Home

‘Het ís een grote crisis, sorry dat ik het moet zeggen.’ De IEA-baas verwacht meer schokken voor Europa, als het afhankelijk blijft van energie-import

Energiecrisis Of de energiecrisis uiteindelijk meevalt? Wel nee, zegt IEA-baas Fatih Birol: voor Bangladesh, Pakistan en Nepal is het een hel. „Het is mijn baan om overheden een spiegel voor te houden. Ik hoop dat mensen wakker worden.”

Europa oogt nog relatief rustig. Hoewel de Straat van Hormuz nog altijd is afgesloten, zijn de benzineprijzen weer wat lager dan voorheen, vertrekken de vliegtuigen nog massaal en zijn grote brandstoffentekorten uitgebleven. De maatregel om energie te rantsoeneren, waar het Internationaal Energie Agentschap de afgelopen maanden overheden toe aanspoorde, is nog niet in zicht.

In maart omschreef Fatih Birol, directeur van het Internationaal Energie Agentschap (IEA), de energiecrisis als de grootste ooit. Hij sloeg alarm over naderende schaarste op de internationale energiemarkten. Waren die grote zorgen wel terecht?

Het IEA bewaakt de veilige energievoorziening in de westerse wereld. Het is opgericht na de Jom Kippoer-oorlog en de daaropvolgende energiecrisis in 1973. Inmiddels geldt het IEA als gezaghebbende instantie die overheden adviseert over energiezaken. In maart besloot het IEA, na een spoedoverleg, 400 miljoen vaten olie uit de strategische voorraden van lidstaten op de markt te brengen. Het was de grootste vrijgave sinds de oprichting in 1974. Dat kwam voor Nederland neer op 20 procent van de totale olievoorraad. 

Fatih Birol is deze week in Nederland om in gesprek te gaan met premier Rob Jetten (D66) en klimaatminister Stientje van Veldhoven (D66). In het Amsterdamse filmmuseum Eye spreekt Birol op een conferentie, georganiseerd door AI-spinoff Kraken van de Britse energiegigant Octopus Energy. Vooraf, net uit de trein uit Parijs, heeft hij tijd voor vragen, in een witte ruimte in Eye vol roze en paarse octopusknuffels. 

U waarschuwde voor de grootste oliecrisis ooit. Hoe verklaart u de relatieve kalmte die we nu zien?

„Dit ís de grootste energiecrisis ooit. De oliecrises van 1973 en 1979 kostten de wereld dagelijks 5 miljoen vaten olie. Nu gaat het om 14 miljoen vaten. Tijdens de energiecrisis in 2022 viel in Europa in totaal 75 miljard kubieke meter aardgas weg tot 2030, bij de Iranoorlog gaat het om 120 miljard die wegvalt. Daarbovenop missen we nu essentiële producten zoals helium, kunstmest en plastics door de sluiting van de Straat van Hormuz. 

„U spreekt over een rustige situatie. Dat is nu nog zo voor Europa en de Verenigde Staten, maar in Azië is dat al een ander verhaal.”

Wat merken zij ervan?

„Landen als Bangladesh, Pakistan en Nepal gaan door een hel. In India kunnen mensen niet koken op LPG-gas (vloeibaar gemaakt petroleum gas). Zij zitten in de frontlinie. In die landen is energie op rantsoen, gaan sommige fabrieken maar drie dagen per week open. En Nederland is een exportland. De lagere economische groei daar, gaat uiteindelijk ook voor de Nederlandse economie een probleem worden.”

We kijken naar het verkeerde deel van de wereldbol.

„Precies. Europa is belangrijk, maar niet alles.” 

We zien nu ook enkele effecten in Europa, al is de situatie onvergelijkbaar met die in Azië.

„Ja, bijvoorbeeld schaarste van kerosine. Voor de oorlog in Iran importeerde Europa 75 procent van zijn kerosine uit het Midden-Oosten. Die import viel weg en nu probeert Europa dat tekort op te lossen. Bijvoorbeeld door veel kerosine te importeren uit Nigeria en de VS. Ook hebben grote vliegmaatschappijen zoals KLM en Lufthansa vluchten geschrapt, dat hielp.”

Je kan ook zeggen: Azië vraagt minder, daardoor neemt de krapte op de energiemarkt weer wat af, en gaat de olieprijs ook niet meer door het dak. Op het hoogtepunt in april lag die prijs op 125 dollar, nu ligt hij rond de 90 dollar. Het lijkt dan toch wel mee te vallen?  

„De vraag in Azië is inderdaad gezakt. Maar de olieprijs ligt nog steeds 35 à 40 procent hoger dan voor het begin van de Iran-oorlog. Dat is inderdaad niet hoog genoeg om alle economieën op de wereld extreem te beïnvloeden .” 

Toch gaan ook voor Europa de gevolgen van die „grootste energiecrisis” nog wel komen, volgens Birol, als de Straat van Hormuz niet snel opent. Hij waarschuwt voor eind juni: dan dreigen de internationale oliemarkten in een „rode zone” terecht te komen. 

„We begonnen de oorlog met een overschot aan olie op de markt. Dat houdt een keer op. Stel je voor: je hebt geld op zak en je blijft uitgeven, maar er komt veel minder binnen. We gebruiken onze strategische voorraden elke dag om tegemoet te komen aan de vraag. Het aanbod van olie wordt steeds krapper. Dan staat ook nog de zomer voor de deur, waarin vakantiegangers in Europa en de VS veel energie verbruiken om te reizen.”

Wat gaat Europa daar precies van merken?

„De oorlog zal geleidelijk Europa raken. Geen land is immuun, maar sommige zullen harder geraakt worden dan andere. Voor Europa betekent dat hogere prijzen aan de pomp, inflatie en een stuk slechtere verwachtingen voor economische groei.”

Verwacht u fysieke energietekorten in Europa? Of betalen we vooral een hogere prijs?

„Als de Straat van Hormuz eind juni opent, komen we vrij met een aantal blauwe plekken. Maar als dat niet gebeurt, gaan we een moeilijke tijd tegemoet. Oók Europa. Onze voorraden zijn eindig.”

Vindt u zichzelf, terugkijkend op de afgelopen maanden, niet te pessimistisch in uw uitspraken over de grootste energiecrisis ooit?

„Absoluut niet. Ons verlies door de afgesloten Straat van Hormuz is 14 miljoen vaten per dag. De Verenigde Staten produceren 1 miljoen vaten per dag extra. Brazilië, Kazachstan en Venezuela enkele honderdduizenden vaten per dag extra. China importeert 5 miljoen vaten per dag minder. Het is niet genoeg.

„We geven ook strategische olievoorraden vrij, ongeveer 2,5 miljoen vaten per dag. Maar daarmee zijn we er dus nog steeds niet. Het verlicht de pijn, zoals het nemen van een aspirine, maar het is nog geen geneesmiddel.”

Vreest u geen inflatie van het woord ‘crisis’  – dat mensen denken: het valt wel mee?

„Het ís een grote crisis. Sorry dat ik het moet zeggen. Het is mijn baan om overheden een spiegel voor te houden. Ik hoop dat mensen wakker worden en maatregelen treffen, zoals energiebesparing.”

Waar nog niet héél veel mee gedaan wordt.

Ruim 50 landen zijn ermee aan de slag gegaan. In Azië vooral, maar in Europa helaas veel minder.”

Wat is uw verklaring daarvoor?

„In Europa zien inwoners de noodzaak nog niet. Overheden krijgen hun inwoners nog niet in beweging. Daarvoor moeten de prijzen nog hoger liggen dan nu.”

De hoge energieprijzen lijken, net als na de Russische inval in Oekraïne, een impuls te geven aan hernieuwbare energie. De gedachte daarachter: als landen zelf elektriciteit opwekken met bijvoorbeeld zonnepanelen en windparken, zijn ze minder afhankelijk van olie- en gasstromen uit Rusland, Iran en de VS. Tegelijkertijd zetten sommige landen weer meer in op vervuilend steenkool, in een poging minder afhankelijk te worden van één energie-exporteur. Zo besloot Japan het afschakelen van oude kolencentrales met een jaar uit te stellen. 

Is deze energiecrisis nou iets goeds voor de energietransitie of vertraagt die juist?

„Steeds meer landen begrijpen dat we niet langer volledig kunnen vertrouwen op fossiele import. De twee grote energieslagaders van de wereld, de pijpleiding uit Rusland en de Straat van Hormuz, zijn in slechts vier jaar tijd allebei onderbroken. 

„Voor Europa is elektrificatie de toekomst. Europa gaat nooit meer grootschalige olie- en gasvelden ontdekken. Elektrictiteit is dé manier om energiezekerheid te garanderen. Ik hoop dat dit een wake-up call wordt, net als in 2022. Als Europa afhankelijk blijft van geïmporteerde energie, zal het nog veel schokken te verwerken krijgen.” 

Birol verwacht niet dat kolen een veel grotere rol gaan spelen, omdat de pogingen om meer kolen in te zetten „beperkt” zijn gebleven. 

Europa zit klem tussen twee dominante energie-grootmachten, de VS en China. Zij gebruiken energie steeds vaker als drukmiddel. 

„Europa heeft drie strategische fouten gemaakt. Eén: we zijn te afhankelijk geweest van Rusland. Twee: landen keerden kernenergie de rug toe. Kernenergie zal volgens de huidige berekeningen binnen de komende twintig jaar nog maar goed zijn voor 15 procent van alle energie-opwekking in Europa, dat was begin van deze eeuw 32 procent. En tot slot: de productie van zonnepanelen. Wij waren daarmee de eersten, vijfentwintig jaar geleden gaven Spanje, Italië, Duitsland en Nederland miljarden daaraan uit. Maar na een tijdje lieten we het afweten. In Europa kunnen we ergens enthousiast aan beginnen, maar vergeten we door te zetten. China nam het over en domineert nu de markt.”

Hoe herstellen we dat? Europa is nu zeer afhankelijk van Amerika in fossiele import en van China voor kritieke grondstoffen, nodig in de energietransitie. 

„De wereld van energie is niet een zwart-witfilm, maar heeft verschillende kleuren. Europa moet zijn eigen hernieuwbare energie produceren, nucleaire projecten opstarten en veel extra handelspartners vinden, zoals Noorwegen en Canada. Europa’s belang moet als eerste komen. Ik zie geen probleem in handel met China of de VS zolang we niet te afhankelijk worden van één bepaald land. We moeten onze fout – van Rusland tot het Midden-Oosten – niet herhalen.”

In de reactie op de energiecrisis zien we in Nederland veel aandacht voor het aanleggen van strategische gasreserves. Is dat verstandig?

„Ja, want je kan niet van de ene op de andere dag alles veranderen. De energiesector is een tanker op de oceaan: als je van koers wilt veranderen, kost dat tijd. Maar de tanker moet wel weten weet waar hij heen moet. Het is belangrijk om een duidelijke richting te hebben, en naar mijn mening is dat elektrificeren. In de tussentijd gebruiken wij nog steeds olie en gas.”

Wat betreft de olievoorraden van 32 IEA-leden: is de afgesproken hoeveelheid van drie maanden aan reserves die landen achter de hand moeten houden wel genoeg in crises als deze?

„Ja, want heel veel meer achter de hand houden heeft geen zin. Het is geen geheim dat de landen binnen de IEA verschillende dingen willen. Het was al ingewikkeld om ze unaniem te laten instemmen met de 400 miljoen vaten. ” 

U kent Jetten al en spreekt hem deze week. Heeft u nog advies voor hem?

„Stroomnet, stroomnet, stroomnet. Het uitbreiden daarvan is nodig om meer te kunnen elektrificeren. Het is alsof we prachtige auto’s zijn gaan bouwen, en vergeten zijn wegen aan te leggen. En ik hoop dat hij gaat doen wat hij me als minister vertelde: investeren in kernenergie en verduurzamen zónder de kosten voor inwoners te hoog te laten oplopen.”

Birol maakt zich zorgen over hoe de hoge prijzen een voedingsbodem kunnen zijn voor extreme groeperingen. „Ik zie wat dure kunstmest en diesel op het Franse platteland voor mensen teweegbrengen en vrees dat de politiek de hogere prijzen niet goed aan inwoners kan uitleggen. In een aantal Europese landen komen er verkiezingen aan.”

Los van de energiecrisis leidt óók de verduurzaming soms tot hogere energieprijzen die politici moeten kunnen uitleggen. We lijken hoe dan ook vast te zitten aan dure energie.

„In alle eerlijkheid: er zullen wat problemen op ons pad komen. We gaan prijsstijgingen meemaken. Vasthouden aan fossiele brandstoffen biedt geen uitweg. Tegelijkertijd wordt de energietransitie geen pijnloze overgang.”

CV Fatih Birol

Fatih Birol (1958, Turkije) begon in 1995 als econoom bij het Internationaal Energie Agentschap (IEA). Sinds 2015 geeft hij leiding aan het agentschap in Parijs. Eerder werkte hij bij OPEC, het kartel van olieproducerende en -exporterende landen. Birol behaalde een bachelor in elektrotechniek aan de Technische Universiteit van Istanbul en een master en PhD in energie-economie aan de Technische Universiteit van Wenen. Time heeft de econoom in 2021 en 2026 benoemd als een van de honderd invloedrijkste mensen ter wereld.

Energie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next