is huisarts.
Drie weken geleden liep ik, gemarineerd in de pijnstillers, de Nijmeegse Vierdaagse uit. Het was fantastisch. Vier dagen lang liepen we een carnavalsoptocht van veertig kilometer in een Jan van Haasterenpuzzel. Naarmate de dagen en de kilometers zich opstapelden, veranderde het wandellegioen ook langzaam in een openluchtpolikliniek.
Om de tien meter stond wel iemand zijn kuit in te smeren of lagen groepjes uitgeput op hun rug in het gras met hun voeten omhoog tegen een boom. Niemand keek daar nog van op. Blarenpleisters, wandelwol, sporttape, kniebanden en tubes Voltaren gingen van hand tot hand.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Ook in mijn wandelgroep werd fanatiek met Voltaren gesmeerd.
‘Je kunt beter een tablet nemen,’ zei ik. ‘Die gel is slecht voor de vissen.’
‘Voor de vissen? Hoezo?’
‘Omdat je het grootste deel er straks weer afwast.’
Vanaf dat moment heette Voltaren geen Voltaren meer, maar visdodende pasta.
Volgens het RIVM wordt ongeveer 93 procent van diclofenacgel, de werkzame stof in Voltaren, niet opgenomen maar na gebruik weer van de huid gewassen. Dat verdwijnt via doucheputjes en wastafels naar het riool. Rioolwaterzuiveringen verwijderen diclofenac maar gedeeltelijk, waardoor het in het oppervlaktewater terechtkomt. Daar is het schadelijk voor waterorganismen. Bij tabletten speelt dat probleem veel minder, omdat diclofenac eerst grotendeels in het lichaam wordt omgezet voordat het wordt uitgescheiden.
Ik moest denken aan de plasregels die sommige patiënten meekrijgen als ze chemotherapie krijgen. Het toilet tweemaal doorspoelen met gesloten deksel. Handschoenen dragen bij het schoonmaken van het toilet. Sommige chemotherapeutica zijn zó toxisch dat patiënten de eerste dagen moeten voorkomen dat anderen met hun urine in aanraking komen. Dan zou je verwachten dat juist díe middelen de grootste milieuschade veroorzaken. Maar dat blijkt niet zo te zijn.
In de praktijk blijken het juist de alledaagse middelen te zijn die het zwaarst meetellen. Niet omdat ze giftiger zijn, maar omdat miljoenen mensen ze dagelijks gebruiken. Voltaren ligt bij iedere drogist. Er worden enorme hoeveelheden van gesmeerd, en dus ook weer afgespoeld.
Ik zocht meteen ook op hoe het met oestrogenen zit, want ik ben grootleverancier. Tien jaar geleden schreef ik nauwelijks oestrogeengel voor. Inmiddels zit mijn spreekuur er vol mee. Vrijwel iedere week bespreek ik meerdere keren hormoontherapie voor overgangsklachten. Fantastisch voor vrouwen die eindelijk weer kunnen slapen. Ik schrijf het met liefde voor. Maar ik vroeg me ineens af waar al die gels en sprays uiteindelijk terechtkomen. Krijgen we straks vissen met tieten?
Zo ver zit ik er niet naast. Bij vissen zijn al bij heel lage concentraties oestrogenen effecten beschreven. Mannelijke vissen kunnen vrouwelijke kenmerken ontwikkelen en hun voortplanting raakt verstoord. Voor vissen hebben al die goedbedoelde gels en sprays een behoorlijke finprint.
We zijn dat macrodenken niet gewend. In de spreekkamer draait alles om de patiënt die tegenover je zit. Voor die ene tube Voltaren of die ene flacon oestrogeenspray is de milieuschade verwaarloosbaar. Pas de optelsom van miljoenen tubes en miljoenen flacons verandert onze rivieren en zeeën. Dat maakt de keuze voor een geneesmiddel voor die ene patiënt die bij de dokter komt meestal niet ineens anders. Wel is er een nieuwe variabele bij gekomen.
In de zorg leren we alles over de werking, bijwerkingen, interacties en contra-indicaties van geneesmiddelen. Over de milieu-impact gaat het nauwelijks. Ook in richtlijnen, vergoedingen en het voorschrijfbeleid speelt die nog zelden een rol. Milieuschade is een bijwerking die we nooit hebben leren meewegen.
Dat begint stilaan te veranderen. Onze richtlijn voor astma en COPD is aangepast. Waar het kan, krijgt een poederinhalator de voorkeur boven een dosisaerosol. De CO₂-voetafdruk is ongeveer dertig keer kleiner. En van de week postte de Noordwest Ziekenhuisgroep dat zij de diclofenacgel uit het assortiment hebben gehaald. Bij de drogist ligt de visdodende pasta ondertussen nog gewoon in het schap.
In de spreekkamer behandelen we één patiënt. De rivier behandelt ze allemaal.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant