Nu de Raad van State de naamswijziging van GroenLinks-PvdA naar Progressief Nederland heeft goedgekeurd, wacht zaterdag een van de grootste politieke samensmeltingen sinds de vorming van het CDA.
is politiek verslaggever van de Volkskrant.
‘In het verleden hebben we te vaak een eigen weg gekozen. Te vaak zijn we gescheiden opgetrokken, te vaak zijn we ook verschillend opgetreden als drie christelijke partijen.’
Het zijn de woorden die ARP-boegbeeld en toenmalig fractievoorzitter Barend Biesheuvel 14 februari 1968 uitspreekt op tv. Biesheuvel zit naast zijn collega’s Norbert Schmelzer (Katholieke Volkspartij) en Jur Mellema (Christelijk-Historische Unie) en heeft het over de noodzaak tot samenwerking, het overbruggen van onderlinge verschillen.
De ontzuiling en ontkerkelijking zijn op dat moment in volle gang en bij de verkiezingen van 1967 verliest het christelijk blok voor het eerst sinds 1918 de Kamermeerderheid. Het fusietraject zal uiteindelijk twaalf jaar duren tot het CDA in 1980 wordt opgericht.
In de rubriek Toen duiken historici en specialisten van de Volkskrant in het verleden om de actualiteit beter te kunnen begrijpen.
Komende zaterdag is de politiek getuige van de tweede grote fusie, dit keer op links. En net als in de jaren zestig en zeventig is er kritiek: GroenLinks en PvdA zijn te verschillend, de partijculturen onverenigbaar. Maar na de desastreuze verkiezingsuitslag van 2021 is de angst voor politieke marginalisatie de doorslaggevende factor voor de linkse fusie geworden.
Dezelfde mechanismen zien we halverwege de jaren zestig terug bij KVP, ARP en CHU. Het recht op bijzonder onderwijs, de zogeheten Schoolstrijd, had katholieken en protestanten politiek bij elkaar gebracht, maar na de Pacificatie van 1917 zijn de twee zuilen weer ieder hun eigen weg gegaan.
Na de Tweede Wereldoorlog kiest de KVP, met een sterke progressieve vleugel in de gelederen, voor een rooms-rode coalitie (1946-1958) met de PvdA. In diezelfde tijd komen KVP, ARP en CHU erachter dat zij op Europees niveau meer met elkaar gemeen hebben dan met de socialisten of liberalen. In 1953 sluiten zij zich gezamenlijk aan bij de Europese christendemocratische fractie in de voorloper van wat nu het Europees Parlement is. Samenwerking in Nederland is dan nog een brug te ver.
Hoewel het dan in de verkiezingsuitslagen nog niet te zien is, slaat de ontzuiling overal in het dagelijks leven toe. De jongerenbewegingen van KVP en ARP waarschuwen de partijtoppen dat de kiezer emancipeert en de kerk niet langer leidend is in het stemhokje.
De partijtoppen negeren de waarschuwingssignalen van deze christen-radicalen, maar de jongeren krijgen gelijk: in 1967 heeft de ontkerkelijking het stemhokje bereikt. Het christelijk blok verliest de Kamermeerderheid. De verloren verkiezingen zijn voor de partijtoppen een wake-upcall. De progressieve jongeren verlaten de KVP en ARP en richten de Politieke Partij Radikalen (PPR) op, later een van de fusiepartijen die GroenLinks vormen.
KVP’er Piet Steenkamp, die wordt gezien als de belangrijkste architect van het CDA, vindt dat er genoeg gefilosofeerd is over de christelijke samenwerking. In 1966 snijdt de KVP de politieke banden door met de katholieke kerk. De Groep van Achttien – een collectief van ieder zes wijzen uit de KVP, ARP en CHU – onderzoekt wat de gezamenlijke uitgangspunten kunnen worden.
Als in 1972 de verkiezingen opnieuw dramatisch verlopen, is er wat Steenkamp betreft geen seconde meer te verliezen. Kritiek uit de drie bloedgroepen neemt hij voor lief. ‘De honden blaffen, maar de karavaan trekt verder.’
In de nota Op weg naar een verantwoordelijke maatschappij schrijft hij zelf de ideologische geboortepapieren van het CDA. De christendemocratie zou niet gestoeld moeten zijn op kerkelijke dogma’s, maar uitgaan van de universele bijbelse boodschap van gerechtigheid, solidariteit, naastenliefde en rentmeesterschap. Om te concurreren met de PvdA en de VVD moest het een open volkspartij worden, niet exclusief voor christenen.
De eerstvolgende verkiezingen van 1977 is het succes daar: de PvdA wordt met afstand de grootste (53 zetels), maar lijsttrekker Dries van Agt sluit een deal met de VVD en eist het premierschap op. Drie jaar later wordt het CDA officieel opgericht.
De fusie tussen GroenLinks en PvdA is binnen vijf jaar beklonken; ruim twee keer zo snel als bij het CDA. Maar waar de christelijke partijen elkaar voor het eerst in het Europees Parlement vonden, is dat bij Progressief Nederland nog het grootste vraagteken: sluit de fusiepartij zich in Brussel aan bij de Groenen of de sociaaldemocraten?
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant