Theater Vuur, hijskranen, lichteffecten, stunts: theatergezelschap Vis à Vis levert visueel spektakel in de Carrousel, over een kermisfamilie met Surinaamse wortels. Maar het moment dat het meest beklijft is een ingetogen, poëtisch beeld.
Beeld uit ‘Carrousel’ van Vis à Vis.
Enorme decors. Vuur, hijskranen, lichteffecten, stunts. Denk je theatergezelschap Vis à Vis, dan denk je: visueel spektakel. Bij de nieuwe voorstelling Carrousel, die afgelopen donderdag traditiegetrouw op het terrein naast het Almeerderstrand in Almere in première ging, kun je de hele bingokaart afvinken. Maar het moment in de voorstelling dat het meest beklijft, daarbij komen geen veiligheidstuigjes kijken, geen vuureffecten. Het is een ingetogen, poëtisch beeld. En het raakt echt.
Carrousel door Vis à Vis. Regie en concept: Gerold Guthman. Tekst: Jibbe Willems. Gezien: 4 juni, op het terrein naast het Almeerderstrand, Almere. Aldaar nog te zien t/m 23 augustus. Info: visavis.nl
Carrousel gaat over een kermisfamilie met Surinaamse wortels. De oude Ewald (Ruurt de Maesschalck) runt een draaimolen, die meer dan honderd jaar geleden gebouwd werd door zijn vader (Erwin Boschmans, te zien als geestverschijning). Ewalds wens is dat zijn dochter Frida (Cripta Scheepers) de attractie weer van hem zal overnemen, maar daar denkt ze zelf anders over. Niet alleen heeft ze ambities buiten het kermisvak, ook vertoont de oude carrousel de nodige kuren. Sowieso valt die, met zijn handgemaakte dierfiguren uit metaal, stof en hout, wat uit de toon op het blinkende, flikkerende kermisterrein. Is het niet eens tijd hem af te schrijven?
We zien hoe Ewald alles op alles zet om de molen te redden, alsof het zijn voorouders zelf zijn die hij in bescherming neemt. Zijn oma (Susan Malaika Bailey), die in slavernij werd geboren en na de afschaffing ervan haar zoontje, Ewalds vader, naar de andere kant van de oceaan bracht voor een beter leven, en daar aangekomen in een barak werd ondergebracht achter een hek. Zijn vader zelf die zich later verbeten staande hield in een door racisme getekend Europa.
Hoe eer je je voorgangers, hoe houd je je familiegeschiedenis levend? En ook: hoe ga je je eigen weg, zonder daarmee de inspanningen van je voorouders te verloochenen? Daarover wil Carrousel het hebben. Het is een prachtig thema, en het is geweldig dat dit verhaal over Surinaamse Nederlanders hier wordt ontsloten voor zo’n breed publiek.
Maar dat brede publiek heeft zo zijn verwachtingen, waar Vis à Vis ook aan wil voldoen: vermaak, humor, spektakel. En dat gaat – in ieder geval hier – niet steeds even goed samen met het onderwerp. De tekst van het stuk (Jibbe Willems) blijft vaak wat oppervlakkig. Momenten die als comic relief bedoeld zijn, doen vooral flauw aan. De zwaarte van de verschrikkingen die Frida’s voorouders moesten doorstaan en hoe die zwaarte latere generaties beïnvloedt, wordt wel steeds benoemd. Maar ze is nergens voelbaar.
Carrousel moet het dan ook vooral hebben van de vormgeving (de carrousel is schitterend) en de muziek: het Surinaamse wiegeliedje, gebracht door Malaika Bailey, aan een koord heen en weer zwiepend in de storm; opzwepende Surinaamse ritmes, uitgevoerd door een driekoppige liveband, waar we Boschmans, als door een geest bezeten, op zien dansen.
En, dus: die prachtige, ontroerende visuele vondst tegen het slot van de voorstelling (die concreet beschrijven zou zonde zijn), die zoveel tegelijk vertelt. Hoe het verleden doorleeft. Hoe verhalen door de tijd heen nieuwe vormen kunnen aannemen en zo hun eigen weg kunnen gaan. Hoe het verhaal van deze familie, hoeveel leed er ook mee verbonden is, uiteindelijk een verhaal is van bevrijding.
Beeld uit ‘Carrousel’ van Vis à Vis.