Games ontdekken? De gameredactie kiest om de week een (nieuwe) game die aandacht verdient. Is langzaam in je eigen ‘Mii’ veranderen heilzaam of zorgwekkend?
is pop- en gamejournalist van de Volkskrant, met speciale aandacht voor de opkomst van artificiële intelligentie in de kunst.
Voor mensen die nooit op een Nintendo spelen lijkt het misschien een wat vreemde aandoening. Maar ik begin dus steeds meer op mijn ‘Mii’ te lijken.
Als iemand iets aardigs tegen me zegt loop ik uit verlegenheid weg met een schokkerig robotloopje: een soort overspronggedrag. En als ik iets niet begrijp zeg ik ‘I am confused’, met een mechanisch stemmetje, waarvan ik tegenwoordig denk dat het echt mijn stemmetje is.
Dat is dus niet zo. Zo doet mijn Mii. Ik heb die Mii, een cartoonachtige game-avatar die je zelf kunt maken en laten optreden in bijvoorbeeld het net verschenen levenssimulatiespel Tomodachi Life: Living the Dream, vormgegeven naar een beeld dat ik van mezelf heb. En dat is beslist geen ideaalbeeld.
Mijn Mii, die ik in Tomodachi Life fantasieloos ‘Robert’ heb genoemd, heeft geen haar. Zo te zien aan de wallen onder zijn ogen heeft hij ook een chronisch slaaptekort. Het is gewoon een al wat oudere man die een licht overwerkte indruk maakt.
Ik heb hem wel, ter compensatie van al deze ellende, een stoere broek met studs en riemen gegeven, toen die te koop was in het kledingwinkeltje op het Tomodachi-eiland. En een metalshirt, uiteraard.
Kijk hem nou lopen over dat eiland, tussen tien andere Mii’s die ik ook allemaal zelf in elkaar heb geknutseld. In het stadsparkje komt hij iemand tegen die hem bekend voorkomt. Lang sluik haar, rond brilletje, zeer langzame dictie en lichtelijk verward: ja, het is Ozzy Osbourne.
Robert van Gijssel en Ozzy Osbourne gaan op een bankje aan het water zitten. ‘Zullen we gaan praten over Black Sabbath?’, vraagt Osbourne. Goed idee, vindt Van Gijssel: ‘Praten over Black Sabbath is mijn favoriete hobby’, zegt hij.
Het leuke aan Tomodachi Life is dat je niet alleen zelf Mii’s kunt vormgeven, je kunt ook bepalen met wie ze over welk onderwerp gaan praten. Het spel verwerkt die opgegeven trefwoorden in bizarre dialogen. Je kunt je Mii’s ook voorwerpen geven, van speelgoedzwaarden tot sambaballen. Daarmee zie je ze dan dollen in het park.
En je kunt ze voorzien van quirks, gedragsafwijkingen, zoals ‘lopen als een robot’, of ‘groeten met een karatetrap’. Mijn vriendin laat ik lopen alsof ze boven de grond zweeft. Met een wolk van bloemen om haar heen.
Op mijn eiland loopt ook Donald Trump rond, met een Maga-petje. Hij praat de hele dag over hoe vreselijk veel hij van mensen houdt. Hoe lief iedereen is. Hij heeft een bellenblazer en wil de hele dag tikkertje spelen in het park.
Ik vind dat een geruststellend beeld, als ik iedere ochtend de Nintendo aanzet voor een halfuurtje Tomodachi-lol. Het voelt alsof je God bent en van de wereld een betere plek kunt maken.
Maar ik heb dus wel last van die identiteitsverwarring, waarvan ik niet weet of die zorgwekkend is of heilzaam. Ik praat en denk echt als mijn Mii. En ik meen mij te herinneren dat ik ook echt met Ozzy Osbourne heb gepraat. O, wacht, dat is ook zo! Toch? Huh?
Tomodachi Life: Living the Dream kan worden gespeeld op de Nintendo Switch. € 59.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant