Meerdere vogelsoorten vertoonden afwijkend gedrag tijdens de zonsverduistering van afgelopen woensdag. Mezen en duiven lieten zich die avond minder horen dan normaal, blijkt uit een tussentijdse analyse van onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). ‘Ook vogels hebben recht op een normaal bioritme.’
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Dat dieren afwijkend gedrag vertonen tijdens een zonsverduistering is al langer bekend uit de overlevering. Zo hoorde sterrenkundige en zelfverklaard ‘eclipsgek’ Theo Jurriens van de RUG meermaals over kippen die op stok gingen tijdens de eclips van 30 juni 1954. Geïnspireerd door recent Amerikaans onderzoek besloot hij de anekdotes te toetsen met de hulp van burgerwetenschappers.
Onder Jurriens' leiding hingen onderzoekers van de RUG slimme luisterkastjes op bij 42 vogelaars in het noorden van het land. De kastjes registreren automatisch vogelzang en herkennen ook om welke soort het gaat. De onderzoekers vergeleken de waarnemingen tijdens de verduistering (tussen 19.10 en 21.00 uur) van woensdag met die van dezelfde tijdspanne op de dagen ervoor en erna. De vogelaars moesten helpen bij het herkennen van foutieve waarnemingen.
Uit een eerste analyse van de data van de kastjes blijkt dat mezen en duiven zich aanzienlijk minder lieten horen dan gewoonlijk. ‘Blijkbaar hebben die tijdens de eclips een rustplaats opgezocht’, zegt Jurriens. ‘Daarentegen vlogen de kraaiachtigen en eksters juist op, en vertrokken naar hun rustplaats. Het betekent dat de vogels het moment van verduistering ervaren als zonsondergang. Even wintertijd.’
Hoewel Jurriens benadrukt dat het gaat om een ‘tussenstand en geen eindversie’, baart de gevoeligheid voor licht van de vogels hem zorgen over de ‘overdosis aan kunstlicht’ in Nederland. ‘Moet je je voorstellen wat de invloed is van al dat extra licht op de natuur, als ze al van slag raken van een klein beetje lichtvermindering. Ook vogels hebben recht op een normaal bioritme’, aldus Jurriens.
Tijdens de eclips werd nog een opvallende waarneming gedaan. In het Groningse Den Horn registreerde het kastje tijdens de eclips het geroep van een bosuil. Het nachtdier laat zich doorgaans pas na 21.00 uur voor het eerst horen, maar was tijdens de verduistering liefst vier keer te horen. Verder onderzoek moet uitwijzen of het hier gaat om toeval.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant