Home

Opinie: Een land dat zijn onderwijsgeschiedenis vergeet, verliest meer dan een museum

Eind dit jaar valt het doek voor het Nationaal Onderwijsmuseum. Bestuurders en onderwijsorganisaties roepen de staatssecretaris en de Tweede Kamer op om het museum voorgoed te redden, zodat waardevol historisch erfgoed behouden blijft.

In maart van dit jaar leek het Nationaal Onderwijsmuseum gered. De dreigende stopzetting van de rijkssubsidie werd voorkomen door een amendement vanuit de Tweede Kamer. Maar de feestvreugde was van korte duur. Eind april schreef de staatssecretaris in een brief aan de Kamer dat de financiële dekking in het amendement slechts soelaas bood voor één jaar. Per 2027 valt alsnog het doek. Het Onderwijsmuseum is niet gered, het is uitstel van executie.

Zoals de vlag er nu bij hangt, moet het Onderwijsmuseum de komende maanden het personeel ontslag aanzeggen en wordt de gehele collectie aan het einde van dit jaar ontmanteld. Einde museum? Dat kan en mag niet gebeuren.

Over de auteurs

Lorenzo Civile is voorzitter van het College van Bestuur bij Samen Ambitieus Rotterdams Onderwijs (SARO); Jasmijn Kester is vicevoorzitter van het College van Bestuur bij SARO; Ton Bestebreur is bestuurslid van de Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs (CVO); Melle de Vries is bestuurder bij schoolvereniging GSR; Swen Zuiderwijk is rector-bestuurder bij Montessori Lyceum Rotterdam; Henk Hagoort is voorzitter van de VO-raad.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Geen vanzelfsprekendheid

Onderwijs is dé plek waar we ‘de basis leggen voor een leven in vrijheid en verbondenheid’, aldus het nieuwste regeerakkoord. Dat hoort inderdaad zo te zijn, maar is geen vanzelfsprekendheid. Er zijn perioden dat die vrijheid onderdrukt wordt. Het Nationaal Onderwijsmuseum archiveert en bewaart ook dit collectieve geheugen. Wanneer dit museum verdwijnt is er geen plek meer waar dat verleden toegankelijk is, en daarmee geen gelegenheid meer om ervan te leren.

Het Nationaal Onderwijsmuseum heeft volgens velen de meest toonaangevende onderwijscollectie ter wereld. Zo bewaart het museum bijvoorbeeld ook vele bronnen die laten zien hoe in de Tweede Wereldoorlog de Duitse bezetter het onderwijs stap voor stap probeerde te beïnvloeden. Denk aan schoolboeken, lesmateriaal, overheidsvoorschriften en correspondentie waaruit blijkt hoe het onderwijs werd gelijkgeschakeld, hoe nationaalsocialistische denkbeelden een plek moesten krijgen in het onderwijs en hoe Joodse leerlingen en leerkrachten uiteindelijk werden uitgesloten.

Zulke bronnen maken zichtbaar hoe aantasting van democratische waarden vaak begint met ingrepen in onderwijs en kennisoverdracht. In westerse landen worden – waar we dat niet voor mogelijk hielden – ook nu weer bepaalde boeken uit schoolbibliotheken verwijderd.

Toegankelijk

Juist in een tijd waarin democratische waarden opnieuw onderwerp van debat zijn, is het van onschatbare waarde dat dit stuk Nederlands onderwijsverleden toegankelijk blijft. In 2020 organiseerde het museum naar aanleiding van 75 jaar bevrijding de tentoonstelling Nazipropaganda voor de jeugd, 1933-1945. De parallellen met de actuele ontwikkelingen in menig land zijn er. Zie in dat verband de documentaire Mr. Nobody Against Putin, waarin te zien is hoe een gewone Russische burger en leraar in verzet komt tegen een autoritair systeem.

Deze documentaire maakt vooral indruk door de snelheid waarmee de situatie op zijn school verandert: gewone lessen maken in korte tijd plaats voor politieke propaganda en ideologische sturing. Door de ogen van een filmende docent wordt zichtbaar hoe vrijheid plaatsmaakt voor disciplinering: leerlingen worden onderdeel van een politiek project waarin voor afwijkende meningen geen ruimte is. De parallellen met situaties in de Tweede Wereldoorlog zijn overduidelijk.

Naar aanleiding van de Nationale Herdenking dit jaar verscheen vanuit het Onderwijsmuseum in het onderwijsvakblad Van12tot18 een artikel over de schoolplaat ‘Naar het concentratiekamp’. De Tweede Wereldoorlog veroorzaakte ook in Nederland een ongekende uitbarsting van geweld, racisme en kinderleed, maar verliest helaas steeds meer de functie als ‘moreel ijkpunt’ in het onderwijs.

Aanklacht

Onderwijsillustrator J.H. Isings benadrukte de functie van zijn plaat als volgt: ‘De wonden zijn nog niet genezen […] Alléén de gewonden rouwen.’ Veel Nederlanders, zo ervoer Isings, zagen de oorlog als een gebeurtenis uit een ver, ver verleden. Waarom nog herdenken? Op deze vraag gaf hij een antwoord dat de tijd overstijgt: ‘Niet de eigenlijke oorlog […] doch de vernedering, de smaad, de ontrechting moeten in gedachten blijven leven. Als een aanklacht tegen alle oorlogsverheerlijking.’

Vanuit Rotterdam willen de stichtingen SARO en CVO graag een uniek deel uit het eigen archief overdragen aan het Onderwijsmuseum. Het gaat hierbij onder andere om correspondentie tussen een Rotterdams schoolbestuur en het ministerie van Onderwijs tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ook in die briefwisseling is terug te lezen hoe op instigatie van de bezetter stap voor stap de vrijheid van onderwijs werd beperkt. Eerst het verbieden van bepaalde boeken, vervolgens het verplicht stellen van Duitse taal en geschiedenis, uitlopend op het uitsluiten van Joodse kinderen van het onderwijs. Ook Joodse leerkrachten, ondersteunend personeel, directeuren en bestuurders werden uitgesloten van werkzaamheden.

Waar moeten deze correspondentie en al die andere bronnen straks bewaard en toegankelijk gemaakt worden als het unieke Nationaal Onderwijsmuseum sluit? Zuinig zijn op het verleden en kostbaar erfgoed beschermen is geen luxe die je bij de eerste beste bezuiniging schrapt. Het is pure noodzaak om dit verleden te bewaren en levend te houden.

Daarom nogmaals de oproep aan de staatssecretaris en de Kamer om opnieuw het Onderwijsmuseum te redden. Nu niet voor een jaar, maar voorgoed.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next