Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids.
U belegt al vele jaren, met wisselend succes. Het jaar 2022 was een grote teleurstelling. De waarde van uw beleggingspotje daalde met 15 procent. Vervolgens kwam de Belastingdienst met een aanslag over dat jaar. U moest 1,7 procent belasting betalen over de waarde van uw beleggingen aan het begin van 2022. Verlies of niet, de Belastingdienst ging ervan uit dat u 5,5 procent rendement had behaald.
Dat gaat veranderen vanaf 2028. Dan betaal je niet langer belasting op basis van een van tevoren vastgesteld rendement, maar over de winst die je werkelijk hebt gerealiseerd. Maak je verlies, dan hoef je geen vermogensheffing te betalen. Een stuk eerlijker. In andere landen doen ze dat ook zo.
Er is een tweede verbetering aangebracht. Maak je verlies met je beleggingen, dan kun je dat bedrag in het jaar daarop verrekenen met de winst. Er komt wel een aftrekdrempel van 500 euro. Dat wil zeggen dat je bij 5.000 euro verlies in het jaar daarop 4.500 euro kunt aftrekken van het behaalde rendement. Daar staat tegenover dat je over de eerste 1.800 euro aan rendement per jaar niets betaalt. Er is een drempel voor verlies, maar ook een voor winst.
Vanaf 2028 komt er dus vermogensheffing over werkelijk rendement. Dat is eerlijker, maar ook een risico voor de schatkist. Als de koersen van aandelen in een jaar flink dalen, weet het kabinet dat de belastingopbrengsten gaan tegenvallen. Dat effect kan door de mogelijkheid om verliezen te verrekenen in het jaar daarop nog doorsudderen. Anderzijds kunnen in goede jaren de belastingopbrengsten meevallen.
Sommige beleggers vinden het nieuwe stelsel oneerlijk. Zij beleggen voor de lange termijn, bijvoorbeeld voor hun pensioen. Het is niet hun bedoeling om in de tussentijd de winst te incasseren, maar vanaf 2028 moeten zij wel ieder jaar afrekenen met de fiscus over hun papieren winst. Alsof je belasting betaalt over iets waar je geen profijt van hebt. Dat klinkt als een herhaling van wat er in 2022 gebeurde, maar dat is het niet. Je hebt wel profijt, alleen je laat het op de beleggingsrekening staan.
Veel beleggers vonden het oude systeem prima. Zij haalden een gemiddeld rendement van 8 procent per jaar. Bij zulke winst heb je veel voordeel van het rente-op-rente effect, waardoor de oorspronkelijke inleg na lange tijd kan vertienvoudigen. In het nieuwe stelsel roomt de fiscus dat rente-op-rente-effect af, zeggen ze.
Er is een alternatief. Je kunt je geld inleggen op een pensioenrekening. Dan kun je er niet aankomen totdat je met pensioen gaat en je kunt deze inleg zelfs aftrekken van de belasting. Over het vermogen op je pensioenrekening hoef je geen belasting te betalen.
Als je het als pensioen laat uitkeren, betaal je inkomstenbelasting. Voor de duidelijkheid: over de inleg en het rendement samen. Hier roomt de fiscus het rente-op-rente-effect dus ook af.
Je wordt in de toekomst niet te zwaar belast. Als je in één jaar heel veel rendement op je beleggingen haalt, betaal je daar gewoon belasting over. De meeste winst mag je houden.
Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids
Zelf een vraag? Geldvraag@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant