Home

Bob Maaskant (1938-2026), grondlegger van ‘het Avondje NAC’, voelde zich het meest thuis aan de zakelijke kant van de voetbalwereld

Met het ‘Avondje NAC’ schreef trainer Bob Maaskant voetbalgeschiedenis in Breda. Later vond hij vooral zijn draai als spelersmakelaar. Eind juni overleed hij op 88-jarige leeftijd.

Met het ‘Avondje NAC’ schreef trainer Bob Maaskant voetbalgeschiedenis in Breda. Later vond hij vooral zijn draai als spelersmakelaar. Eind juni overleed hij op 88-jarige leeftijd.

Eind 1975 kreeg NAC de beschikking over vier in Frankrijk op de kop getikte lichtmasten. Door het kunstlicht kreeg het stadion aan de Beatrixlaan in Breda een haast magische uitstraling en trainer Bob Maaskant voelde dat feilloos aan. Hij liet zijn ploeg op z’n Brits spelen: opportunistisch, met de bal snel voor de pot. Op die manier bleef NAC zes wedstrijden op rij ongeslagen, het publiek schaarde zich achter de ploeg en ‘het Avondje NAC’ was geboren.

Bij zijn overlijden, op 88-jarige leeftijd, werd Maaskant alom geprezen als de grondlegger van het begrip dat nog altijd voortleeft, ook al speelt NAC al lang in een ander stadion. Een Bredase wethouder bestempelde ‘het Avondje NAC’ zelfs als immaterieel erfgoed. ‘Je staat geen seconde stil bij het feit dat iets wat ontstaan is in die twee jaar dat ik hier gewerkt heb, vijftig jaar later nog zo beleefd wordt’, zei Maaskant zelf vorig jaar.

Trappelen

Voor de geboren Rotterdammer was NAC, na SVV, zijn tweede club als hoofdtrainer. Discipline en de motivatiespeech waren zijn belangrijkste kwaliteiten. Als hij in de kleedkamer het woord had genomen, stonden zijn spelers volgens hemzelf ‘als paarden te trappelen op die betonvloer. Moest ik voor de deur gaan staan, anders vlogen ze naar buiten.’

De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

Het succes als trainer ging wel ten koste van andere dingen, een gezinsleven bijvoorbeeld. ‘Ze zeggen weleens: dat is de man die op zondag het vlees snijdt. Maar op zondag was ik er óók nooit.’ Al nuanceert zijn zoon Robert, zelf trainer, dat beeld graag. ‘Ik ben opgevoed door mijn moeder, maar mijn vader was er op belangrijke momenten wel degelijk. Speelde ik met Motherwell uit bij Glasgow Rangers, had hij die ochtend het vliegtuig genomen. Zag ik hem opeens vanaf de tribune in dat grote Ibrox-stadion naar me zwaaien.’

Zakelijke kant

Van 1975 tot 1986 werkte Bob Maaskant bij NAC en Go Ahead Eagles, twee volksclubs waar hij zich thuis voelde. Maar knieproblemen dwongen hem een andere koers te varen. Hij werd wedstrijd- en spelersmakelaar en ging oefenduels en trainingskampen organiseren. In 1993 richtte hij met twee partners World Soccer Consult op, een bureau dat transfers begeleidde.

Vooral die zakelijke kant van de voetballerij lag hem goed, zag Robert. ‘Het was één groot avontuur. Vlak voor zijn dood heeft hij me al die verhalen nog eens verteld. Lunchen met Berlusconi, slapen bij Wim Kieft in Italië, in het weekend naar de Premier League. En we hoeven er niet omheen te draaien: financieel was dit voor hem een stuk aantrekkelijker dan het onzekere trainersvak.’

Mentor en vriend

De afgelopen vijf jaar woonde Maaskant in Breda, dicht bij zijn zoon, kleinkinderen én NAC, waar hij bijna elke thuiswedstrijd op de tribune zat. In november vorig jaar was hij eregast bij het vijftigjarig bestaan van ‘het Avondje NAC’ en mocht hij de toss verrichten. Zijn zoon zag die avond een ‘intens trotse man’. ‘Al heb ik hem in de rust wel naar huis gestuurd, want fysiek ging het toen al een stuk minder.’

Nadat in juni zijn vrouw was overleden, gaf hij het op. Bob Maaskant overleed op 29 juni, een zelfgekozen datum. Robert koestert de herinneringen aan die laatste dagen. ‘We hebben nog de WK-wedstrijd Zuid-Afrika – Canada gekeken, ijs met slagroom gegeten en de volgende ochtend foto’s uit het verleden bekeken. En ja, dan belt de huisarts aan.’

Hij mist nu niet alleen een vader, maar ook een mentor en bovenal een vriend. ‘Zo noemde hij mij ook altijd als we elkaar zagen. Dan spreidde hij zijn armen en zei: ‘Hé vriend, goed je weer te zien.’ Ik ben enig kind, dus dat is moeilijk. Maar ik weet ook: hij heeft een geweldig leven gehad.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next