Earnest Stewart, technisch directeur van PSV, speelde als zoon van een Amerikaanse militair die in Brabant verzeilde op drie WK’s namens de VS. Hoe kijkt hij naar het komende WK? En hoe staat zijn sport ervoor in zijn land?
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Wat velen niet weten, of gewoon zijn vergeten, is dat technisch directeur Earnest Stewart (57) van PSV 101 interlands speelde voor de Verenigde Staten. Hij deed mee aan drie WK’s, waarvan het eerste in Amerika in 1994; het land waarnaar het toernooi na 32 jaar terugkeert, in samenwerking met Canada en Mexico deze keer.
Het volkslied? ‘Ja, dat deed iets met me.’ Earnest Stewart, zoon van een Amerikaanse militair en een Brabantse moeder, zat tot zijn 12de op een Amerikaanse school op de basis in Volkel. ‘Geregeld zongen we The Star-Spangled Banner. Elke ochtend spraken we de Pledge of Allegiance uit, met de hand op het hart.’ Het gezin woonde in Uden.
Dat diepgewortelde gevoel voor Amerika drong door tot in elke vezel. ‘Ik speelde voor het machtigste land ter wereld. Zo voelde dat. En het is een schitterende vlag. Ik ben ongelooflijk dankbaar voor beide culturen. Ik onderging dat WK als een roes. Ik was jong, had er altijd al van gedroomd om een WK te mogen meemaken en was op dat moment alleen bezig met mijn prestaties. Ik genoot geen moment van het feit dat ik op het grootste toernooi ter wereld aanwezig was.’
Stewart liet als jongeman, op advies van anderen, de Amerikaanse bond per brief weten dat hij de Amerikaanse nationaliteit had. Ze kwamen kijken bij Willem II en selecteerden hem. Zijn vader was geen liefhebber van voetbal. ‘In mijn eerste jaren als kind deed ik alleen Amerikaanse sporten. Softbal, honkbal. Mijn vader speelde vroeger American football in Texas. Ons leven was echt Amerikaans. Mijn vader kwam pas naar voetbal kijken toen ik speelde.’
Stewart was een echte teamspeler. Hij was snel, werkte hard en scoorde veel als rechterspits. Nu is hij technisch directeur, met drie landstitels op rij bij PSV als overtuigend bewijs van kunde. ‘Ik moest hard werken om betaald voetballer te zijn. Dat deed ik met ongelooflijk veel liefde en plezier. Het heeft me gevormd en het bepaalt ook mijn kijk op voetballers. Ik wil een omgeving creëren waarin anderen excelleren. Als ik goed speelde, kwam ik in een roes, alsof alles in goud veranderde. Dat gevoel is onbeschrijfelijk. Als je dat gevoel kwijtraakt, wil je het zo snel mogelijk terug. Daarmee ben ik heel mijn carrière bezig geweest.’
Het is gek dat hij van dat WK in 1994 zo weinig genoot. In 2002, in Zuid-Korea, was dat anders. ‘Ik kon het beter in perspectief gieten en zei bewust tegen mezelf: ik mag er drie meemaken. Het eerste ging in een roes voorbij, tijdens het tweede presteerden we dramatisch, met een slechte sfeer. In mijn beleving was 2002 mooier dan 1994, maar dat heeft meer met mezelf te maken.’
Het WK van 1994 was een spectaculaire reis. De openingswedstrijd tussen Duitsland en Bolivia werd overschaduwd door de jacht op de beroemde Americanfootballspeler O.J. Simpson, verdachte van moord. ‘Dat was een dag voor onze eerste wedstrijd in Detroit tegen Zwitserland, voor het eerst in een overdekt stadion.’ Het immense land zat gekluisterd aan de tv toen de politie de Ford Bronco van Simpson achtervolgde op de snelweg.
Voetbal was toen volop in ontwikkeling in de States. Een fatsoenlijke profcompetitie ontbrak. ‘Voetbal was relatief gezien geen grote sport, maar in aantallen was het dat wel, mede dankzij de immigranten. Wij zagen ons publiek groeien tussen 1990 en 1994. Het was een gekkenhuis, die poulefase.’
Het toernooi was bedoeld om het Amerikaanse voetbal een sprong te laten maken naar professionalisme. De later meest besproken wedstrijd was tegen Colombia, waarin Stewart scoorde en Andres Escobar de nederlaag voor de Colombianen inleidde met een eigen doelpunt. Een tijdje later werd hij vermoord in Medellin, waarbij een relatie met zijn doelpunt waarschijnlijk is.
‘Colombia was een van de favorieten voor de wereldtitel. De ploeg was een tijd ongeslagen en won met 5-0 in Argentinië. The Rose Bowl in Pasadena was een onvoorstelbaar stadion. Daar zaten bijna 100 duizend mensen. Dat was niet te bevatten. Ik heb ook in het oude Wembley gespeeld, maar dat vond ik niks. Op een dinsdag, om acht uur ’s avonds, met regen. En het veld was minder goed dan ze hadden gezegd.’
