De opkomst van anti-surveillancekleding als reactie op camerabrillen toont aan hoe we privacy steeds meer als iets individueels zijn gaan behandelen, iets wat je zelf moet kopen en aantrekken, in plaats van een sociale norm die we samen bewaken.
Sinds de ‘hot surveillance summer’, met stiekeme filmpjes en meldingen bij de Autoriteit Persoonsgegevens, stel ik me weleens het volgende voor: Bij de sportschool hangt een kastje. Het checkt niet mijn lidmaatschap, maar scant of er een camerabril in de buurt is. Dezelfde truc als de app NearbyGlasses, die bluetoothsignalen van slimme brillen opspoort. Alleen nu als sociale controle, niet op mijn eigen telefoon. Maakt het kastje een geluid, dan is er waarschijnlijk een camerabril in de buurt en plaats je die vóór binnenkomst in het kluisje. Zoals bij de metaaldetector, maar dan om te voorkomen dat jij en ik worden gefilmd.
Sinds kort is dit een reële zorg. De nieuwe Meta-bril met Kylie Jenner is ontworpen om zo min mogelijk op een camera te lijken. Bij de lancering vertelde ze in Elle: ‘Ik wilde iets slanks en ovaals dat echt aanvoelt als een mode-item, niet alsof je een gadget draagt.’ Maar mijn zorgen gaan verder dan de vraag of de bril aansluit bij modetrends. Naast het feit dat omstanders je ongevraagd kunnen filmen, bleek in een Meta-app code te zitten voor een nog niet gelanceerde NameTag-functie om gezichten te herkennen. Meta testte de technologie, maar verwijderde die na kritisch onderzoek. Daarnaast combineerden studenten eerder al een camerabril met externe gezichtszoekmachines en databanken om onbekenden op straat te identificeren, inclusief adres- en contactgegevens. Beide voorbeelden laten zien hoe klein de stap van opname naar gezichtsherkenning technisch is.
Over de auteur
Dasha Simons is PhD-kandidaat in video-AI en ethiek aan de Universiteit van Amsterdam.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Moet ik, om buiten het zicht van Meta of mijn buurman te blijven, zelf iets kopen, aantrekken of installeren? Heeft privacy een kledingmaat? Aan de andere kant van de lens is namelijk een garderobe ontstaan. Een welkome tegentrend, en een signaal van hoe groot de behoefte aan bescherming is: jassen bedrukt met gezichten die niet bestaan, T-shirts die personendetectie weren en brillen die gezichtsherkenning bemoeilijken.
Ondertussen staat mijn winkelwagentje open met 'privacy pending' en overweeg ik of ik hier een paar honderd euro voor overheb. Het Italiaanse Cap_able en het Duitse Urban Privacy verkopen shirts; het zijn twee van de vele spelers in deze groeiende markt. Alleen: een T-shirt dat de ene personendetector misleidt, werkt niet noodzakelijkerwijs tegen de volgende. Technisch gezien is dat niet altijd even betrouwbaar.
Maar wat de kleding wél laat zien, is interessanter: hoe privacy lijkt te veranderen van een publieke waarde in een individuele keuze.
Herkenbaar? Wie online niet gevolgd wil worden, moet cookies weigeren, browsers beveiligen en genoeg geduld hebben om de knop 'alleen noodzakelijk' te vinden. Anti-surveillancekleding brengt diezelfde logica naar de fysieke wereld. De cookiebanner wordt een jas, maar dan een recht dat je zelf koopt, aantrekt en na elke software-update misschien zelfs vervangt. Dat is de verschuiving die we zien: we vertrouwen er steeds minder op dat privacy voor ons wordt gewaarborgd en behandelen haar steeds minder als een sociale waarde die we samen bewaken. We zien privacy toenemend verpakt als een keuze voor de consument, in de mode van de laatste trend.
Ook juridisch gezien is de camerabril ongemakkelijk. Niet omdat er geen regels zijn: de AVG, het strafrecht, het portretrecht en huisregels kunnen bescherming bieden. Maar traditioneel cameratoezicht heeft een vaste plek, met een bordje dat je waarschuwt. Een bril beweegt mee met zijn drager, zonder privacyverklaring op ooghoogte. Ik moet zelf opmerken dat ik word gefilmd, uitzoeken welke regels gelden en daar een beroep op doen. Die praktische last ligt dus niet bij wie filmt, maar bij wie gefilmd wordt.
Privacy moet geen kledingmaat krijgen, maar een sociale norm zijn. Noem me hoopvol, maar sociale normen kunnen soms sneller de standaard worden dan wetgeving. Kennisnet, dat Nederlandse scholen adviseert over ICT, schreef dat scholen nu al regels nodig hebben voor camerabrillen. TivoliVredenburg verbood camerabrillen al . Het CDA vraagt, met steun van D66, een verbod in de openbare ruimte te onderzoeken. Maar ondertussen kunnen scholen, sportscholen en andere organisaties zelf vastleggen waar en hoe camerabrillen thuishoren, in plaats van dat ieder individu een trui koopt.
Ik heb mijn winkelwagentje leeggemaakt. Maar daarmee is het nog niet opgelost. Privacy heeft steeds vaker een kledingmaat en een prijskaartje; die rekening hoort niet bij één iemand te liggen. Welke bescherming gaan we samenstellen voordat de volgende collectie er alweer is?
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant