Als vanouds leidde Femke Broeders-Bol op de EK de vrouwenploeg op de 4x400 meter naar de Europese titel.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
Alsof de tijd is teruggedraaid, zo vanzelfsprekend komt Femke Broeders-Bol de baan op voor de 4x400-meterfinale. Dit is de discipline waarin ze de afgelopen twee EK's met haar ploeggenoten de beste was. Maar het is lang geleden dat ze meedeed. De laatste keer, bij de WK in Tokio van september vorig jaar, heette ze nog alleen Bol van haar achternaam en was ze hordeloopster van beroep.
Inmiddels is ze Broeders-Bol en gaat haar aandacht op de atletiekbaan uit naar de 800 meter. De halve finale was ze niet inzetbaar, net zomin als Lieke Klaver. Ze spaarde haar benen voor haar nieuwe onderdeel en pakte daarop vrijdag het brons. Ze had een dag om daarvan te herstellen voor een terugkeer op het teamonderdeel waarop ze in 2023 dankzij haar wereldberoemde eindsprint de mondiale titel veroverde.
En nu was zij het weer die in de slotmeters de gouden medaille binnenhaalde, al was er niet zo’n wonderspurt voor nodig als drie jaar geleden in Boedapest. Sterker nog, het voelde zelfs een beetje roestig, vertelde ze na afloop. ‘Toen ik de laatste bocht uitkwam, sloeg de verzuring heel hard toe.’
Na een sterke start van Myrte van der Schoot was een blakende Klaver als tweede loper met een enorme voorsprong door het stadion gegaan. Dat gat werd kundig verdedigd door Eveline Saalberg, maar het slonk evengoed in de laatste meters op weg naar Broeders-Bol.
Groot-Brittannië vond met Emily Newnham de aansluiting. En in de laatste bocht leek Newnham bijna voorbij te komen, maar Broeders-Bol deed alles wat ze kon om haar er niet langs te laten. De Britse moest naast haar extra meters maken en bij het uitkomen van de laatste bocht beende Broeders-Bol met haar lange passen weg. ‘Ik probeerde gecontroleerd door de verzuring heen te blijven lopen en het was precies genoeg.’
Ondanks haar omscholing tot 800-meterloopster leek de 4x400 meter voor Broeders-Bol vertrouwd terrein. Dat vond ze zelf ook wel een beetje. ‘De 4x400 lopen is altijd als vanouds, met deze meiden lopen voelt als vanouds. En we zijn voor de derde keer op rij Europees kampioen, dus dat voelt ook wel als vanouds.’ Snel vulde ze aan: ‘Maar dat is het natuurlijk niet.’
Dat is ook wat Klaver benadrukte. Drie op rij is niet vanzelfsprekend. ‘Het went niet dat we medailles krijgen, net zoals het niet went om vaak een race in te gaan waarin we de favoriet zijn. Dat geeft gewoon iedere keer weer druk. Maar we gaan heel goed mee om’, zei ze. ‘En het was goed om Femke er weer bij te hebben. Ik hoop dat ze niet meer weggaat.’
Op het laatste onderdeel van de Europese kampioenschappen atletiek, de 4x400 meter, liepen Eugene Omalla, Keenan Blake, Terrence Agard en Jonas Phijffers naar het brons. Dat was de 14de medaille op wat voor Nederland de succesvolste EK in de atletiekgeschiedenis waren.
Vijf titels werden veroverd in Birmingham, met de gouden medaille van de 4x400-metervrouwen als laatste van het toernooi. Overwinningen waren er daarnaast voor Jessica Schilder (kogelstoten), Nadine Visser (100 meter horden), Jorinde van Klinken (discuswerpen) en Stefan Nillessen (1.500 meter).
De titeloogst werd aangevuld met drie zilveren medailles en zes bronzen plakken. Nederland eindigde op de vierde plaats in het medailleklassement.
Source: Volkskrant