In Amerika waren de velden geweldig. ‘Bermudagrass is een soort tapijt.’ Hij was alleen nerveus voor het duel met Brazilië in de achtste finales, op 4 juli, de nationale feestdag. ‘Ik was ongekend vroeg wakker en ging wandelen, om mijn kamergenoot niet wakker te maken. Geen idee waarom ik nerveus was. Er was zo veel gesproken: Brazilië, 4th of July. Dit moest Amerika’s dag zijn. Het werd een deceptie.’ De Braziliaan Leonardo kreeg de rode kaart. ‘Maar we hebben misschien één kans gehad. That’s it. Ik denk dat zij bijna de hele wedstrijd balbezit hadden.’
Na het toernooi kreeg de MLS gestalte, een competitie die tegenwoordig groot is gegroeid. Stewart was een tijdlang werkzaam als technisch directeur van Philadelphia Union en ook van de nationale bond. ‘De ontwikkeling is niet normaal hard gegaan. Dat heeft te maken met investeringen van eigenaren in voetbalspecifieke stadions. Ze vonden een niche, in de nieuwe generatie, die wat afstand neemt van met name honkbal en ijshockey.’
American football is een ander verhaal. ‘Ik heb 7,5 jaar in Amerika gewerkt. Hoe groot American football is, is ongekend. Het valt met geen pen te beschrijven. Ik dacht vroeger: voetbal is een mondiale sport en die gaat alles voorbij, maar nee. American football staat op eenzame hoogte. De NBA komt daar niet eens bij in de buurt. Het is een sport voor gladiators en Amerikanen houden daarvan. De hele zondag zit Amerika voor de televisie naar de Red Zone te kijken. Dat begint aan de oostkust en dat gaat de hele dag door, tot de westkust slaapt. En dan hebben universiteiten stadions van 100 duizend man, die vol zitten. De NFL is een ander level.’
De ontwikkeling van het voetbal verliep anders. ‘Er was vroeger een opleiding op universiteiten, maar die stelde niets voor vergeleken met de opleidingen in Europa. Dat was anders bij de vrouwen. Hun opleiding was juist veel verder dan in Europa, vandaar ook al die wereldtitels.’
Hij prijst de MLS, waarin Lionel Messi de laatste jaren de beste speler is. ‘Het is een gesloten competitie, met goede vermarkting. Stadions zitten vol. Nieuwe stadions, alleen voor voetbal. Voorheen was de salary cap (het salarisplafond) heel strikt, nu zijn er zogenoemde dp’s, designated players. Drie spelers die je mag betalen zoveel als je wilt. En dan heb je nog de ‘tamplayers’, die daar een beetje tussenin zitten. Target allocated money. Dat is een apart systeem, een soort monopoly.’
‘De moeilijkheid voor Amerikanen was dat ze zich moesten aanpassen aan Europa. Langzaam gebeurt dat, in salarissen, in de kalender van de competitie. Ze gaan richting Europa, maar wel binnen hun eigen cultuur. Het gesloten systeem geeft eigenaren zekerheid. Promotie en degradatie spelen geen rol. Een eigenaar stopt niet 800 miljoen in een team om een jaar daarop te degraderen.’
De politieke situatie laat hij aan zich voorbijgaan. Hij was in de vorige periode van Donald Trump werkzaam in Amerika. ‘Wat ik destijds doorkreeg van mijn ouders en anderen over Amerika, maakte ik intern totaal niet mee. Het leven was geweldig. Ik heb 4,5 jaar in Chicago gewoond. Waanzinnig. Ik ben opgegroeid in Uden, heb overal gewoond en heb nooit ergens heimwee naar gehad, behalve naar Chicago. Als ik aan Chicago denk, krijg ik gewoon een bepaald gevoel.’
Hij verwacht een succesvol WK. Dure kaartjes? ‘Ik ben niet bang dat stadions niet vol zitten. Het wordt een festijn. Al zullen de problemen na het WK opnieuw blijken. Dat probleem is niet de MLS. Nee, de jeugdopleiding is dramatisch. Jeugdvoetbal is een elitesport. In Amerika zit je gauw aan 5.000 dollar contributie. Voetbal is business. Reizen komt er nog bij. Een trainer zonder diploma verdient gigantisch. Veel talenten ontdek je helemaal niet, omdat ze gewoon op een veldje spelen, waar ze zelf pionnen neerzetten. Ze zitten niet bij een club. Voetbal is simpel. Als je de besten met de besten tegen de besten laat spelen, heb je het helemaal voor elkaar. Maar in Amerika is het anders. Wie het meest betaalt, speelt met degenen die het meest betalen, tegen degenen die het meest betalen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant