Na een dramatisch eerste jaar bij Ferrari richtte de zevenvoudig wereldkampioen zich op. In Barcelona liet de Engelsman zien dat hij te vroeg is afgeschreven.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal.
Hij zou te oud zijn, niet meer scherp genoeg om nog mee te doen in de Formule 1. Veel kenners gaven geen stuiver meer voor zevenvoudig wereldkampioen Lewis Hamilton, zeker niet sinds hij vorig jaar voor Ferrari besloot te gaan rijden en hij er met de race ongelukkiger uit ging zien. Maar Hamilton herpakte zich dit jaar en liet in Barcelona zien dat hij ook in een rode Italiaanse auto kan winnen.
Bijna twee jaar na zijn laatste grand-prixwinst en voor het eerst in een Ferrari stond de Engelsman eindelijk weer op de hoogste trede van het podium. Het was de beloning voor zijn agressieve racetactiek, waarmee hij beide coureurs van het dit seizoen oppermachtige Mercedes wist te verslaan.
Maar meer nog was zijn zege te danken aan zijn doorzettingsvermogen, want na een dramatisch eerste jaar bij Ferrari is het hem wonder boven wonder gelukt de knop om te zetten.
‘Grazie tutti’, zei hij, toen de winst binnen was. Hij had een speciale boodschap voor zijn miljoenen fans, die hem ook steunden in de tijd dat hij zich afvroeg of hij het nog wel kon. ‘Bedankt dat jullie je me eraan herinnerden wie ik ben.’
Hamilton was dit seizoen al een paar keer dicht bij een zege; in Monaco eindigde hij vorige week als tweede achter Kimi Antonelli. In Barcelona liet hij zien dat hij ook op een sneller circuit mee kan komen met de Mercedessen. In de kwalificatie eindigde hij zaterdag vlak na George Russell als tweede, en zondag was hij de beide Mercedes-coureurs ook nog te slim af.
Omdat de temperatuur opliep tot boven de 30 graden, was het duidelijk dat de banden het zwaar zouden krijgen. Dat voorspelde een strategisch gevecht met het aantal pitstops: die veroorzaken tijdverlies, maar met verse banden zou dat misschien goedgemaakt kunnen worden.
Het was al snel duidelijk dat Lewis Hamilton in dat spel de aanval koos. De als tweede gestarte Ferrari-coureur kwam na 12 van de in totaal 66 ronden binnen voor zijn eerste stop. En in de 28ste volgde ook al zijn tweede.
Het gevolg was dat de twee Mercedessen met elkaar vochten om de koppositie. Dat kostte tijd en ze zagen Hamilton op verse banden snel inlopen. Russell en Antonelli konden niet anders dan reageren en moesten ook de pit in. Na 38 ronden kwam de Ferrari-coureur zo aan kop te rijden.
En toen zat het nog mee ook, want Fernando Alonso viel uit, waarna er een virtual safety car werd ingezet. Terwijl de auto van de Spanjaard van het circuit werd verwijderd, moesten de coureurs langzamer rijden. Een ideaal moment voor een ‘gratis’ pitstop voor Hamilton, die met verse banden aan kop comfortabel de race uit kon rijden.
Achter hem vochten de Mercedessen op gepaste afstand om plek 2. Opnieuw leek Kimi Antonelli daarin te winnen van zijn teamgenoot George Russell, maar zijn motor liet hem in de steek en hij viel stil. Russell kon daardoor de tweede plek pakken, voor Lando Norris.
Hamiltons winst is ook te danken aan het feit dat hij dit seizoen bij Ferrari het heft in handen heeft genomen. Hij overtuigde zijn team er onder meer van dat hij met andere remschijven moest gaan rijden, dezelfde als waarmee hij vroeger bij Mercedes reed.
Bovendien wisselde hij van race-engineer, de persoon die hem tijdens de race van cruciale informatie voorziet. Vorig jaar lag hij geregeld overhoop met Riccardo Adami, dit jaar is Carlo Santi zijn rechterhand. Hamilton noemt hem ‘de Italiaanse Bonno’, omdat hij hem doet denken aan Peter Bonnington. Met hem werkte hij in zijn toptijd bij Mercedes.
Door zijn winst en de uitvalbeurt van Antonelli loopt Hamilton in het klassement 25 punten in. De achterstand is met 41 punten nog aanzienlijk, maar er zijn nog vijftien races te rijden. Na zes Mercedes-zeges is de Duitse dominantie in elk geval doorbroken, en de snelheid van de Ferrari geeft hoop dat Hamilton er nog een spannend seizoen van kan maken.
Max Verstappen, die als vierde eindigde, kreeg in Barcelona opnieuw de bevestiging dat dat er voor hem voorlopig niet in zit. De viervoudig wereldkampioen had de laatste weken een opleving. In Montréal stond hij voor het eerst dit seizoen op het podium. In Monaco viel hij meteen na de start al uit, maar die domper volgde op een uitstekende kwalificatie waarin hij als tweede eindigde.
Het gaf al met al weer wat hoop na een zwaar teleurstellende start van het seizoen, maar in Barcelona werd Verstappen wederom met de neus op de feiten gedrukt: op snellere circuits komt zijn auto vooralsnog tekort om mee te doen om de prijzen.
Een van de problemen is dat zijn RB22 te zwaar is, naar verluidt zo’n 7 kilo boven het minimale gewicht van 768 kilo. Dat scheelt naar schatting zo’n 0,2 seconde per ronde, en dat is het verschil tussen meedoen voor het podium of rijden in de middenmoot. Over twee weken, in Oostenrijk, hoopt Red Bull Verstappen met een afgeslankte auto de baan op te kunnen sturen.
Na weken gesteggel voor en achter de schermen is het nu toch zeker: de motoren van de Formule 1-auto’s worden vanaf volgend jaar weer iets minder elektrisch. De verhouding tussen de benzinemotor en de elektromotor is nu bijna gelijk, maar vanaf volgend jaar krijgt de verbrandingsmotor weer de overhand.
Het vermogen van de elektromotor gaat terug van 350 naar 300 kW. De benzinemotor gaat van 400 kW juist in twee stappen omhoog: volgend jaar naar 420 kW en in 2028 naar 450 kW. De verhouding tussen benzine en elektriciteit komt over twee jaar dan uit op 60/40.
Die aanpassingen moeten de frustraties van coureurs verminderen en ervoor zorgen dat ze weer natuurlijker kunnen rijden. Sinds de invoering van de nieuwe motoren dit seizoen klagen zij over de negatieve invloed van het energiemanagement. Omdat de batterij voor de elektromotor voortdurend moet worden opgeladen, kunnen ze lang niet altijd voluit rijden op plekken waar ze dat voorheen wel konden.
Max Verstappen dreigde om die reden zelfs de Formule 1 te verlaten. Hij had graag gezien dat ‘60/40’ volgend jaar al zou ingaan, maar voor sommige teams ging dat te snel. ‘De veranderingen die ze doorvoeren, gaan de goede kant op’, reageerde hij niettemin positief tegenover journalisten in Barcelona. ‘Dat is uiteindelijk het belangrijkste.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant