Siem Vromen ging op het eind van zijn studie weer in zijn geboortedorp wonen. Hij hoopt zijn scriptie deze zomer af te ronden en dan ‘iets bij een gemeente of een provincie’ te gaan doen, liefst in een hoekje achter een beeldscherm.
is televisierecensent voor de Volkskrant.
Hoe ben je opgegroeid?
‘Bijna al mijn herinneringen spelen zich af in dit huis, in het Limburgse dorpje Heel. Ik heb fijne ouders, die me goed hebben opgevoed, denk ik. Ze hebben me in elk geval mooie lessen meegegeven: anderen lief behandelen, netjes zijn en verstandig omgaan met geld. Ze hebben me bijvoorbeeld nooit verboden om drugs of alcohol te gebruiken, maar wel altijd gezegd dat ik daar erg mee moest oppassen.’
25 in 26
In de serie 25 in 26 vragen we jongeren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl
Deed je dat ook?
‘Ja. In mijn vriendengroep was wiet roken vroeger best een ding, maar daar deed ik nooit aan mee. Sinds ik volwassen ben, heb ik het wel een paar keer geprobeerd met anderen, maar ik ben nog nooit naar een coffeeshop geweest om iets voor mezelf te kopen.
‘Als het van mijn ouders niet had gemogen, had ik dat soort dingen misschien juist willen uitproberen. Maar die behoefte had ik nu totaal niet. Ik vond het ook helemaal prima om te wachten met drinken tot ik 18 was, terwijl mijn vrienden dat al wel deden.’
Vond je het vervelend om dan als enige nuchter te zijn?
‘Nee, dat vond ik geen probleem. Als er feestjes waren met heel veel mensen, vroeg ik me sowieso altijd al af: wil ik daar echt bij zijn? En meestal wilde ik dat niet.
‘Dat komt vooral doordat ik me sowieso nooit helemaal op mijn gemak voel in grote groepen. Daar raak ik al snel overprikkeld. Dansen doe ik ook niet zomaar uit mezelf, ook daardoor is uitgaan nooit echt mijn ding geweest.
‘Vroeger vond ik dat prima, maar sinds een tijdje denk ik: misschien had ik vaker eropuit moeten gaan met mijn vrienden. Tijdens mijn bachelor geografie, planologie en milieu ben ik in een studentenhuis in Nijmegen gaan wonen. Maar zelfs toen ben ik niet veel mijn kamer uit geweest. Dat was heel comfortabel, maar als ik er achteraf op terugkijk, was het misschien ook een beetje zonde dat ik toen zo weinig heb meegemaakt.’
Wat deed je dan op je kamer?
‘Studeren, en veel gamen. Dat is altijd een hobby van me geweest. Meestal speel ik dan met mijn vrienden games als League of Legends, terwijl we met elkaar bellen. Eigenlijk maakt het me niet uit wat we dan spelen, het gaat er vooral om dat ik zo met mijn vrienden kan kletsen. Nu we studeren zijn we verspreid geraakt door Nederland, dus zo houden we toch contact.’
In wat voor studentenhuis woonde je?
‘In zo’n echt studentencomplex, een flat, met meerdere verdiepingen. Binnen mijn kamertje was dat prima. Maar ik zat op een gang met acht mensen, we deelden wc’s en een keuken. Vooral die keuken was taai, dat was echt verschrikkelijk, zo’n enorme rotzooi. De koelkast was ook altijd overvol, met allemaal producten die over de datum waren.
‘Daarom trok ik me zo veel mogelijk terug op mijn kamer. Daar had ik een combimagnetron en een rijstkoker. Af en toe, als ik een stuk vlees moest bakken op het fornuis, ging ik snel de keuken in. Verder had ik niet veel contact met mijn huisgenoten, behalve de paar keer dat we samen wat gingen drinken.’
Hoe komt het dat je nu weer in Heel woont?
‘Ik had alle vakken van mijn master afgerond en moest alleen nog mijn scriptie schrijven, dus ik hoefde bijna niet meer in Nijmegen te zijn. Het leek me een redelijk idee om hier te wonen en nog even geld te sparen. En de keuken is hier schoon, dus koken is hier ook een stuk leuker.
‘Nu woon ik hier alweer bijna twee jaar. Met die scriptie ben ik nog steeds bezig. Ik heb er zoveel tijd voor vrijgemaakt, maar er komt steeds niet veel van. Het is het laatste stapje dat ik moet zetten om mijn studie af te ronden, maar dat vind ik gewoon heel moeilijk. Ik weet echt niet waarom.
‘Als het een groepsproject was geweest, had ik het allang ingeleverd, omdat ik anders de anderen in de weg had gezeten. Maar blijkbaar vind ik het geen probleem om dat bij mezelf te doen.
‘Ik ga proberen mijn laatste deadline eind augustus te halen. Het idee dat dat misschien niet gaat lukken, is natuurlijk vervelend, maar ik word daar niet ongelukkig van, hoor. Dan heb ik altijd nog een bachelor om op terug te vallen, waarmee ik ook gewoon een baan kan vinden.’
Wat voor werk zou je dan willen doen?
‘Iets bij een gemeente of de provincie. Veel planologen krijgen een baan waarbij ze eindeloos moeten bellen, mailen en dingen regelen. Dat spreekt mij niet aan, de hele tijd wachten tot mensen op je berichten reageren.
‘Maar tijdens mijn stage bij een ingenieursbureau was er ook iemand die vooral werkte met GIS, een programma waarmee je kaarten maakt. Hij zat altijd in precies hetzelfde hoekje van het kantoor, achter zijn computer. Als iemand iets van hem nodig had, stuurden ze hem gewoon een berichtje. Dat lijkt mij ook wel wat.’
Wil je dan in Heel blijven wonen?
‘Het liefst wel, net als mijn zus, die hier ook een eigen huis heeft. Al wordt dat misschien moeilijk, omdat de huizen hier duurder zijn dan in de dorpen eromheen. Hier hebben we namelijk een supermarkt. ’
Wat is er zo leuk aan Heel?
‘Dat dorpse, dat ik altijd bekende gezichten tegenkom. Dat kan ik natuurlijk ook opbouwen in een ander dorp, maar hier ken ik de mensen al. Ik werk al acht jaar bij het Chinese restaurant, hier in het dorp. Als ik een rondje ga hardlopen kom ik altijd wel een vaste gast tegen die me aanmoedigt. Dat is toch leuk?’
Vind je het niet verstikkend dat iedereen elkaar kent?
‘Nou, je ziet wel dat verhalen hier snel rondgaan. Maar over mij wordt nooit gepraat. Ik doe niet zoveel rare dingen, denk ik.’
Is het na al die jaren nog steeds leuk om te werken bij dat Chinese restaurant?
‘Absoluut. Het is leuk met de gasten en ik heb een fijne baas, die waardeert hoe hard ik werk. Dat doet hij zelf namelijk ook. Het is echt een familiebedrijf: zelfs zijn moeder van 65 werkt nog steeds mee, terwijl ze het eigenlijk rustiger aan zou moeten doen.
‘Het enige probleem is dat ik al het eten inmiddels al zo vaak heb gehad. Vroeger vond ik Chinees eten veruit het lekkerst, dat las ik laatst nog in een oud vriendenboekje van mijn zus. Maar nu eet ik het al jarenlang in elk geval elk weekend, en het afgelopen jaar zelfs vijf dagen per week. Ik ben de hele menukaart afgegaan, maar nu ben ik er wel echt een beetje klaar mee.’ Hij schiet in de lach. ‘Misschien krijg ik wel afkickverschijnselen, als ik ooit stop met hier werken.’
Klopt het dat je niet zomaar uit je comfortzone gaat?
‘Ja, dat vind ik wel lastig. Tegen zo’n interview als dit had ik vroeger bijvoorbeeld direct ‘nee’ gezegd. Maar de afgelopen twee jaar probeer ik steeds meer nieuwe dingen, en dan denk ik eigenlijk altijd: oh, toch wel blij dat ik dit heb gedaan.
‘Daar heb ik bewust aan gewerkt, maar het helpt ook dat ik nu vaker afspreek met een goede vriendin van me. Zij is niet van het gamen, dus wij doen samen andere dingen. Dan gaan we schaatsen of winkelen, dingen waarvan ik eerder dacht: dat hoeft van mij niet per se. Maar dan kom ik erachter dat ik het eigenlijk hartstikke leuk vind. Dat soort dingen doe ik dus steeds vaker. Morgen gaan we bijvoorbeeld samen naar Maastricht.’
Ben je momenteel met iemand aan het daten?
‘Nee. Hier in de buurt wonen niet zoveel mensen en ik ben niet de persoon om op een datingapp te gaan. Zoiets moet vanzelf ontstaan, vind ik. Ik heb weleens meegekeken met vrienden op zo’n app, en de meeste meiden daar zijn ook niets voor mij. Ik zie vaak dat die houden van ‘wijnen met de meiden’ en uitgaan en zo. Daar heb ik gewoon niet zo veel mee.’
Met wat voor persoon zie je jezelf wel eindigen?
‘Vroeger had ik gezegd: iemand met dezelfde eigenschappen als ik. Maar door die vriendin, die ervoor zorgt dat ik vaker eropuit ga, heb ik gemerkt dat een tegenpool ook goed voor me kan zijn. Het is fijn om nieuwe dingen te proberen. Maar ik hoop ook dat ze soms gewoon een avondje thuis wil blijven. Natuurlijk zou het leuk zijn als ze ook van gamen houdt, maar dat hoeft zeker niet.’
Siem Vromen wordt op 10 augustus 25.
Woonplaats: Heel
Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘6. Ik kan best een volwassen gesprek hebben met volwassen mensen. Maar met mijn vrienden lach ik nog steeds om domme, kinderachtige dingen.’
Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Nee, niet echt.’
Waar ben je over zeven jaar? ‘In Heel, hopelijk. En ik zou willen dat het dan normaal is om vier dagen per week te werken, zodat niet mijn hele leven om mijn baan draait.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant