Home

Almere geen toeristische potentie? Tineke Fokkens (1949-2026) wist wel beter en begon er een camping

Camping Waterhout was een begrip, met gasten die steeds terugkeerden. Want Tineke Fokkens liet ze zien dat haar stad meer was dan steen en nieuwbouw. ‘Ze was campinghouder, maar meer nog ambassadeur van Almere.’

Toen Tineke Fokkens eind jaren tachtig vertelde dat ze een camping in Almere wilde beginnen, stuitte ze in haar omgeving vooral op ongeloof. Een camping in Almere? Wie zat daar nou op te wachten?

In elk geval de gemeente niet, zegt haar dochter Jeanine. ‘Almere wilde bouwen, bouwen, bouwen. Woningen hadden ze nodig, geen camping.’ Toch bleef Tineke geloven in het belang van toerisme voor de stad. En met succes: na tien jaar kreeg ze eindelijk een vergunning.

De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

In die beginjaren van Almeres eerste camping was de stad niet bepaald een vanzelfsprekende vakantiebestemming. Toch werd het steeds drukker en beet Tineke zich erin vast om iedere gast zo lang mogelijk van Almere te laten genieten. ‘Zijn jullie al bij de Oostvaardersplassen geweest? Almere-Haven gezien? De binnenstad?’

Haar dochter glimlacht: ‘Het mooiste vond ze het als die gasten een nachtje langer bleven, omdat ze moesten toegeven dat Almere meer was dan steen en nieuwbouw. Mijn moeder was campinghouder, maar eigenlijk nog veel meer ambassadeur van Almere.’

Hobbels en kuilen

Tineke Fokkens groeide op in Velp, waar ze in haar middelbareschooltijd haar man Rent ontmoette. Via zijn werk als architect kwamen ze in Almere terecht. Ze werkte er in de peuterspeelzaal en de bibliotheek, werd raadslid en later gedeputeerde, maar op de achtergrond bleef altijd de droom sluimeren van hun eigen camping. En dan het liefst op het Schateiland aan de Noorderplassen, vlak bij het Markermeer.

Het werd een traject vol hobbels en kuilen, maar de camping kwam er. Niet op hun droomlocatie, wel aan het Weerwater, vlak bij de A6. Aanvankelijk was het terrein nog kaal en open, maar Tineke zag al voor zich hoe mooi het kon worden. En ook dat had ze goed ingeschat: camping Waterhout groeide uit tot een begrip, met steeds meer vaste gasten.

Jeanine: ‘En toen viel het besluit: de Floriade kwam naar Almere.’

De camping bevond zich op een deel van het terrein waarop de wereldtuinbouwtentoonstelling moest verrijzen. De gemeente stelde een verhuizing voor. ‘Maar ze hadden met een pitbull te maken’, zegt Jeanine. ‘Mijn moeder had samen met mijn vader alles eigenhandig opgebouwd, alle financiële risico’s genomen. Ze had twee kinderen, maar de camping was eigenlijk haar derde. En die liet ze zich niet afpakken.’

Onteigening

Zeven jaar lang vocht ze tegen de plannen, tot aan de Raad van State toe. Tevergeefs. Op de dag van de onteigening gingen om exact 12 uur ’s middags de hekken dicht en werd de gemeente eigenaar van de grond. De bulldozers heeft ze nooit met eigen ogen willen zien. ‘Die periode heeft enorm veel stress veroorzaakt,’ zegt haar dochter. ‘Ik durf wel te stellen dat ze daar ziek van is geworden.’

De verhuizing bracht uiteindelijk ook iets onverwachts: de camping kwam alsnog op Schateiland terecht, de plek waar Tineke en Rent ooit van hadden gedroomd. Tegelijkertijd zette de Floriade Almere internationaal op de kaart. Buitenlandse media schreven over de natuur, de ruimte en de brede fietspaden van de stad, en dat was merkbaar op de camping. ‘Er zijn weekenden geweest dat 80 procent van de gasten Duits was’, zegt Jeanine.

En zo kreeg Tineke, ironisch genoeg mede dankzij de Floriade, alsnog haar gelijk: Almere bleek inderdaad een toeristische trekpleister te kunnen zijn.

De laatste jaren had ze de camping al overgedragen aan haar kinderen, al bleef ze altijd nauw betrokken. Ze overleed op 13 mei op 77-jarige leeftijd aan de gevolgen van alvleesklierkanker. Een deel van haar as komt in een vogelkooitje bij het terras, net zoals bij haar man gebeurde. ‘Zo kunnen ze toch nog een beetje blijven meekijken’, zegt Jeanine.

Source: Volkskrant

Previous

Next