Home

Drie broers zouden met 67.000 euro aan nepgeld twee Rolex-horloges hebben gekocht. Maar wat als die verkoper ook niet pluis blijkt?

De Zitting Drie broers worden verdacht van valsemunterij. Volgens hun advocaat waren de briefjes zó nep dat ze niet voor echt konden doorgaan. En waarom deed het slachtoffer, van wie het drietal twee Rolex-horloges kocht, aangifte van een verzonnen roofoverval?

De zaak

Zoals wel vaker zit achter deze strafzaak nóg een strafzaak, met nóg een verhaal. Ook over de strafrechtelijke procedure zelf.

De dagvaarding betreft drie broers, allen eerder veroordeeld voor inbraken, diefstal en online fraude. Nu worden ze verdacht van valsemunterij. Met 67.000 euro aan nepgeld zouden ze in Nieuwerkerk aan den IJssel een particuliere Marktplaatsverkoper van twee Rolex-horloges hebben opgelicht.

Alleen, oplichting ontbreekt op de tenlastelegging. Vond het OM haar onvoldoende bewezen? Of eigen schuld van de verkoper? Of is het te overbelast om tijd en capaciteit te besteden aan oplichting? Vier jaar lag het dossier te verstoffen, een winkeldochter. De officier weet niet waarom, maar het is evident dat het OM de kwestie niet dringend vond. Maar dan nog: vier jaar niets doen? Dat heeft consequenties.

Werktuiglijk leest de officier het requisitoir voor en vermindert (inderdaad) vanwege de „ouderdom van de zaak” de strafeis van tien tot vijftien maanden cel naar een taakstraf van tweehonderd uur. Op het uitgebreide pleidooi van de verdediging reageert ze niet. Die vraagt vrijspraak wegens slecht politieonderzoek en de onbetrouwbaarheid van de aangever.

De verdachten Christiaan (27), Marcello (26) en Alberto (23) kwamen niet opdagen. Christiaan woont inmiddels in Italië – de officier hoopt dat dat land het vonnis wil uitvoeren. Tevreden constateert de voorzitter dat de behandeling, in de rechtbank Den Haag, „binnen de geplande tijd” kan blijven: geen verdachten die vragen kunnen beantwoorden.

Een vlotte routinezaak is het desondanks niet. Het slachtoffer deed behalve van valsemunterij en oplichting ook aangifte van een roofoverval. Na de mislukte verkoop zou hij zijn klemgereden, met een vuurwapen bedreigd en vervolgens beroofd. Dat bleek verzonnen, zo ontdekte de politie. De verkoper bekende de aangifte inderdaad te hebben aangedikt, omdat „de politie anders niks doet”.

Dat zou best kunnen kloppen. De politie neemt aangiften van bedrogen burgers op Marktplaats pas serieus als ze zelf heeft beoordeeld of dat wel „zinvol” is. Burgers kunnen dus te horen krijgen dat de politie hun feit als een civiele kwestie ziet en aangifte weigert. Dat moet maar met de eigen advocaat voor een andere rechter worden opgelost.

Maar deze aangifte werd serieus genomen vanwege de „overval met wapen”, zo lijkt het. Toen de politie de broers via Marktplaats had gevonden, stuurde die een zwaarbewapend arrestatieteam naar hun adres. Waar vervolgens geen wapen werd gevonden, maar wel één Rolex plus 1,2 miljoen euro aan vals geld, in de slaapkamer van de moeder van het drietal. Die verklaarde dat rommelen met vals geld en oplichting in het gezin wel voorkwam, maar dat haar jongens écht niets met wapens uithalen. Verder bleek op ieder biljet in de tassen met grote letters „Vals”, „Fake” of „Monopoly” te staan. Het bleken fotokopieën van echte biljetten, bedoeld om te pokeren, aldus een van de zoons.

Zo kan de advocaat de vraag opwerpen of deze biljetten wel geschikt waren om mee te bedriegen. De onechtheid was makkelijk te ontdekken – zelfs met het brede elastiek dat bij de verkoop om de stapeltjes was gebonden, om het woord „Vals” af te dekken. Dat kun je niet serieus uitgeven als „echt en onvervalst”, zoals de wet vereist. Boven op ieder stapeltje lag één echt biljet, dat met een meegebrachte ultravioletlamp werd getest. Kennelijk volstond dat voor de verkoper.

Het dossier zou meer onzekerheden bevatten. De herkenning op camerabeelden van ten minste één verdachte („wit overhemd, smal polsbandje”) was wel heel mager. De advocaat zei zelf ook een armbandje en witte overhemden te dragen, „net als mijn vrienden”. Over de identificatie van de andere broers schreef de politie in het dossier dat die slechts „hoogstwaarschijnlijk” was. Dat het bedrag aan vals geld in moeders slaapkamer en het geld voor de Rolex-transactie exact overeenkwamen, is evenmin overtuigend bewezen.

En dan het ‘slachtoffer’. Die bleek geen eigenaar van de horloges, maar een tussenpersoon. De advocaat bespeurde een „geur van witwassen”, vond diens verhaal „vaag” en zag een „patroon van leugens en onwaarheden”. Dat het slachtoffer zelf door het OM is vervolgd (voor de valse aangifte) maakte de advocaat niet eerder mee. Intussen rust op diens verklaring wel de hele zaak.

Het oordeel

De rechtbank spreekt op 2 juni de broer vrij die zou zijn herkend aan het overhemd en polsbandje. Dat is onvoldoende aan deze persoon te koppelen en wordt niet ondersteund door ander bewijs. De twee andere broers werden wel herkend en krijgen tweehonderd uur taakstraf met aftrek van voorarrest. Wordt de straf niet naar behoren uitgevoerd, dan moeten ze beiden honderd dagen zitten. Daarbij geeft de rechtbank korting, omdat de zaak twee jaar te lang op behandeling liet wachten.

Verder hadden de broers samen 1.238.800 euro aan vals geld en gaven ze 312 valse briefjes van 200 euro uit, waardoor ze „ernstig misbruik [maakten] van het vertrouwen dat in het maatschappelijk verkeer moet kunnen gelden ten aanzien van bankbiljetten”.

Het argument van de advocaat dat de briefjes zó evident nep waren dat ze niet voor echt konden doorgaan, draait de rechtbank om: „Alleen al de omstandigheid dat de bankbiljetten […] daadwerkelijk zijn gebruikt voor de aankoop van de horloges, staat in de weg aan een toewijzing van dit verweer.”

In deze rubriek beschrijven verslaggevers elke week een rechtszaak.

De Zitting

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next