Voetbalclub NEC, uit de linkse, rebelse stad Nijmegen, is nog maar één horde verwijderd van deelname aan de Champions League, de hoogst haalbare voetbalcompetitie. Maar ook een die symbool staat voor de commercie in het voetbal.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Geregeld wandelt Marcel Boekhoorn, de excentrieke geldschieter van NEC, met vrienden door Nijmegen, ook door typische volkswijken. Algemeen directeur Wilco van Schaik van NEC: ‘Marcel stuurde maandag tijdens zo’n wandeling twee foto’s, van clubvlaggen aan woningen in de stad. Hij geniet enorm van het succes.’
De anekdote is veelzeggend voor ‘Havana aan de Waal’, een van de bijnamen van Nijmegen, die het linkse karakter van de stad typeert. Ook in Nijmegen is voetbal inmiddels een kwestie van het grootkapitaal, al is dat van een andere orde dan het grote geld van de Champions League, de Europese competitie waaraan NEC kan meedoen. Tenminste, als het over twee duels wint van Bodø/Glimt. Woensdag is de thuiswedstrijd in de play-offs.
De miljardair Boekhoorn profileert zich steeds zichtbaarder als geldschieter bij de club van het volk. Zijn club. De moeder van Boekhoorn maakte de skybox nog schoon. Zijn vader was timmerman en supporter. Op zijn sterfbed beloofde de inmiddels vermogende zoon NEC goed te behandelen.
Het is een apart, familiair lijntje in het verhaal van een eigenzinnige volksclub in een stad met rebelse trekjes en een links imago. Vooruitstrevend, beroemd om krakers, om emancipatie van katholieken, om veerkracht, om de progressieve universiteit.
Een innovatieve stad aan de Waal, met een uitgebreide lhbti-gemeenschap. En het calimerogevoel ten opzichte van provinciehoofdstad Arnhem is verdwenen, zeker als het om voetbal gaat.
NEC treedt mogelijk toe tot de ultrakapitalistische competitie van het establishment, van het werkelijk grote geld, waar het recht van de sterkste geldt. Waar solidariteit geen prioriteit heeft. Waar Real Madrid, Manchester City en Paris Saint-Germain heersen, met begrotingen die de magische grens van 1 miljard euro benaderen of overstijgen, terwijl NEC hoopt te groeien van 27 naar 34 miljoen euro, in het geval van een seizoen in de Europa League. Bij plaatsing voor de Champions League zal dat nog veel meer zijn. Maar het blijft Boekhoorn, met zijn fotootjes in de wijk, tegen de sjeik.
Het miljoenenbal strijkt mogelijk neer in de ‘Bloedkuul’, zoals de bijnaam van stadion De Goffert luidt. Het werd in de jaren dertig van de 20ste eeuw met bloed, zweet en tranen gegraven en gebouwd, als onderdeel van de werkverschaffing.
De oprichting van NEC was een initiatief van drie jongens uit de verpauperde benedenstad, als protest tegen de ontwikkeling van voetbal tot elitesport. Nijmegen Eendracht Combinatie. Ze vroegen een kleine bijdrage van de leden, om af en toe een bal te kunnen kopen. Op de website historiebetaaldvoetbal.nl staat: ‘In kringen die de club niet goedgezind waren, zoals op het stadhuis, werd NEC geringschattend als socialistische of zelfs communistische vereniging afgeschilderd.’
In plaats van Nijmegen te verdelen in links- en rechtsdenkenden, spreekt journalist en kenner van de stad Rob Jaspers liever over een ‘heerlijke mensensfeer’. De kleur van de politiek zie je volgens hem vooral terug in het stadhuis, met onder meer elf zetels voor GroenLinks en slechts één voor FvD. Van het geëngageerde karakter van Nijmegen is eerder iets te merken in allerlei vormen van samenwerking, in initiatieven voor een beter milieu, in opvang van vluchtelingen of wat dies meer zij.
De club verbindt juist alle geledingen, rangen en standen. NEC bestond vorig jaar 125 jaar en de jeugd maakte kennis met talloze verhalen uit het verleden, met al zijn moeilijkheden van degradaties, bestuurlijke reuring en bijna-faillissementen. Ouderen weten nog dat er soms duizend toeschouwers of minder zaten in de oude Goffert, toen nog met een wielerbaan.
Nu is alles anders. Een kleinzoon van Jaspers vroeg zijn opa of hij deze week een tas in de clubkleuren rood, groen en zwart wil halen, zodat de jongen volgende week op school de blits kan maken. Ongeveer zevenduizend mensen staan op de wachtlijst voor een seizoenkaart. Jaspers vindt het al prachtig als NEC het grootkapitaal ‘een beetje plaagt’.
Iedereen doet mee met ‘Eniesee’. Een van de wethouders zat jarenlang in het pak van de mascotte, Bikkel. Hendrik-Jan Derksen, onder meer nachtburgemeester en initiatiefnemer bij tal van culturele uitingen, vindt de metafoor over de volksclub in de competitie voor het grootkapitaal typerend. ‘Maar wat we nu beleven is vooral een sportief hoogtepunt voor NEC en Nijmegen, waarvan we mogen genieten. Vergeet niet dat NEC ruim vijf jaar geleden nog in de eerste divisie speelde. Iedereen gunt het NEC.’
Het is bovendien bijna altijd zo geweest dat het volk een blij gevoel krijgt van betere en dus duurdere voetballers. Dat was ook al het geval in de Limburgse mijnen, in de begintijd van het betaald voetbal. De directie van de mijnen verdiende veel geld en trok dure spelers aan, zelfs internationals, om in het weekeinde het volk te plezieren met ‘spelen’. Het brood was al geregeld via de loonzakjes.
Nijmegen is trots op NEC. Het zij gezegd: sommige supporters gaan op de tribune niet speciaal zingen voor Boekhoorn. Ze vinden het ook niet per se een geweldig idee als hij na goede prestaties afdaalt naar de kleedkamer en extra premies uitdeelt. Overdreven.
Maar verder kunnen ze prima leven met de situatie. Dit is toch een droom: derde geworden in de eredivisie, de voorronde van de Champions League mogen spelen en het grote Olympiakos verslagen.
Nu volgt nog één horde: Bodø/Glimt, een tegenstander van formaat die vorig seizoen doordrong tot de achtste finales van de Champions League. Ook een relatief kleine club, uit het noorden van Noorwegen. Ook opgeklommen door slim beleid, al gebeurde dat op een andere manier dan bij NEC, dat voor het bereiken van deze de play-offs bijna 4,5 miljoen euro krijgt.
Maar de Champions League kan ook een last zijn, zeker voor een relatief kleine club met een klein stadion. Een deel van de supporters ontstak in woede, omdat NEC voor het duel met Bodø goede plaatsen in het stadion moest afstaan aan de commerciële afdeling van de Uefa.
Achteraf viel de schade mee, omdat de meerderheid van de delegatie van de Europese bond pas in het hoofdtoernooi aanschuift. Van Schaik: ‘Mochten we het hoofdtoernooi halen, dan verdienen we weer 18 miljoen. Ik denk dat we dan twee, drie dagen achterover vallen en daarna weer opstaan. We maken er ook intern grappen over.’
Nijmegen geniet massaal van het succes. De opa van documentairemaker Sinan Can belandde in 1964 vanuit Turkije in Nijmegen om in de metaalindustrie te werken. Cans vader was supporter van NEC, en ook van de rebel Maradona, en vooral van de Braziliaanse international Socrates, kinderarts en activist.
Can voelt zich innig verbonden met NEC, al heeft hij door onregelmatig werk geen seizoenkaart. Met het contrast tussen volksheid en ultrakapitalisme kan hij leven. ‘Boekhoorn houdt echt van de club. Zijn liefde is niet nep. We leven daarbij in een kapitalistisch deel van de wereld, in comfort, met banken en pensioenen.’
Daarnaast zijn er ‘verzachtende’ omstandigheden: ‘NEC heeft door de jaren heen veel dieptepunten beleefd. Nu is er euforie, mede dankzij zeer aanvallend voetbal. Het voetbal is sowieso deels verpest door commercie. Hoeveel kans is er tegenwoordig nog dat een outsider de Champions League wint? Nul. Alleen: de werkelijke kracht van voetbal is sterker dan het kapitalisme. Van het WK herinneren we ons meer van Vozinha, de keeper van Kaapverdië, dan van Infantino. En mocht Real Madrid op bezoek komen, dan is dat erg leuk voor de stad.’ Maar eerst Bodø.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant