Home

Ik herken in mijn tienercrush op Wim T. Schippers mijn latere neiging om puur en alleen op een gevoel voor humor verliefd te worden

is columnist voor de Volkskrant

Alleen de hele groten van Nederland begrijpen dat je van een saaie Hollandse naam in één klap een topnaam kunt maken door je middelste initiaal ertussen te zetten. Peter R. de Vries. Wim T. Schippers.

Je vraagt je af wat ze zonder dat tusseninitiaal zouden zijn geworden, nou ja, nog steeds dezelfde misdaadbestrijder of kunstenaar, maar juist die letter gaf blijk van een geniale geest.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Als tienermeisje was ik verliefd op Wim T. Schippers door zijn tv-serie We zijn weer thuis. Ik was ook verliefd op andere mensen in series en films, maar dat waren altijd jongens van mijn eigen leeftijd, die uitzonderlijk goed waren in karate, op een Amerikaanse high school zaten, in Beverly Hills resideerden of samen met een getikte professor door de tijd konden reizen. Het waren verder nooit Nederlandse kunstenaars die dertig jaar ouder waren dan ikzelf.

Maar toch was het zo, en ik herken in die verliefdheid van toen, op Wim T. Schippers, mijn latere neiging om puur en alleen op een gevoel voor humor verliefd te worden, en dan maakte het verder niet uit of de persoon in kwestie kaal, klein, dik, lelijk of stomvervelend was.

Wim T., zoals hij door mensen uit VPRO-kringen werd genoemd, had in We zijn weer thuis, over de erfenisperikelen van een weduwe genaamd Nel van der Hoed-Smulders, immer een oranjeblond geverfd permanentje en een turquoise jasje. Het ging me dus echt niet om de looks.

In de serie werd vaak benoemd dat er iemand naar de wc moest, en dat was geniaal, legde mijn vader me uit, die ook fan was, want in het echte leven moeten er altijd mensen naar de wc, maar in series nooit. Hij vertelde me ook over Schippers’ toneelstuk Going tot the Dogs, waarin zes Duitse herders los en loos rondliepen op het podium van de schouwburg in Amsterdam. Daar ging het thuis vrij vaak over.

Later, in het Amsterdamse leven, zag ik Wim T. weleens in een theater of een café staan, maar ik geloof niet dat ik ooit een woord tegen hem heb durven zeggen, of in ieder geval niet een normaal woord, en eigenlijk ook niet een abnormaal woord, want daar had hij natuurlijk wel de charme van ingezien.

Nu deelde ik in de appgroep met mijn broer en zus het nieuws dat hij was overleden, omdat ik wist dat zij wisten wat dat voor me betekende: een tienercrush was niet meer.

Een tienercrush in de vorm van een slimme, originele, onnavolgbare kunstenaar die je voor de rest van je leven vaak ‘joe’ in plaats van ‘jij’ zal laten zeggen – eigenlijk had ik het daarmee als tienermeisje best goed getroffen.

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next