Geopolitiek China is minstens zo toonaangevend op het wereldtoneel als de VS, vindt Eva Rammeloo. Alleen zien veel mensen in het Westen dat nog niet, omdat zij macht door een traditionele bril bekijken.
De Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi staat klaar voor een groepsfoto bij een officiële aangelegenheid in Beijing halverwege mei.
Een Chinese wereldorde? Sinoloog Henk Schulte Nordholt ziet het niet gebeuren, schreef hij pas geleden in NRC. De argumenten die hij aanvoert, passen in het traditionele idee van wat een ‘wereldorde’ is. China kan niet alle hokjes aanvinken die wij op het formulier hebben gezet, en dus draait de wereldorde niet om China. Maar in werkelijkheid leven we al een tijdje in een Chinese wereldorde, of we dat nu willen of niet.
Eva Rammeloo werkte tien jaar als journalist in China, en schreef het boek Alles onder controle. Leven in de kieren van de Chinese dictatuur
Waaraan moet China dan voldoen om aan de top te staan van de wereldorde? Schulte Nordholt heeft het over de omvang van de economie. Daar gaat het niet geweldig mee. Het land exporteert al jaren meer dan het importeert, maar dat kan de verzwakte binnenlandse vraag nog maar amper compenseren. Er is grote jeugdwerkloosheid, de vastgoedbubbel is gebarsten en onzekerheid zorgt ervoor dat mensen steeds meer geld oppotten. En inderdaad heeft China een gebrek aan soft power. Het wil maar niet écht lukken het imago te versterken. China blijft voor westerlingen een mysterieus land.
Dit alles zegt echter weinig over de Chinese positie in de wereldorde. Want als een sterke economie en sympathie voor de cultuur het leiderschap van een wereldorde kenmerken, zijn de Verenigde Staten hun dominantie in rap tempo aan het kwijtraken. Wie wil er nog een rondreis maken in de VS? President Trump heeft maling aan burgerrechten. De agressie van zijn immigratiedienst maakt het land er ook niet aantrekkelijker op.
De wolkenkrabbers in New York misleiden net zo goed als die in Shanghai. Grote delen van het Chinese achterland mogen dan straatarm zijn, ook het Amerikaanse achterland is verroest, verouderd en slurpt energie. De Amerikanen geven wél geld uit, zo’n 70 procent van de economie draait op de vraag van consumenten. Maar de inflatie en hoge olieprijzen brengen veel consumenten in de problemen. Sinds 2011 liepen nog nooit zoveel mensen achter met het afbetalen van hun creditcardschuld als nu, kopte CBS News onlangs. Het consumentenvertrouwen ligt volgens The Economist op een dieptepunt.
Kortom: door het lijstje van economische plussen en minnen op een bepaalde manier te husselen, kun je de VS sterker laten overkomen, of juist China. Interessanter is te kijken naar de acties en reacties van beide landen. Ja, de Chinese economie wordt door de Communistische Partij gestuurd, maar dat levert wel een duidelijk plan op, terwijl Trump met importheffingen en zijn grote mond het kapitalisme op de proef stelt. Schulte Nordholt zegt dat de Chinese groei deels draait om sectoren „die het regime in het zadel houden”, maar dat is niet het hele verhaal. Ondernemerschap is in China redelijk vrij, zolang je het regime niet voor de voeten loopt.
Ondertussen ís er al lang sprake van een Chinese wereldorde. De afgelopen twee decennia is het Westen naar de pijpen van de Chinezen gaan dansen. Beijing bepaalt de prijs van essentiële grondstoffen door mijnen te openen of te sluiten, of de export strategisch te stimuleren of beperken. Door jaren van staatsinvesteringen, het mondjesmaat toelaten van buitenlandse investeerders, en het aftroggelen van kennis in specifieke sectoren, heeft China monopolies opgebouwd en afhankelijkheid gecreëerd. Die afhankelijkheid kan het inzetten als wapen of drukmiddel, zoals vorig jaar gebeurde toen Europese fabrikanten door exportrestricties plots geen grondstoffen meer uit China kregen.
Ook belangrijk: in een groot aantal brandhaarden ter wereld is Beijing een beslissende machtsfactor, of kán het dat zijn, waarmee het volgens het traditionele denkraam de titel ‘wereldmacht’ verdient. Het is nu niet in het belang van China om in te grijpen in oorlogen in Oekraïne, Gaza, Soedan of Iran. En als de Communistische Partij niet 100 procent zeker is van een overwinning, dan zal ze sowieso geen risico’s nemen. Maar dat de wereld dénkt dat China op elk moment in actie kan komen, maakt het land oppermachtig. Het is zoals de Sovjet-Unie tijdens de Koude Oorlog: de suggestie van macht is voldoende. Je hóéft geen landen te bombarderen om een wereldorde te leiden.
De machtswisseling heeft al plaatsgevonden. Zo geleidelijk dat we het moment misschien gemist hebben. Door de bokkensprongen van Donald Trump besefte het Westen opeens dat het niet meer op de Verenigde Staten kan rekenen en dat we misschien eens af moeten van die vreemde adoratie van alles wat Amerikaans is. We zijn andersom ook bang ons beter in China te verdiepen. Voor je het weet, word je ervan beschuldigd een dictatoriaal regime te accepteren, te vergoelijken of zelfs over te willen nemen.
Het Westen nam China veel te lang niet serieus, omdat het weigert mee te spelen met ons spel. En dat heeft pijnlijke gevolgen. De covid-pandemie is het beste voorbeeld. Er was meer informatie beschikbaar, als er in de eerste dagen en weken van de uitbraak goed was gekeken naar de Chinese aanpak in Wuhan. Ja, de Chinese overheid verborg veel. Maar lokale (burger)journalisten brachten informatie naar buiten, en er waren ook Chinese wetenschappers die (toen nog wel) hun analyses deelden.
Onlangs meldde de Oeso dat Chinese bedrijven zes keer zoveel staatssteun krijgen als westerse concurrenten – een weinig verrassende conclusie. Maar vooruit, er wordt tenminste geïnvesteerd in kennis over China. In Brussel denken ze eindelijk na over hoe om te gaan met een grootmacht die wel meespeelt, maar niet volgens onze regels. Er wordt gewerkt aan een ‘de-risking strategy’, en eerder kwamen er al maatregelen tegen het dumpen van goedkope zonnepanelen en auto’s in de EU. De handelsbalans is al heel lang in Chinees voordeel – iets dat Trump overigens in zijn eerste termijn al aan de kaak stelde – en dat is gevaarlijk.
In Europa duurde het even, maar nu denkt de Europese Commissie eindelijk na hoe ze los van grootmachten een eigen koers kan varen. Ondertussen denken veel anderen dikwijls nog volgens het westerse machtsschema. En dat is verkeerd. In het huidige tijdperk gaat het niet meer om soft power of wie er het rijkste is. Het gaat wél om dreiging, suggestie en slimme manipulatie. Europa zag dat lang niet in, en sukkelde zo een nieuwe wereldorde binnen. Nu moet iedereen dat schema los laten, en kijken naar wat er in de echte wereld gebeurt.