Drama De Poolse serie ‘Proud’ laat de worsteling zien van een onverantwoordelijke gay die moet gaan vaderen, zonder de zaak te problematiseren of te versuikeren.
Eén scène en je weet hoe de rolverdeling is tussen deze twee. Je kent hun oud zeer. Anka (Sylwia Boroń) is een typische oudere zus: verantwoordelijk, ernstig, oplettend en netjes – temeer daar ze een klein kind heeft. Filip (Ignacy Liss) is het jongere broertje: een fotomodel met een cool leven, vindt hij zelf. Maar Anka kent zijn alles overheersende behoefte aan drank, drugs en vluchtige seks en maakt zich zorgen.
In een van de eerste scènes van de Poolse serie Proud betrapt Anka Filip in bed met vier mannen, het huis is een rotzooi en het stinkt er naar rook. Ze kan niet anders dan hem uit haar appartement zetten; hij heeft zes maanden de tijd gehad om iets voor zichzelf te zoeken.
Filip maakt Anka razend, maar ze weet ook dat hij ten diepste iemand anders is: een volwassen kind dat de kwetsuren uit hun jeugd in een weeshuis (hun moeder overleed, hun vader liet het om onduidelijke redenen afweten) niet achter zich kan laten.
Zo’n goede en gelaagde serie-opening, dat is een zeldzaamheid. En Proud blijft goed: de eerste drie van de acht afleveringen die recensenten al mochten bekijken zijn kleine films op zichzelf, met fraai camerawerk vol close-ups, een ronkende soundtrack, realistische dialogen en personages met gewone gezichten en gewone kleren en gewone ergernissen – al is een homoseksuele man die een kind wil adopteren in Polen helemaal niet gewoon.
Anka sterft in de eerste aflevering; ze blijkt een hartkwaal te hebben. Haar dochter Tosia blijft alleen achter – de biologische vader toont geen interesse. Feestbeest Filip besluit dat hij voor zijn nichtje zal zorgen.
Proud is de eerste prominente Poolse tv-productie met een gay hoofdpersoon, en won na de première op het Series Mania festival in Lille afgelopen maart meteen twee grote prijzen. „Deze serie is belangrijk voor ons”, zei Ignacy Liss nadat hij bekroond was voor zijn geweldige vertolking van Filip. „In Polen hebben gay mensen helemaal geen rechten.” Regisseur en schrijver Karol Klementewicz drukte zich tegenover Variety voorzichtiger uit: ,,We weten hoe minderheden in ons land behandeld worden. Maar tijdens het schrijven probeerde ik alle partijen te begrijpen. Het ontbreekt ons in Polen gewoon aan dialoog.”
Proud had door z’n beladen achtergrond gemakkelijk een pamflet kunnen worden: kijk eens wat een leuke homovader, zoveel liever en meer betrokken dan de hetero kindverwekkers om hem heen. Maar Klementewicz, die het onverwachte vaderschap van zijn eigen broer als uitgangspunt voor zijn script nam, onderdrukt elke neiging om van Filip een perfect mens te maken.
Filip is blut, chaotisch, chronisch te laat. Het is overduidelijk dat hij van zijn nichtje houdt – acteur Liss wist een ontroerend geloofwaardige band op te bouwen met Alicja Lewczuk, het meisje dat Tosia speelt – maar hij gooit ook per ongeluk een peuk in haar kinderwagen en krijgt koppijn van haar gehuil in de tram. Tosia’s ritme en behoeften staan zo haaks op die van hem dat het kiezen of delen wordt: hij kan niet het nachtleven in blijven duiken en haar bij zijn goeiige vriendengroepje achterlaten. Op een gegeven moment komt het op hem aan.