Jason Bhugwandass | ervaringsdeskundige In een nieuw rapport beschrijft ervaringsdeskundige Jason Bhugwandass dat oud-bewoners van gesloten jeugdzorgafdelingen kampen met ernstige trauma’s en dat sommige zelfs overgingen tot zelfdoding. Erkenning, nazorg of financiële hulp bleven uit volgens Bhugwandass: „Ik geloof helemaal niet meer in de rechtsstaat.”
Jason Bhugwandass: „Er zijn gewoon gewelddadige hulpverleners die nooit op hun gedrag worden aangesproken.”
Jason Bhugwandass was helemaal niet van plan om na twee jaar weer een rapport te schrijven over misstanden in de gesloten jeugdzorg. „Maar niemand anders deed het”, vertelt hij op een ochtend in zijn woonplaats Amsterdam. Nodig is het zeker, vindt hij: „Er is de afgelopen twee jaar niets gedaan om de jongeren te helpen.”
De ervaringsdeskundige (28) publiceerde in 2024 Eenzaam gesloten, een explosief rapport over mishandelingen, langdurige opsluiting en isolatie, vernederingen en zelfs verkrachtingen op de afdelingen Zeer Intensieve Kortdurende Observatie en Stabilisatie (ZIKOS). Sindsdien overleden zeven jongeren die op de ZIKOS hebben gezeten, door zelfmoord, door te stoppen met eten en drinken of door euthanasie. Onder hen 5 van de 51 die hij voor het vorige rapport had gesproken.
Veel anderen hebben zelfmoordpogingen gedaan. Zelf, schrijft Bhugwandass in het nieuwe rapport, dat hij dinsdag publiceert, was hij enkele maanden geleden ook „bijna dood” geweest. „Ook ik draag het trauma van een martelgang in de jeugdzorg. Ook ik worstel met het voortdurend niet gehoord of erkend worden. En ook ik word geteisterd door rouw, omdat mijn vrienden doodgaan.”
De ZIKOS-afdelingen van de gesloten jeugdzorg waar de misstanden zich voordeden, in Harreveld en Zetten, waren bedoeld voor jongeren tussen twaalf en achttien jaar die in een crisis zaten, veroorzaakt door een psychiatrische stoornis. Beide afdelingen werden na het verschijnen van Jasons eerste rapport gesloten.
Maar in het nieuwe rapport, Eenzaam gestorven, beschrijft Bhugwandass dat vrijwel niets is gedaan voor de jongeren die in Harreveld en Zetten verbleven. „Niemand heeft contact opgenomen om te vragen hoe het met ze ging en of ze iets nodig hadden.” Vrijwel alle jongeren uit zijn vorige onderzoek, althans degenen die nog leven, hebben nog steeds zware psychische klachten, als gevolg van trauma. Nog eens driekwart heeft fysieke klachten. Ruim de helft zegt hiervoor „geen passende behandeling” te krijgen.
Een van de geïnterviewden zegt: „Ik heb heel veel nachtmerries, zeker vijf dagen per week gebeurt het dat ik ’s nachts huilend of bezweet, gillend wakker word en dat ik droom dat ik daar dus weer wakker word.” Een ander: „Ik heb deze week al meerdere keren geprobeerd mezelf van het leven te beroven […] Het is ook heel eenzaam. Ik kan gewoon heel moeilijk alleen zijn, want ik heb heel veel stemmen in mijn hoofd.”
Zijn vorige rapport „is geen aanleiding geweest voor erkenning, nazorg of financiële hulp”, stelt Bhugwandass. Intussen werken de meeste betrokken medewerkers nog steeds in de jeugdzorg, terwijl volgens Bhugwandass sprake is geweest van „foltering” volgens de definitie van het Europees Comité ter Preventie van Foltering. Dat overheid en instanties daar niet van willen spreken, is „de zoveelste vorm van onrecht”, aldus het nieuwe rapport.
Zijn aanbevelingen: maak excuses, help de getroffen jongeren, onderzoek doodsoorzaken en geef nabestaanden aandacht. En straf de voormalige medewerkers en maak een gedragscode.
Nabestaanden vertellen in het rapport over hun geliefden. Over Tara bijvoorbeeld: „Gestorven, helemaal alleen in haar kamer, haar kamer waar ze verschrikkelijke herbelevingen had aan de gesloten jeugdzorg. Waar begeleiding haar niet wakker kon maken zonder hartkloppingen in haar keel, omdat ze dacht dat ze nog opgesloten zat. Waar elke deur die dicht ging een paniekaanval triggerde, waar elk hoog geluid haar deed denken aan de alarmpiepers die ze daar droegen. Waar elke keer als ze dacht dat iemand kwaad werd ze in de aanval schoot omdat ze gewend was constant gefixeerd [vastgebonden of opgesloten] te worden. Waar de hel van de isoleercel haar dagelijks achtervolgde.”
„Voor mij is die relatie duidelijk. Dat niet één aangeschreven organisatie dat in mijn onderzoek wil bevestigen, is heel wrang. Ik zeg niet dat de jongeren dood zijn door ZIKOS. Maar dat je als organisatie niet eens kunt zeggen dat de behandeling van invloed is geweest op de uitkomst, vind ik heel triest.”
In zijn rapport vergelijkt Bhugwandass de misstanden met „het geven van pinda’s aan iemand van wie je weet dat die een pinda-allergie heeft”.
„Nee, dat is opnieuw een vorm van ontkenning. Ze zeggen meestal dat geen enkele hulpverlener naar z’n werk gaat om een kind te beschadigen. Nou, zulke medewerkers bestaan wel degelijk. Dat is een pijnlijke conclusie die veel mensen niet durven trekken. En zeggen dat het om een behandeling ging, is ook niet vol te houden. Kinderen slaan, seksueel grensoverschrijdend gedrag en kinderen uitschelden voor kankerhoer, dat valt echt niet onder een behandelmethode.”
„Ik vind het goed dat er excuses worden gemaakt. Daar doen ze trouwens al twee jaar over. Maar in de gehele gesloten jeugdzorg gebeurt gelukkig niet hetzelfde als wat er in de ZIKOS-afdelingen gebeurde. In andere instellingen voor gesloten jeugdzorg worden kinderen niet standaard en zonder enige aanleiding in een isolement gezet, vergelijkbaar met een EBI-gevangenis. Dat is wat ongeveer vijfhonderd kinderen sinds 2012 wel is overkomen. Terwijl ook toen al bekend was dat langdurige isolatie leidt tot onomkeerbare hersenschade.”
Jason Bhugwandass
„Meestal zeggen ze: erkenning. Daarnaast zegt een minderheid dat ze een vorm van behandeling willen, traumatherapie bijvoorbeeld. Er zijn ook jongeren die juist nooit meer een behandeling willen. Daarom pleit ik ook voor financiële compensatie. Want veel jongeren kunnen nooit meer werken. En ze zitten met kosten die veelal niet vergoed worden, zoals een hulphond.
„Er wordt nu gesproken over 12 miljoen euro voor alle jongeren in de gehele gesloten jeugdzorg. Dat zijn tienduizenden kinderen, dus met dat bedrag kun je nauwelijks iets organiseren. Wat ik nog het allerergste vind, is dat er jarenlang veel meer geld beschikbaar was om kinderen gedurende tientallen jaren te traumatiseren dan er nu wordt uitgetrokken om iets van herstel te organiseren.”
„Ik geloof dat dit voor veel kinderen zo is. Kinderen op de ZIKOS-afdelingen hadden daarvoor gemiddeld al zeven keer verkeerde hulp gehad. Er wordt vaak gesproken over moeilijke kinderen. Maar ze zijn ook moeilijk gemáákt. Vooral als gevolg van dwang en repressie.”
„Dat is geen verklaring. Er zijn gewoon gewelddadige hulpverleners die nooit op hun gedrag worden aangesproken, en die nog steeds in de zorg werken. En zelfs als je zou redeneren dat hulpverleners het allemaal goed bedoelen maar crack under pressure, dan ben je als professional niet geschikt, en moet je het veld uit. Ouders die hun kind mishandelen bedoelen het misschien ook goed. Maar van een professional mag je meer verwachten.”
„Ik vraag me na al die jaren weleens af of er ooit iets van rechtvaardigheid komt. Als mijn vorige rapport zelfs leidde tot bezorgdheid bij het VN-comité voor de Rechten van Personen met een Handicap, en er vervolgens nog steeds niets gebeurt, wat is er dan wel nodig? Het enige wat we nog niet hebben gedaan, is een rechtszaak tegen de staat beginnen.
„Maar ik geloof helemaal niet meer in de rechtsstaat. Ik wilde vroeger advocaat of rechter worden. Maar het zijn rechters die hebben ingestemd met schending van onze rechten. Het zijn rechters die hebben ingestemd met de plaatsing op ZIKOS-afdelingen terwijl wij zelf hebben verteld hoe slecht het daar aan toe ging. Dus een rechtszaak tegen de staat, daar begin ik niet aan.”
Jason Bhugwandass met Eenzaam gestorven, het tweede rapport over misstanden in de gesloten jeugdzorg.