Pakistan doet verwoede pogingen om de oorlog tussen de VS en Iran te beëindigen, maar is tegelijkertijd zelf verwikkeld in een eigen gewelddadig conflict. Woensdagochtend voerde het land opnieuw bombardementen uit op buurland Afghanistan.
is correspondent Zuid-Azië voor de Volkskrant
Pakistan krijgt momenteel lof toegezwaaid vanwege zijn pogingen om de Iran-oorlog tot een einde te brengen. Maar woensdag werd opnieuw duidelijk dat de vredestichter niet bang is de wapens te hanteren.
Het land verkeert sinds eind februari in een gewelddadig conflict met buurland Afghanistan. Sinds de Taliban daar in 2021 weer aan de macht zijn, merkt Pakistan dat het aantal terroristische aanslagen op eigen bodem sterk toeneemt. Volgens de Global Terrorism Index was Pakistan afgelopen jaar zelfs het land dat wereldwijd het hardst door terrorisme werd getroffen: er vielen 1.139 doden en 1.595 gewonden.
Het meeste geweld wordt veroorzaakt door de Tehreek-e-Taliban Pakistan (TTP), oftewel de Pakistaanse Taliban. De terreurbeweging, opgericht in 2007, wil de staat omverwerpen en vervangen door een streng islamitisch bewind. De TTP voert aanslagen uit, vooral in de westelijke grensprovincie Khyber-Pakhtunkhwa. De aanslagen zijn afgelopen jaren zienderogen toegenomen.
Volgens Pakistan is dat geen toeval. Het stelt dat de Taliban, die sinds 2021 de macht hebben in Afghanistan, de TTP onderdak bieden. Ook VN-experts constateren dat de TTP ‘aanzienlijke logistieke en operationele steun’ krijgt van de Taliban.
Dat is extra pijnlijk voor Islamabad, want het speelde zelf een belangrijke rol in de opkomst van de Afghaanse Taliban. Sinds hun opkomst in de jaren negentig was Pakistan een belangrijke steunpilaar. Er is veelvuldig bewijs dat inlichtingendienst ISI de Taliban heeft getraind en gefinancierd, hoewel Pakistan dat blijft ontkennen.
Delen van het Pakistaanse veiligheidsapparaat zagen de militante beweging als een strategische bondgenoot tegen aartsvijand India. Maar sinds de terugkeer van de Taliban in Kabul komt die strategie als een boemerang terug. De Pakistaanse Taliban voelen zich gesterkt door de machtswissel in Afghanistan en voeren hun aanvallen steeds verder op.
Pakistan reageert de afgelopen maanden steeds vaker met luchtaanvallen, artilleriebeschietingen en grondgevechten. Er werd dit jaar al twee keer een staakt-het-vuren afgesproken, maar die hielden geen stand. Woensdagochtend bleek het opnieuw raak. Het Pakistaanse leger zou met bombardementen 26 terroristen hebben gedood.
De grote vraag is in hoeverre Pakistan, dat zowel economisch als militair vele malen sterker is dan Afghanistan, ook daadwerkelijk de TTP treft. De VN-missie in Afghanistan constateert dat alleen al in de eerste drie maanden van dit jaar 750 Afghaanse burgers zijn gedood of gewond geraakt door Pakistaans geweld. Volgens de Taliban hebben de Pakistaanse strijdkrachten woensdag minstens dertien burgers gedood, onder wie elf kinderen.
Het Talibanbewind blijft benadrukken dat het geen terrorisme toestaat. Maar Afghanistan kampt met zwak bestuur en poreuze grenzen. Mogelijk speelt niet alleen onvermogen, maar ook onwil mee: de Taliban en de TTP waren jarenlang strijdbroeders.
Zo dreigt Afghanistan opnieuw uit te groeien tot een bron van regionale instabiliteit, ditmaal met Pakistan als voornaamste doelwit. Onder meer China en Turkije hebben bemiddelingspogingen gedaan, tot dusver zonder resultaat. Zolang de machthebbers in Afghanistan de TTP niet volledig breken, of niet willen breken, blijft een duurzame oplossing ver weg.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant