Home

De Laatste Ronde: Het einde van een Nederlands succesverhaal

De terugkeer van de Formule 1 veranderde Circuit Zandvoort voorgoed. Directeur Robert van Overdijk blikt terug op de obstakels, successen en het naderende afscheid.

Toen Robert van Overdijk eind 2017 aantrad als directeur van Circuit Zandvoort, was de kans op een Nederlandse Grand Prix volgens de eigenaren minder dan vijf procent. Nog geen tien jaar later staat het circuit op het punt afscheid te nemen van een evenement dat niet alleen de autosport, maar ook het circuit zelf voorgoed heeft veranderd.

"Ik had in de basis niet eens zo heel veel met autosport", vertelt Van Overdijk met een glimlach. Juist dat bleek volgens hem onderdeel van de reden waarom hij destijds werd aangesteld. De nieuwe eigenaren van het circuit hadden een ambitie die verder ging dan alleen racen. Ze wilden het iconische karakter van het historische circuit herstellen, maar tegelijkertijd een modern bedrijf bouwen dat ook over vijftig jaar nog relevant zou zijn.

"Ze zochten niet per se iemand uit de autosport", legt hij uit. "Ze zochten iemand die verandering kon begeleiden en een bedrijf naar een volgende fase kon brengen." Die bredere visie vormde uiteindelijk ook de basis voor het meest ambitieuze project uit de moderne geschiedenis van Circuit Zandvoort: de terugkeer van de Formule 1 naar Nederland.

Toen Van Overdijk begon, waren er al twee gesprekken geweest met Formula One Management. Veel verwachtingen waren er echter niet. "De eigenaren zeiden letterlijk tegen mij: de kans dat dit lukt is minder dan vijf procent, dus daar moet je het niet voor doen."

De omstandigheden waren immers allesbehalve ideaal. Het circuit beschikte over relatief weinig vaste faciliteiten, lag midden tussen beschermde natuurgebieden en was bereikbaar via slechts twee provinciale wegen. Bovendien wilde de Nederlandse overheid geen financiële bijdrage leveren aan het project. Toch veranderde het momentum snel.

Enerzijds zag de Formule 1 de opkomst van een jonge Max Verstappen, die op dat moment al duizenden Nederlandse fans naar circuits als Spa-Francorchamps en de Hungaroring trok. Anderzijds was Heineken inmiddels een belangrijke wereldwijde partner van de sport geworden en had Liberty Media de commerciële rechten overgenomen.

"Liberty zocht evenementen die meer waren dan alleen een raceweekend", zegt Van Overdijk. "Ze zochten organisatoren die ook entertainment konden bieden. Ik denk dat Nederland daarin een sterke reputatie had opgebouwd dankzij grote evenementen en festivals."

Dat de Grand Prix uiteindelijk terugkeerde naar Zandvoort, betekent niet dat de weg ernaartoe eenvoudig was. Integendeel. Het circuit moest ingrijpend worden verbouwd, vergunningen moesten worden verkregen en tegelijkertijd moest een volledig mobiliteitsplan worden ontwikkeld voor meer dan 100.000 bezoekers per dag.

Toeschouwers zwaaien met vlaggetjes in Zandvoort

Foto door: Nicolas Tucat / AFP via Getty Images

Daarbovenop kwamen de juridische procedures. Van Overdijk spreekt van een periode waarin natuurorganisaties het evenement gebruikten om aandacht te vragen voor bredere maatschappelijke discussies rond stikstof en natuurbeheer. "Uiteindelijk hebben we 37 procedures doorlopen, vijf kort gedingen gehad en zijn we zeven keer bij de Raad van State geweest."

Volgens de circuitdirecteur werden alle zaken uiteindelijk gewonnen, maar kostte het proces enorme hoeveelheden tijd, energie en geld. "Het heeft veel negatieve aandacht opgeleverd. Niet omdat we iets verkeerd deden, maar omdat verschillende partijen dit dossier gebruikten om hun politieke boodschap onder de aandacht te brengen."

Net toen het circuit klaar leek voor de eerste Grand Prix, sloeg het noodlot toe. In mei 2020 werd de vernieuwde baan officieel geopend. Slechts een week later brak de coronacrisis in Nederland uit. "Het circuit was klaar. Alle kaarten waren verkocht. Iedereen stond in de startblokken."

De eerste Nederlandse Grand Prix sinds 1985 moest uiteindelijk ruim een jaar worden uitgesteld. Toen het evenement in september 2021 alsnog plaatsvond, voelde dat volgens Van Overdijk als een ontlading van jaren werk, onzekerheid en uitstel. "Die sfeer ga ik nooit meer vergeten."

Hij vergelijkt het gevoel zelfs met het beroemde doelpunt van Marco van Basten in de EK-finale van 1988. "Er hing een elektrische sfeer. Dat begon al toen voor de eerste vrije training voor het eerst weer Formule 1-motoren werden gestart in de pitstraat."

De impact van de eerste editie bleef niet beperkt tot Nederland. Volgens Van Overdijk kreeg het evenement direct lof vanuit de hoogste regionen van de sport. Destijds Red Bull-teambaas Christian Horner vergeleek het weekend met drie dagen en nachten in een nachtclub, terwijl Formule 1-CEO Stefano Domenicali sprak van een nieuwe benchmark voor de sport.

Dat is een compliment waar Van Overdijk nog altijd zichtbaar trots op is. "Je ziet dat veel elementen van ons concept later door andere Grands Prix zijn overgenomen, zeker door evenementen in de Verenigde Staten."

De combinatie van sport, entertainment en festivalsfeer werd een handelsmerk van de Nederlandse Grand Prix.

De combinatie van sport, entertainment en festivalsfeer werd een handelsmerk van de Nederlandse Grand Prix.

Foto door: Bryn Lennon / Formula 1 / Getty Images

Ondanks het succes valt na 2026 definitief het doek voor de Formule 1 in Zandvoort. Volgens Van Overdijk is dat geen emotionele, maar een zakelijke beslissing geweest. "We kunnen het evenement nog steeds betalen. Het is nog steeds een gezonde businesscase. Maar je moet ook vooruitkijken."

De organisatie ziet de markt veranderen. Verstappen hint geregeld op een toekomst buiten de Formule 1 en zonder structurele steun van de overheid blijft het financiële risico volledig bij de organisatie liggen.

"Op een bepaald moment moet je jezelf afvragen of de risico's nog opwegen tegen de voordelen. Als je daar niet meer volmondig ja op kunt zeggen, moet je een zakelijke beslissing nemen."

Van spijt is echter geen sprake. "We hebben straks zes races georganiseerd, zijn uitgeroepen tot Promoter of the Year en hebben een evenement neergezet dat wereldwijd als benchmark wordt gezien. Dan mag je ook concluderen dat we niets meer te bewijzen hebben."

Het vertrek van de Formule 1 betekent volgens Van Overdijk allerminst dat het circuit in zwaar weer terechtkomt. Integendeel. Circuit Zandvoort telt tegenwoordig tussen de 290 en 300 operationele dagen per jaar. Naast autosportactiviteiten vinden er congressen, zakelijke evenementen, hardloopwedstrijden, fietsevenementen en beurzen plaats.

"Veel mensen vergeten dat de Formule 1 ons ook zes weken hoogseizoen kostte vanwege op- en afbouw." Die vrijgekomen ruimte biedt nieuwe mogelijkheden. Wat daarvoor in de plaats komt, wil Van Overdijk nog niet volledig prijsgeven. Wel benadrukt hij dat het circuit bewust anders wil blijven denken dan veel concurrenten. "Wij zijn een beetje een pietjebel-circuit", lacht hij. "We willen dingen altijd net anders doen."

Of de Formule 1 ooit terugkeert naar Nederland? Van Overdijk is sceptisch. "Zeg nooit nooit. Maar als dit evenement verdwijnt, verwacht ik eerlijk gezegd niet dat het zomaar terugkomt. Er staan inmiddels genoeg landen en wereldsteden in de rij."

Juist daarom krijgt de sloteditie van 2026 volgens hem een bijzonder karakter. "Dit wordt de laatste keer. En misschien juist daarom wel de meest memorabele van allemaal."

Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?

- Het Motorsport.com-team

Source: Motorsport

Previous

Next