Home

Wetenschappers ontdekken groot walviskerkhof voor kust Australië

Voor de kust van Australië hebben onderzoekers vanuit een onderzeeër een grote hoeveelheid walviskarkassen gevonden, waaronder die van een uitgestorven, nieuwe soort. De vondst is een waardevol archief om de evolutie van walvissen in kaart te brengen.

Op een diepte tussen 4 en 7 kilometer in de zogenoemde Diamantina-zone vonden zij, over een lengte van 1.200 kilometer, vijf walviskarkassen plus bijna vijfhonderd fossielen. De oudste daarvan zijn naar schatting 5,3 miljoen jaar. Onder de fossielen vonden zij ook een onontdekte, reeds uitgestorven soort, die ze de Pterocetus Diamantinae doopten.

De walviskarkassen bleken een hotspot voor tot op heden onbekende soorten slangsterren, botetende wormen en tweekleppigen.

Wetenschappers vermoeden dat er op veel plekken in de diepzee walviskerkhoven zijn, maar het overzicht is beperkt. De zogenaamde ‘walvisvallen’ ontstaan wanneer een walvis op zee sterft en naar de bodem zakt.

Stroming

De walvissen trekken niet bewust naar zo’n kerkhof om te sterven, maar de stroming duwt de levenloze lichamen naar hun laatste rustplaats. Rond het karkas ontstaat dan een nieuw ecosysteem van diepzeeleven. Juist door het gebrek aan voedsel in de diepte kan er rond een walviskarkas een rijke diversiteit aan soorten ontstaan.

De onderzoekers vonden walvisvallen op 2.500 meter dieper dan voorheen, en voor het eerst in de Diamantina-zone. Onder de fossielen waren twee zeldzame soorten spitssnuitdolfijnen (ondanks de naam ook walvisachtigen) die meestal alleen aangespoeld onderzocht kunnen worden.

Door de vondst van Pterocetus Diamantinae en de karkassen van meerdere andere uitgestorven soorten blijkt de diepzee nu een nuttig fossielarchief om de evolutie van walvisachtigen te bestuderen.

Het team maakte in het voorjaar van 2023 met een kleine onderzeeër 32 duiken naar de oceaanvloer. Een camera scande de fossielen, twee grijparmen namen monsters van de walviskarkassen en een slang zoog kleiner fauna op ter analyse. Door middel van een zogeheten strontiumisotoop-analyse werd de leeftijd van de monsters bepaald.

De hoge concentratie van karkassen op deze plek komt door de V-vorm van de trog, denken de onderzoekers. Die zou een stroming veroorzaken die de walvissen naar dezelfde plek stuwt. Bij duiken naar plekken buiten de Diamantina-zone werden geen walviskarkassen gespot.

Nieuwe soorten

‘Dit is een hot topic, omdat walvisvallen ook een rol hebben in de koolstof- en stikstofcyclus’, vertelt walvisexpert Lonneke IJsseldijk van de Universiteit Utrecht (UU). Volgens haar is het onderzoek ‘indrukwekkend’ en laat het ook zien hoeveel er nog te ontdekken valt. ‘Ik denk dat je bij elke duik naar de diepzee een goede kans hebt om nieuwe soorten te vinden.’

Voor hoogleraar oceanografie Erik van Sebille (UU) is het onderzoek ‘inspirerend’ en bewijst het de waarde van de diepzee. ‘De meeste mensen denken dat de diepzee donker en levenloos is en dat er niets beweegt, maar de diepe stroming kan dus zelfs walviskarkassen verslepen’. Ook vindt hij dat de studie laat zien dat we een groot deel van onze eigen planeet eigenlijk nog niet goed in kaart hebben gebracht.

Als dat aan de auteurs van de studie ligt, blijft dat niet lang zo. Ze vermoeden dat bij andere hotspots voor spitssnuitdolfijnen zoals Zuid-Afrika en Spanje ook kerkhoven zouden kunnen liggen. Daar werden met sleepnetvisserij al eerder fossielen gevonden.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next