Best Kept Secret Nick Cave bracht Best Kept Secret in trance met een intens optreden. Het festival in Hilvarenbeek beleefde een sterke editie die zich moeilijk liet vastpinnen.
Sfeer op Best Kept Secet 2026.
Was het vier jaar geleden dat hij voor het laatst op Best Kept Secret stond? Het voelt zaterdagavond alsof rocker Nick Cave nooit is weggeweest. Vanaf de eerste seconden van ‘Get Ready for Love’ heeft hij de Beekse Bergen weer in zijn greep. Haastig zwaaiend komt hij op, gaat direct de catwalk op, handen schuddend, gezichten aanrakend. Aandacht en verbinding dwingt de 68-jarige Cave onmiddellijk af. „Ik heb zoveel te vertellen.” Een bos bloemen vliegt het podium op. Cave grijpt het boeket, zwaait ermee boven zijn hoofd en smijt het vervolgens met theatrale overtuiging weer van zich af.
Die behoefte aan nabijheid is de laatste jaren alleen maar sterker geworden. De recalcitrante gothpunker van vroeger heeft plaatsgemaakt voor de getormenteerde gentleman van het zware gemoed in maatpak die de duisternis nog altijd kent, maar haar niet langer alleen bezingt. Er is hoop. Er is liefde. Met The Bad Seeds, waarin co-componist Warren Ellis als spil fungeert op onder meer gierende, versterkte viool, en vier zangers bouwde hij een monumentaal geluid waarin de rocksoulclimaxen en rhythm & blues van album Wild God centraal staan. Achter hem verschijnen op het scherm woorden als affirmaties: ‘JOY’ en ‘Bring Your Spirit Down’. Gemakkelijk zweverig, maar bij Cave krijgt het gewicht.
Nick Cave komt milder over dan vroeger, maar blijft bezeten ronken.
Cave, de helblauwe ogen geregeld oplichtend in zijn lange gezicht, komt milder over dan vroeger, maar blijft bezeten ronken. Soms valt hij voorover in de uitgestoken handen van zijn publiek, alsof hij zijn demonen nog één keer wil uitspugen. Dan flitst de oude Cave voorbij: fel, uitdagend, achterdochtig. Vergelding en waanzin zijn niet verdwenen uit zijn universum, maar onder alles liggen verlies en littekens.
Vooral in de verstilde momenten achter de vleugel hangt zijn rouwgeschiedenis voelbaar in de lucht. ‘O Children’ is opnieuw bijna ondraaglijk intens, terwijl ‘Joy’ een emotionele lading krijgt die ver voorbij de titel reikt.
Het dreigende ‘Tupelo’ trekt de spanning weer strak. Bij ‘Red Right Hand’ hangt het sinistere sprookje als mist over het terrein, compleet met kerkklok en meebrullend publiek – tot vreugde van een dirigerende Cave: „O fucking Netherlands!”. En ‘The Mercy Seat’ beukt nog altijd als een visioen van vergelding en verdoemenis. Verrassend ook: de opduikende cultfavoriet ‘Train Long-Suffering’, een duistere bluesballade uit de vroege Bad Seeds-jaren.
Het is een optreden dat het festival optilt. Niet alleen door de kwaliteit van de songs of de intensiteit van de uitvoering, maar hoe Cave een zeldzame collectieve concentratie afdwingt. En als de tijd erop zit, spijt het hem werkelijk. Maar niet zonder ‘Into My Arms’ voor een deinende mensenmassa. Nick Cave brengt Best Kept Secret in trance.
Met zo’n 30.000 bezoekers per dag is het festival allang niet meer het kleinschalige evenement dat het bij zijn start in 2013 was. In de water- en bosrijke omgeving van safaripark Beekse Bergen in Hilvarenbeek groeide BKS uit tot een flink festival, met uitgestrekte wandelroutes tussen de podia, tientallen horecapunten en een publiek onder de lampjes tussen de bomen naar het strandpodium, de grote podiumtenten en verscholen dansarea’s beweegt.
Ellie Rowsell van de band Wolf Alice.
Een optreden van Tramhaus.
Het festival is inmiddels uitgegroeid tot een serieuze speler naast Lowlands, maar behoudt daarbij een eigen ritme: minder voorspelbare hiërarchie, meer muziekontdekking. Van deathmetalband naar een singer-songwriter, van experimentele elektronica naar feesthiphop. Waar evenementen van deze omvang vaak leunen op de grootste namen, blijft hier ruimte voor nieuwsgierigheid.
Op zaterdag volgen de uitersten elkaar moeiteloos op. Duo Weval zorgde in de middag al voor euforische dansopwinding in een afgeladen tent, met een gastrol van zangeres Eefje de Visser. Op het hoofdpodium reeg Sef met vaart en urgentie in nummers als ‘Porselein’ en ‘We Moeten Door’ opnieuw een grote doordachte festivalshow aan zijn succesreeks. Terwijl de introverte singer-songwriter Aldous Harding juist de tijd leek stil te zetten met haar mooie fragiele liedjes in een wat ongemakkelijke podiumpresentatie.
Juist barstensvol zelfvertrouwen schakelde de Britse band Wolf Alice in de avondzon tussen dromerige softrock en gruizige gitaaruitbarstingen, met ‘Play the Greatest Hits’ als hoogtepunt, terwijl Hayley Williams tussendoor met een lichtere, poppunkgetinte set op het strandpodium wat te weinig gewicht in de schaal legde. Eerder op de dag trok Nation of Language een golf synthpopnostalgie over het terrein, en liet Tramhaus zien dat de Rotterdamse postpunk inmiddels ook op grote podia overtuigt: strak, energiek en vol overtuiging.
Aldous Harding op Best Kept Secet.
Als muziek een mogelijkheid biedt te ontsnappen aan de soms keiharde, rauwe werkelijkheid, komt het aan. Rockartiest Jack White leverde vrijdag de eerste headlinershow van het weekend af. In een bad van blauw licht sneed zijn gitaarwerk door de avond: loeistrak en messcherp, voortdurend schakelend tussen ingehouden spanning en explosieve ontlading. De echte ontlading kwam pas laat, met zijn wereldberoemde riff van ‘Seven Nation Army’. Taaaaa. Ta-ta-ta-ta-tada-da-daaaaaa. De absolute apotheose van de eerste dag van Best Kept Secret past uiteindelijk in deze twee klanken.
De oersterke oorwurm bleef in je hoofd hangen. Zelfs wanneer je direct daarna het strand verruilde voor de tent van Mula, waar alle remmen losgingen en het publiek van voor tot achter mee bewoog.
Curtis Harding hield eerder die dag zijn soul overeind in de regen. Blood Incantation bleek met zijn kosmische deathmetal veel meer dan een niche-act voor liefhebbers alleen. En er was de verrassend solide invalbeurt van Pommelien Thijs, die zich moeiteloos staande hield tussen de alternatieve zwaargewichten.
Misschien zat daar de kern van deze editie. Best Kept Secret programmeerde artiesten die zich moeilijk lieten vastpinnen op genre of stemming, waardoor het programma voortdurend schakelde tussen intens en licht, tussen overrompeling en ontspanning. Dat leverde optredens op die vaak even optilden, of dat nu op de grote podia was of in de kleinere ontdekhoekjes waar publiek en muziek elkaar onverwacht vonden.
Op het hoofdpodium reeg Sef opnieuw een grote doordachte festivalshow aan zijn succesreeks.
En juist daartussen ontstond ook de andere kant van het festival: onbezorgd dansen bij The Floor-area, waar het publiek zich liet meevoeren in een bad van nostalgie en vertrouwde tracks, zonder de druk om ergens anders te moeten zijn.
Met Gorillaz als afsluiter op zondag kreeg het festival een slotakkoord dat zijn avontuurlijke programmering treffend samenvatte. Ongelofelijk hoe druk het toen nog was op het volgepakte strand voor het hoofdpodium; jong en oud leek toe aan een ontspannen afsluiting.De aanvankelijk virtueel opgezette band van Damon Albarn, inmiddels 25 jaar geleden ontstaan, stond dit jaar op scherp met een nieuwe plaat (The Mountain) vol uiteenlopende muzikale ideeën. Op het overvolle podium stond nu een dertienkoppig gezelschap met tabla- en fluitspeler, zangers en de vaste band. Achter hen trokken de vertrouwde Gorillaz-cartoonfiguren voorbij, afgewisseld met kleurrijke en soms hallucinerende animaties. Albarn (rood mutsje, legerjas) was er de onnadrukkelijk aanwezige frontman bij die rondwandelde, mompelde en lijzig praatzong, vooral door zijn vervormer.
De show van Gorillaz was geen uitbundige eindknal, maar wel een diverse feelgood afsluiter die precies paste bij Best Kept Secret: het collectief liet genres in elkaar overvloeien, van Indiase klanken in de titeltrack ‘The Mountain’ tot soul, hiphop, reggae, afrobeat en pop. Van ‘Rhinestone Eyes’, klassiekers als ‘On Melancholy Hill’, tot het soulvolle ‘Andromeda’. Bij ‘Delirium’ werd het visuele universum verder opengetrokken met vervormde, psychedelische beelden.
Het waren de gastartiesten die het concert kleurden: Fatoumata Diawara in het ontroerende ‘Désolé’ (met Albarn op de melodica), rapper Yasiin Bey in het vurige ‘Stylo’ en rapper Pos van De La Soul in de finale van ‘Feel Good Inc.’. Joe Talbot van de band Idles overtuigde in ‘The God of Lying’ minder. En dat frontman Damon Albarn eigenlijk nauwelijks iets tegen het publiek zei en geen gasten aankondigde vormde een schril contrast met hoe Nick Cave de avond ervoor contact zocht.
Het optreden eindigde collectief met de Gorillaz-hit ‘Clint Eastwood’, waarvan het refrein in laconieke flow nog lang over het veld bleef zweven – net zoals bij die andere headliners Nick Cave en Jack White dit weekend.
Het hoofdpodium van Best Kept Secret.