op het mbo, hbo en de universiteit hoor je er al helemaal niets over, terwijl juist in die jaren, op kamers en met de eerste grote verantwoordelijkheden, ook de eerste echt grote verliezen plaatsvinden. De aandacht voor zelfdoding onder jongeren groeit, terecht, maar blijft vaak hangen bij voorlichting over signalen en telefoonnummers. Hoe je gewoon, in mensentaal, over verlies en pijn praat, leer je daar niet. Die taal begint niet bij een crisis, maar veel eerder.
Rouw hoeft geen apart vak te worden met een cijfer en een toets. Wel mag het gewoon meedoen in wat een school of opleiding een jongere meegeeft, van de basisschool tot de universiteit.
Het nieuwe schooljaar begint over een paar weken. Straks staan de klassen weer vol met: ‘Hoe was je vakantie?’. Leuke verhalen, foto’s, nieuwe vriendschappen. Maar niet iedere jongere heeft alleen een mooie zomer. Sommigen verloren een dierbare, maakten een ongeluk mee of droegen in stilte iets zwaars mee naar de klas. Geef daarom bij de start ook ruimte voor de vraag: was er ook iets moeilijk deze zomer? Geen verplicht rondje, gewoon een open deur. Zo laat je vanaf de eerste schooldag merken dat het oké is om iets moeilijks mee te nemen naar de klas.
Een mentor die weet wat hij tegen een leerling met verlies kan zeggen. Een moment in de introductieweek, of in een begeleidingsgesprek, waarin verlies gewoon besproken mag worden, niet als uitzondering, maar als onderdeel van het leven. Onderwijsinstellingen leren jongeren nu al omgaan met faalangst en studiestress. Verlies en rouw horen daarbij, op iedere leeftijd.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant