Frankrijk moest even op gang komen, maar had genoeg klasse om Senegal met 3-1 te verslaan.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal, handbal en Formule 1.
Ze moesten even op gang komen, een helft leken de Franse steraanvallers niet vooruit te branden, maar eenmaal op stoom maakten ze meteen duidelijk waarom Frankrijk toch een van de grote favorieten is voor de wereldtitel. Vooral door twee briljante passes - van Michael Olise en Adrien Rabiot - wisten de Fransen een bres te slaan in de verdediging van Senegal.
Aanvoerder Kylian Mbappé en Bradley Barcola ronden de assists knap af en Mbappé haalde in blessuretijd nog een keer verrassend uit. Daardoor begint de vice-wereldkampioen met een comfortabele 3-1 winst aan het toernooi. En dat tegen een lastige tegenstander, die in de eerste helft juist de beste kansen kreeg.
Frankrijk, dat ook nog tegen Noorwegen en Irak moet, wist dat het in de eerste wedstrijd tegen Senegal meteen aan de bak moest. De tegenstander werd in januari nog tot Afrikaans kampioen gekroond, al werd die titel later afgenomen vanwege de chaos tijdens de finale tegen Marokko.
Maar de Franse bondscoach Didier Deschamps heeft een selectie waar de meeste van zijn collega’s met jaloerse blikken naar kijken. Vooral voorin heeft hij te veel topspelers om op te kunnen stellen, zoals verwacht zaten Rayan Cherki (Manchester City), Bradley Barcola (PSG) en Marcus Thuram (Inter) dan ook op de bank.
Met Ousmane Dembélé en Désiré Doué, Mbappé en Olise bleef er genoeg aanvallend talent over en daarmee ging de ploeg ook voorzichtig op zoek naar de openingstreffer. Maar Senegal gaf geen krimp, loerde op een counter en scoorde daar vlak voor de drinkpauze bijna uit.
Mbappé verloor de bal net iets te makkelijk en opeens was er even ruimte voor Senegal om Nicolas Jackson de diepte in te sturen. Vanuit een lastige hoek, links van het doel, raakte de Bayern-aanvaller de paal.
Zonder veel overtuiging bleef Frankrijk het daarna proberen, maar geen moment kwam de ploeg in de buurt van een doelpunt. En vlak voor rust had Senegal opnieuw zomaar op voorsprong kunnen komen na een opleving van Sadio Mané. Zijn voorzet vanaf de achterlijn kwam voor de voeten van Ismaïla Sarr, die wild over schoot.
Frankrijk wist dat er moest gebeuren en de steraanvallers kropen in de tweede helft ook uit hun schulp. Zowel Olise als Mbappé doken op voor keeper Édouard Mendy, maar die kreeg er net een voet tussen.
Even leek het alsof Frankrijk een penalty zou krijgen, nadat Mbappé struikelde over Mané. Maar niet alle scheidsrechters geven een strafschop nadat ze door de VAR naar het scherm worden geroepen. Alireza Faghani legde uit dat Mbappé het contact ‘initieerde’ en dus geen penalty verdiende.
Maar Frankrijk had geen arbitrale hulp nodig om op voorsprong te komen, de genialiteit van de eigen spelers bleek daarvoor toch genoeg. De pass uit stand van Olise was subliem, dwars door alles en iedereen heen vond hij de sprintende Mbappé, die de bal nu wel achter Mendy kreeg.
Met die stand kwam er iets meer ruimte, en daarvan profiteerde Rabiot. Zijn pass deed weinig onder voor die van Olise en de afronding van de ingevallen Barcola mocht er ook zijn. Daarmee leek de wedstrijd gespeeld, maar in blessuretijd kwam er nog wat spektakel.
Eerst pegelde Ibrahim Mbaye (PSG) de bal achter Maignan, maar vlak daarna scoorde Mbappé opnieuw. Alsof hij even wilde laten zien dat hij van dit WK toch echt zijn WK wil maken. Van grote afstand haalde hij uit en de verraste Mendy had opnieuw geen antwoord.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant